Steeds meer kinderen in de VS krijgen een autismediagnose. Maar volgens artsen wijst dit niet op een ‘epidemie’, zoals recent beweerd is. De stijging komt vooral door betere diagnostiek, bredere criteria en toegenomen bewustzijn.
De afgelopen maanden ontstond in de Verenigde Staten veel discussie over autisme. Dat kwam door uitspraken van federaal gezondheidssecretaris Robert F. Kennedy Jr., die sprak van een “autisme-epidemie” en milieugif aanwees als oorzaak.
Maar volgens artsen is daar geen wetenschappelijk bewijs voor. Kennedy baseerde zijn uitspraken op een nieuw rapport van het Amerikaanse Centrum voor Ziektecontrole (CDC). Daaruit blijkt dat anno 2025 één op de 36 kinderen in de VS een autismediagnose heeft. In 2021 was dat nog één op de 44.
Wat zit achter de stijging?
Volgens David Cutler, arts in de huisartsgeneeskunde, is de stijging geen teken dat er daadwerkelijk meer mensen autisme ontwikkelen. “De definitie van autisme is de afgelopen decennia verbreed,” legt hij uit. Sinds 2013 vallen ook lichtere vormen, zoals het vroegere syndroom van Asperger, onder de verzamelterm autismespectrumstoornis (ASS).
Daardoor krijgen nu ook mensen met minder duidelijke symptomen een officiële diagnose. Bovendien is er sinds 2006 een richtlijn in de VS om kinderen al op 18 en 24 maanden te screenen. Daardoor worden milde vormen van autisme eerder herkend.
Ontwikkelingen in Nederland
Ook in Nederland neemt het aantal autismediagnoses toe. Volgens cijfers van het Nederlands Autisme Register heeft naar schatting 1,2% van de Nederlanders een officiële diagnose ASS. Deze toename weerspiegelt deels dezelfde trend als in de VS: meer bekendheid, bredere criteria en betere diagnostiek.
Om de zorg te verbeteren, publiceerde de Federatie Medisch Specialisten onlangs een nieuwe richtlijn over autismespectrumstoornissen bij kinderen en jongeren. Die biedt professionals aanbevelingen over onder andere diagnostiek, psycho-educatie en vaktherapieën.
De richtlijn sluit aan bij het sociale model van autisme en houdt rekening met het perspectief van jongeren en hun ouders.
Toch is er ook kritiek. De Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA) uit stevige bezwaren tegen de module over vroege interventies. Deze maakt onderscheid tussen ‘klassieke ABA’ (een gedragstherapie die wordt afgeraden vanwege mogelijke schade) en ‘moderne interventies’, maar zonder deze termen duidelijk te definiëren of voorbeelden te geven.
Volgens de NVA is de module daardoor verwarrend voor ouders én zorgverleners. Er wordt verwezen naar positieve resultaten van ‘moderne interventies’, maar zonder onderbouwing. Ook het rapport van het Nederlands Autisme Register zou volgens de richtlijn dit onderscheid maken, terwijl dat niet het geval is.
De NVA benadrukt dat zorg geen risico op schade mag inhouden. Ze roept op tot meer onderzoek én duidelijkheid over welke vormen van vroege interventie effectief én veilig zijn. Handelingsverlegenheid mag nooit een reden zijn om door te gaan met potentieel schadelijke therapieën, stelt de vereniging.
Grotere bekendheid en betere toegang tot zorg
Daarnaast speelt bewustwording een grote rol. Ouders, leraren en artsen zijn alerter geworden. Vooral meisjes en kinderen uit minderheidsgroepen, die vroeger vaak onder de radar bleven, worden nu beter opgemerkt.
Ook het fenomeen ‘diagnostische verschuiving’ draagt bij: waar kinderen met ontwikkelingsproblemen vroeger het etiket leerstoornis kregen, valt die groep nu vaker onder ASS.
Geen bewijs voor een epidemie
Kennedy stelde verder dat autisme “moet” worden veroorzaakt door blootstelling aan milieugif. Hij noemde genetica “minder belangrijk”. Maar dat klopt niet met het huidige onderzoek.
Uit onder meer tweelingstudies blijkt dat erfelijkheid een belangrijke rol speelt. Als één kind autisme heeft, is de kans groot dat een broer of zus dat ook heeft. Wel is er ruimte voor omgevingsinvloeden: een hogere ouderleeftijd, bepaalde chemicaliën en complicaties bij de geboorte kunnen bijdragen aan het risico, aldus Cutler.
De stijging in diagnosestatistieken wijst dus niet op een werkelijke toename van autisme, maar vooral op een betere herkenning ervan. De term ‘epidemie’ past daar niet bij, stellen experts. Autisme komt vaker aan het licht dankzij betere kennis, bredere definities en bewustwording – niet door een mysterieuze nieuwe oorzaak.
Bronnen:
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/26395857/
https://www.autisme.nl/
