Slaapproblemen komen vaak voor bij kinderen, maar lang niet altijd zijn ze een voorbode van psychische klachten. Toch blijkt uit dit langdurige onderzoek dat bepaalde slaapkenmerken wél kunnen wijzen op risico’s. De studie volgde ruim 2000 kinderen uit Zuid-Holland gedurende tientallen jaren. Ouders vulden meerdere keren vragenlijsten in over het gedrag en het slaappatroon van hun kinderen. Rond hun dertigste rapporteerden de deelnemers zelf over hun psychisch welzijn.
Kort slapen voorspelt latere klachten
De opvallendste bevinding: kinderen die volgens hun ouders minder slapen dan hun leeftijdsgenoten, hadden als volwassene een verhoogde kans op angst, depressie én agressief gedrag. De kans op deze problemen was respectievelijk 1,4 tot 1,6 keer groter dan bij kinderen zonder die slaapproblemen. Ook vermoeidheid overdag en moeite met inslapen bleken zwakker, maar nog steeds relevant voor het voorspellen van latere klachten.
Andere slaapproblemen minder belangrijk
Niet alle slaapgerelateerde gedragingen hingen samen met latere psychische problemen. Nachtmerries, veel slapen en praten of lopen in de slaap bleken geen duidelijke risicofactoren. Opmerkelijk genoeg hadden kinderen die ’s nachts spraken of sliepenwandelden zelfs minder kans op aandachtsproblemen later in het leven.
Praktische gevolgen voor zorgverleners
Het onderzoek benadrukt het belang van vragen naar slaap tijdens de kindertijd. Korte slaap kan een eerste signaal zijn van onderliggende kwetsbaarheid. Niet elke vorm van slaapproblemen voorspelt echter ellende. Dat onderscheid helpt artsen en ouders bij het inschatten van risico’s.
Kinderen die structureel minder slapen dan hun leeftijdsgenoten lopen een groter risico op psychische problemen in hun volwassen leven.
Bron: Archives of Pediatrics & Adolescent Medicine, 2008; 162: 330-335
Tieners met overgewicht bewijzen dat calorieënbeperking een mythe is
Een bedwelmd volk: Amerikaanse tieners aan de antipsychotica
