Resveratrol, een stof die onder meer in de schil van blauwe druiven en in rode wijn zit, zou kunnen helpen bij de behandeling van borstkanker die niet meer reageert op hormoontherapie. Dat blijkt uit laboratoriumonderzoek van Italiaanse onderzoekers aan de Universiteit van Calabrië.
Veel borstkankers zijn hormoongevoelig: de tumorcellen groeien onder invloed van het vrouwelijk hormoon oestrogeen. Hormoontherapie, zoals tamoxifen, remt dat effect. Na verloop van tijd worden tumoren echter vaak ongevoelig voor deze behandeling. Daardoor kan de kanker toch verder groeien, wat de behandelmogelijkheden beperkt.
De onderzoekers behandelden borstkankercellen die resistent waren geworden voor hormoontherapie met resveratrol. De stof bleek het groeibevorderende effect van oestrogeen te blokkeren, onder meer doordat de cellen minder oestrogeenreceptoren aanmaakten. Daardoor konden de kankercellen zich minder goed vermenigvuldigen.
Volgens de onderzoekers zou resveratrol in de toekomst een nieuw hulpmiddel kunnen worden naast de bestaande behandelingen van borstkanker. Dat geldt vooral voor vrouwen bij wie hormoontherapie niet meer aanslaat.
Voorzichtigheid is wel geboden. Het onderzoek is gedaan met kankercellen in het laboratorium en niet bij patiënten. Of resveratrol in het lichaam hetzelfde effect heeft, en in welke dosis, moet nog blijken. Daarvoor is klinisch onderzoek bij vrouwen met borstkanker nodig. Meer rode wijn drinken is bovendien geen goed idee. Alcohol verhoogt juist het risico op borstkanker, en een glas wijn bevat maar weinig resveratrol.¹
Bron: FASEB J, 2011; 25: 3695-3707
