Het wetenschappelijke peer-reviewproces, dat gebruikt wordt om onderzoek te valideren, staat juridisch onder druk. In een komende rechtszaak in New York beschuldigt UCLA-neurowetenschapper Lucina Uddin zes grote academische uitgevers, waaronder Elsevier en Springer Nature, van het schenden van antitrustwetten en het belemmeren van wetenschappelijk onderzoek.
De klacht richt zich op praktijken zoals het gebrek aan compensatie voor peer reviewers en het opleggen van beperkingen bij het indienen van manuscripten. Uddin vindt dat dit publicaties vertraagt en klinische doorbraken hindert.
Uitgevers genereerden vorig jaar $10 miljard aan inkomsten uit peer-reviewed tijdschriften. Hoewel de rechtszaak wijst op inefficiënties in het systeem, negeert het de rol van preprint-platforms. Daar worden veel manuscripten al gedeeld, voordat ze officieel zijn beoordeeld.
Ook worden steeds meer gebreken in het peer-reviewproces aan het licht gebracht. Onderzoeken tonen aan dat in reviews vaak eigenbelang speelt, zoals het aanbevelen van citaties van reviewers zelf om hun wetenschappelijke impact te vergroten.
Toch vinden experts als Daniele Fanelli van de London School of Economics dat de integriteit van wetenschappelijk onderzoek langzaam verbetert, mede dankzij de grotere transparantie en educatie over wetenschappelijke ethiek.
