Het tekenen of inkleuren van mandala’s lijkt een positief effect te hebben op het welbevinden van iemand met een psychische stoornis. Maar wetenschappelijk bewijs daarvoor lijkt te ontbreken, stelt een Chinese literatuurstudie. 1 Wat is de herkomst van het therapeutische effect van mandala’s, en hoe kunnen ze worden ingezet?
Het woord mandala komt uit het Sanskriet en betekent ‘magische cirkel’. Cirkels staan vaak voor eenheid en natuurlijke orde, gezien de zon, maan, aarde en andere planeten allemaal rond zijn. Een mandala bevat een geometrisch patroon dat symbolisch de kosmos uitbeeldt.2
We denken bij mandala’s al gauw aan oosterse religies en filosofieën, in het bijzonder aan het Tibetaans Boeddhisme. Tibetaanse monniken gebruiken mandala’s al eeuwenlang bij het mediteren. Je aandacht wordt bij een mandala namelijk als vanzelf naar het midden, het centrum getrokken. Dat zorgt voor focus en geeft rust.2
Maar het was een Europeaan, te weten Carl Gustav Jung, die het tekenen van mandala’s naar het domein van de psychotherapie haalde.1 Jung ontdekte dat veel van zijn patiënten mandala’s (of iets wat daar op leek) tekenden. Hij begon het actief in te zetten in zijn therapieën. Voor hem stond de mandala symbool voor het Zelf, het collectieve onderbewustzijn. Tekenen was een manier om het Zelf in verbinding te brengen met het bewuste, persoonlijke Ik.3
Inmiddels wordt het tekenen of kleuren van mandala’s wereldwijd ingezet als therapie bij psychische problemen of stoornissen. Soms gebeurt dat aanvullend op de reguliere hulpverlening, zoals de medicamenteuze behandeling, en soms vanuit de alternatieve geneeskunde.3 De onderzoekers wilden daarom met hun literatuurstudie nagaan of er in algemene termen conclusies kunnen worden getrokken over de effectiviteit van mandala therapie.
Ze doorzochten daarvoor alle bekende databases als Pubmed, Embase en PsycINFO op onderzoeken naar de inzet van interventies met mandala’s, zowel gestructureerd (inkleuren) als ongestructureerd (zelf tekenen). Ook zochten ze zowel op een individuele aanpak als op groepsbenadering. Ze zochten naar onderzoeken waarin de mandalatherapie werd vergeleken met ‘geen behandeling’, de reguliere behandeling, of een andere, alternatieve behandeling.
Bij de vergelijking werd gelet op subjectieve en objectieve effecten op welbevinden in termen van stress, angst, pijn, hoop, vermoeidheid en depressie. Uitgesloten werden onderzoeken die de effecten van mandala tekenen onderzochten bij mentaal gezonde mensen.
Van de 7084 onderzoeken die naar boven kwamen, bleken er 11 aan de criteria te voldoen. Deze waren zo verschillend qua patiëntengroep, duur van de therapie en meetmethode dat ze onderling niet vergelijkbaar waren. Hoewel de meeste interventies veelbelovend leken, konden de onderzoekers van de literatuurstudie geen algemene uitspraken doen.
Het is daarom onduidelijk hoelang een mandala-therapiesessie moet duren en met welke frequentie die herhaald moet worden om het meest succesvol te zijn. De onderzoekers pleiten voor meer en vooral meer gedegen vervolgonderzoek, om te kunnen vaststellen of mandala’s inzetbaar zijn als therapie bij psychische problemen of stoornissen.
Bronnen:
1 Zhang MQ, Liu X, Huang Y. Does Mandala Art Improve Psychological Well-Being in Patients? A Systematic Review. J Integr Complement Med. 2024 Jan;30(1):25-36.
2 https://nl.wikipedia.org/wiki/Mandala
3 https://www.atpweb.org/jtparchive/trps-37-02-164.pdf
