Volwassenen met matig tot ernstig obstructieve slaapapneu blijken ruim twee keer zo vaak kleine bloedinkjes in de hersenen te ontwikkelen als mensen zonder slaapapneu. Dat laten hersenscans zien van 1.441 middelbare en oudere volwassenen, gevolgd gedurende acht jaar.
Obstructieve slaapapneu is een slaapstoornis waarbij de bovenste luchtweg steeds opnieuw dichtvalt tijdens de slaap. De adem stokt dan kort, het zuurstofgehalte in het bloed daalt en de slaap wordt herhaaldelijk onderbroken. Dat geeft niet alleen snurken en extreme moeheid overdag, maar kan volgens nieuw onderzoek ook het brein beschadigen.
De onderzoekers richtten zich op zogenoemde cerebrale microbloedingen: minuscule bloedinkjes in het hersenweefsel die je alleen op een MRI-onderzoek ziet. Ze geven meestal geen directe klachten, maar gelden als vroege waarschuwing voor schade aan de bloedvaatjes in de hersenen en hangen samen met een hogere kans op beroerte en dementie.
De studie maakte gebruik van gegevens uit een grote Koreaanse bevolkingsstudie. Tussen 2011 en 2014 ondergingen duizenden volwassenen thuis een nachtelijk slaaponderzoek (polysomnografie) en een MRI van de hersenen. Bij 1.441 deelnemers werden deze onderzoeken op drie momenten uitgevoerd: bij de start, na ongeveer vier jaar en na ongeveer acht jaar. Mensen met eerder vastgestelde microbloedingen, een beroerte of andere hart- en vaatziekten werden uitgesloten.
Met het slaaponderzoek werd het gemiddelde aantal ademstops per uur slaap berekend, de zogenoemde apneu-hypopneu-index. Op basis hiervan werden drie groepen gemaakt: geen slaapapneu (812 mensen), milde slaapapneu (436 mensen) en matig tot ernstige slaapapneu (193 mensen; 15 of meer ademstops per uur). Een neuroradioloog, die niet wist in welke groep iemand zat, telde op de MRI’s of er nieuwe microbloedingen waren ontstaan.
Na acht jaar had 3,33% van de deelnemers zonder slaapapneu één of meer nieuwe microbloedingen. In de groep met milde slaapapneu lag dat vrijwel gelijk (3,21%). In de groep met matig tot ernstige slaapapneu was het percentage duidelijk hoger: 7,25%. Na uitgebreide statistische correctie voor leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, lichaamsgewicht, beweging, roken, alcoholgebruik, cholesterol, hoge bloeddruk, suikerziekte en andere hersenafwijkingen bleef het risico in deze zwaarste groep ongeveer verdubbeld (relatief risico 2,14).
Opvallend is dat dit verhoogde risico ook bleef bestaan als de onderzoekers rekening hielden met een bekende erfelijke risicofactor voor de ziekte van Alzheimer en vaatziekten in de hersenen, het APOE-ε4-gen. Het lijkt er dus op dat slaapapneu zelf, en niet alleen erfelijke aanleg, bijdraagt aan het ontstaan van deze kleine bloedinkjes.
Waarom slaapapneu tot microbloedingen leidt, is nog niet precies duidelijk. Waarschijnlijk spelen herhaalde zuurstofdalingen in de nacht, plotselinge bloeddrukpieken en ontstekingsreacties in de vaatwand een rol. Die combinatie kan de kleinste bloedvaatjes in de hersenen kwetsbaar maken, zodat er gemakkelijker kleine lekjes ontstaan.
Het onderzoek heeft grenzen. Alle deelnemers waren van Koreaanse afkomst, waardoor niet zeker is of de resultaten gelijk zijn in andere bevolkingsgroepen. Het aantal gevonden microbloedingen was beperkt en vrijwel altijd ging het om één plek. Ook gebruikten de onderzoekers een minder gevoelige MRI-techniek, waardoor sommige microbloedingen mogelijk niet zijn ontdekt.
Toch wijst dit langdurige onderzoek erop dat onbehandelde, matig tot ernstige slaapapneu een belangrijke, beïnvloedbare risicofactor voor hersenschade kan zijn. Wie langdurig snurkt, ademstops heeft tijdens de slaap of overdag opvallend slaperig blijft, doet er verstandig aan dit met de (huis)arts te bespreken en dit verder te laten onderzoeken. Een slaaponderzoek wordt veelal gewoon thuis uitgevoerd. Voor apneu zijn verschillende behandelmethodes beschikbaar zoals een MRNA-beugel of CPAP-apparaat.
Bron: jamanetwork.com
