Mensen met van nature laag cholesterol hebben minder kans op dementie, blijkt uit nieuw onderzoek. Voor anderen kan het gebruik van cholesterolverlagende middelen, zoals statines, mogelijk hetzelfde beschermende effect hebben. Vroege behandeling lijkt het meeste verschil te maken.
Een internationale groep wetenschappers onderzocht het verband tussen cholesterol en het risico op dementie. Ze gebruikten genetische gegevens van meer dan één miljoen mensen uit grote bevolkingsstudies, waaronder de UK Biobank en de Copenhagen General Population Study.
De onderzoekers richtten zich op zes genetische varianten die het cholesterolgehalte beïnvloeden: HMGCR, NPC1L1, PCSK9, ANGPTL4, LPL en CETP. Deze genen coderen voor eiwitten waarop de meest gebruikte cholesterolverlagers aangrijpen, zoals statines (gericht op HMGCR) en ezetimibe (gericht op NPC1L1).
Door middel van Mendeliaanse randomisatie – een methode die genetische variaties gebruikt om oorzaak en gevolg te onderzoeken – ontdekten de onderzoekers dat mensen met deze genvarianten een duidelijk lager risico op dementie hebben.
Risicovermindering tot 80 procent
De studie, gepubliceerd in Alzheimer’s & Dementia: The Journal of the Alzheimer’s Association, laat zien dat een kleine daling van het cholesterolgehalte al grote effecten kan hebben. Een verlaging van slechts 1 millimol per liter in het bloed bleek het risico op dementie met wel 80 procent te verminderen, afhankelijk van het betrokken gen of geneesmiddel.
Omdat genetische eigenschappen vanaf de geboorte aanwezig zijn, wijst dit volgens de onderzoekers op een groot preventief potentieel. Vroeg in het leven cholesterol verlagen, kan de kans op hersenschade op latere leeftijd mogelijk sterk verkleinen.
Mogelijke verklaring voor het effect
Het is nog niet helemaal duidelijk hoe cholesterol het ontstaan van dementie beïnvloedt. Wel zijn er enkele vermoedelijke mechanismen:
-
Verhoogd cholesterol kan leiden tot aderverkalking in hersenvaten, waardoor de doorbloeding vermindert.
-
Cholesterol speelt een rol bij ontsteking en oxidatieve stress, processen die hersencellen kunnen beschadigen.
-
Een verstoord cholesterolmetabolisme in de hersenen kan de afbraak van schadelijke eiwitten, zoals amyloïde, bemoeilijken.
Deze factoren samen kunnen bijdragen aan hersenveroudering en cognitieve achteruitgang.
Meer dan hartgezondheid
Het onderzoek benadrukt dat het beheersen van cholesterol niet alleen belangrijk is voor hart en bloedvaten, maar ook voor de hersenen. Een gezonde leefstijl, voldoende beweging en het tijdig behandelen van hoge cholesterolwaarden kunnen op termijn helpen om het risico op dementie te verkleinen.
De onderzoekers benadrukken wel dat de resultaten nog geen direct bewijs vormen voor behandeling. Vervolgonderzoek moet uitwijzen of langdurig gebruik van statines of vergelijkbare middelen daadwerkelijk het ontstaan van dementie kan voorkomen.
Het verlagen van cholesterol lijkt niet alleen goed voor het hart, maar mogelijk ook voor het hoofd. Vroege preventie zou daarmee een sleutel kunnen worden in de strijd tegen dementie.
Bron:
