Uit nieuw onderzoek blijkt dat de armpositie tijdens bloeddrukmetingen kan leiden tot te hoge waardes, wat het risico op een verkeerde diagnose van de bloeddruk verhoogt. Vooral een arm op de schoot of hangend langs het lichaam zorgt voor onnauwkeurige metingen, aldus Johns Hopkins Medicine.
Wetenschappers van Johns Hopkins Medicine ontdekten dat verschillende armposities tijdens bloeddrukmetingen de resultaten sterk beïnvloeden. Zo bleek een bloeddrukmeting met de arm op de schoot de systolische druk – de bovendruk – gemiddeld met 4 mmHg te overschatten, terwijl een arm die los naast het lichaam hangt, de bovendruk met ongeveer 7 mmHg kan verhogen. Het onderzoek werd gepubliceerd op 7 oktober in JAMA Internal Medicine.
Bij dit onderzoek werden 133 volwassenen van 18 tot 80 jaar getest in drie verschillende armposities: arm op een tafel, arm op de schoot, en een loshangende arm. De standaardrichtlijnen adviseren de arm te ondersteunen op een tafel ter hoogte van het hart voor de meest nauwkeurige metingen. In de praktijk echter worden deze richtlijnen vaak niet gevolgd met het risico dat patiënten een verkeerde diagnose van hoge bloeddruk krijgen.
Het correct meten van de bloeddruk is cruciaal, omdat hoge bloeddruk, vaak zonder duidelijke symptomen, het risico op ernstige hart- en vaatziekten verhoogt. De huidige richtlijnen voor een correcte meting van de bloeddruk benadrukken het gebruik van een juiste armpositie, een geschikte bloeddrukmanchet en goede rug- en voetsupport. De onderzoekers van Johns Hopkins benadrukken dat patiënten zich bewust moeten zijn van deze meetrichtlijnen en ervoor moeten zorgen dat hun bloeddruk ook thuis op de juiste manier wordt gemeten.
De resultaten zijn komen voort uit metingen met automatische bloeddrukmeters. Deze impliceren wel dat zorgverleners meer aandacht moeten besteden aan de juiste armpositie tijdens bloeddrukmetingen.
Bron:
