04-05-2026

Minder jongeren in jeugdzorg

Het aantal jongeren dat jeugdzorg ontvangt is in 2025 licht gedaald. Volgens nieuwe cijfers gaat het om 477.000 jongeren, 2,8 procent minder dan een jaar eerder. Vooral jeugdhulp en jeugdbescherming namen af, terwijl jeugdreclassering juist vaker voorkomt.

Voor het eerst sinds 2015, afgezien van het coronajaar 2020, is er weer een daling zichtbaar. In 2015 kregen gemeenten de verantwoordelijkheid voor jeugdzorg en begon het Centraal Bureau voor de Statistiek met het systematisch verzamelen van gegevens. De recente cijfers wijzen op een mogelijke verandering in het gebruik van zorg, al blijft voorzichtigheid nodig bij de interpretatie.

In totaal kreeg 10,8 procent van alle jongeren tot 23 jaar in Nederland jeugdzorg in 2025. Deze zorg bestaat uit drie vormen: jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Jeugdhulp komt het vaakst voor en richt zich op ondersteuning bij psychische klachten of problemen in de opvoeding. Jeugdbescherming wordt ingezet wanneer de veiligheid van een kind in het geding is. Jeugdreclassering is bedoeld voor jongeren die in aanraking zijn gekomen met politie of leerplicht.

De afname zit vooral bij jeugdhulp en jeugdbescherming. Zo ontvingen bijna 33.000 jongeren jeugdbescherming, een daling van 3,3 procent ten opzichte van een jaar eerder. Tegelijk steeg het aantal jongeren in de jeugdreclassering naar bijna 9.000, een toename van 4,5 procent. Deze stijging kan wijzen op veranderingen in gedrag, toezicht of handhaving, maar de precieze oorzaak blijft onduidelijk.

Jeugdhulp komt vooral voor bij jongeren tussen 12 en 18 jaar. Meiden in deze leeftijdsgroep maken iets vaker gebruik van hulp dan jongens. In jongere groepen is dat beeld omgekeerd en zijn jongens juist vaker in beeld bij hulpverleners. Jongeren van 18 jaar en ouder vormen met 3,2 procent een relatief kleine groep binnen de jeugdzorg.

Opvallend is ook een verschuiving in wie jongeren doorverwijst naar jeugdhulp. Huisartsen verwezen in 2025 bijna 97.000 jongeren door, goed voor 33,5 procent van alle trajecten. Dat aandeel lag in 2021 nog op 38 procent. Tegelijkertijd nam het aandeel verwijzingen door gemeenten toe tot 33,3 procent. Dit suggereert dat gemeenten steeds meer invloed krijgen op de toegang tot zorg.

Door deze ontwikkeling ontstaan grotere verschillen tussen gemeenten. De ene gemeente zet sneller hulp in dan de andere. Dat kan te maken hebben met beleid, beschikbare middelen of lokale keuzes in ondersteuning.

De cijfers roepen vragen op over toegankelijkheid en kwaliteit van zorg. Een daling kan positief lijken, maar kan ook betekenen dat jongeren minder snel hulp krijgen. Tegelijkertijd kan een betere organisatie van lichte ondersteuning ervoor zorgen dat zware zorg minder vaak nodig is.

De ontwikkeling onderstreept het belang van goede samenwerking tussen huisartsen, gemeenten en zorgaanbieders. Alleen zo kan passende hulp op tijd worden geboden en kan zwaardere zorg mogelijk worden voorkomen.

Het blijft belangrijk om deze trends te volgen en te onderzoeken wat ze betekenen voor jongeren en gezinnen.

Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2026/18/minder-jongeren-met-jeugdzorg-in-2025

Uit dezelfde categorie

Geen Resultaten Gevonden

De pagina die je hebt opgevraagd, kon niet worden gevonden. Probeer je zoekopdracht te verfijnen of gebruik de navigatie hierboven om het bericht te vinden.

No results found.

Het laatste nieuws

Neem je gezondheid in eigen hand

Word abonnee