Een bekend medicijn tegen bipolaire stoornis kan mogelijk ook helpen bij de ziekte van Alzheimer. Volgens een nieuwe studie heeft lithium in lage doseringen beschermende effecten op hersencellen en zou het de voortgang van de ziekte kunnen vertragen. Onderzoekers pleiten daarom voor uitgebreid klinisch vervolgonderzoek.
De ziekte van Alzheimer treft wereldwijd naar schatting 32 miljoen mensen. Verwacht wordt dat dit aantal tegen 2050 stijgt tot 152 miljoen. Ondanks recente ontwikkelingen bestaan er nog altijd geen geneesmiddelen die de ziekte kunnen genezen. Beschikbare behandelingen kunnen hooguit bepaalde symptomen verlichten of de achteruitgang in een vroeg stadium enigszins afremmen.
In een nieuwe publicatie in JAMA Psychiatry onderzoeken wetenschappers daarom een opvallende kandidaat: lithium. Dit middel wordt al tientallen jaren gebruikt voor de behandeling van mensen met een bipolaire stoornis. Volgens de onderzoekers beschikt lithium echter ook over eigenschappen die hersencellen kunnen beschermen.
De belangstelling richt zich vooral op lage doseringen. Traditionele lithiumbehandelingen vereisen hogere doses, die bij oudere mensen soms bijwerkingen kunnen veroorzaken, zoals problemen met de nierfunctie of schildklier. Uit onderzoek van de afgelopen 25 jaar blijkt echter dat veel gunstige effecten mogelijk ook optreden bij aanzienlijk lagere doseringen.
De onderzoekers beschrijven lithium niet alleen als een stemmingsstabilisator, maar ook als een middel dat zogenoemde neuroprogressie kan tegengaan. Neuroprogressie verwijst naar de geleidelijke achteruitgang van hersenstructuren en hersenfuncties. Bij de ziekte van Alzheimer leidt dit proces uiteindelijk tot geheugenverlies, cognitieve achteruitgang en verlies van zelfstandigheid.
Lithium lijkt verschillende biologische processen tegelijk te beïnvloeden. Het stimuleert onder meer de aanmaak van hersenbeschermende stoffen, ondersteunt de energievoorziening van zenuwcellen en remt schadelijke enzymen die betrokken zijn bij neurodegeneratie. Neurodegeneratie betekent het geleidelijk afsterven van zenuwcellen in de hersenen.
Daarnaast wijzen eerdere onderzoeken erop dat lithium mogelijk invloed heeft op tau-eiwitten. Deze eiwitten spelen een belangrijke rol bij de vorming van afwijkende ophopingen in de hersenen van mensen met de ziekte van Alzheimer. Ook zou het middel ontstekingsprocessen en oxidatieve stress kunnen verminderen. Oxidatieve stress ontstaat wanneer schadelijke moleculen cellen beschadigen.
Onafhankelijke deskundigen noemen de bevindingen veelbelovend. Zij wijzen erop dat lithium meerdere ziekteprocessen tegelijk lijkt aan te pakken. Dat is belangrijk omdat de ziekte van Alzheimer niet door één enkele oorzaak ontstaat, maar het gevolg is van een complex samenspel van biologische veranderingen.
Tegelijkertijd benadrukken experts dat de huidige studie vooral een overzicht biedt van bestaand onderzoek. Er is nog geen overtuigend bewijs dat lage doses lithium daadwerkelijk de ziekte van Alzheimer kunnen voorkomen of behandelen. Daarvoor zijn grootschalige klinische onderzoeken noodzakelijk.
Een voordeel van lithium is dat het middel al tientallen jaren wordt gebruikt. Daardoor zijn de werking, veiligheid en mogelijke bijwerkingen goed bekend. Bovendien is het relatief goedkoop en wereldwijd beschikbaar, wat een eventuele toekomstige toepassing toegankelijk kan maken.
De onderzoekers hopen dat de resultaten leiden tot nieuwe studies die kunnen vaststellen of lage doses lithium daadwerkelijk een plaats verdienen in de behandeling van de ziekte van Alzheimer. Voorlopig blijft voorzichtigheid geboden en wordt mensen afgeraden om zonder medisch toezicht lithium te gebruiken.
Bron:
https://jamanetwork.com/journals/jamapsychiatry/fullarticle/2850078
