Wereldwijd leven ongeveer 32 miljoen mensen met de ziekte van Alzheimer, een vorm van dementie die geheugen en begrip aantast. Het voorspellen wie de ziekte ontwikkelt is nog lastig, maar eerdere studies suggereren dat gezonde leefstijlkeuzes mogelijk de kans kunnen verkleinen. Denk aan voldoende beweging, een hersenvriendelijk dieet, stressbeheersing en cognitieve stimulatie.
Nieuw onderzoek, gepubliceerd in Neurology, richt zich op de rol van levenslang leren. Hierbij gaat het om activiteiten zoals lezen, schrijven en het leren van nieuwe talen. De studie volgde bijna 2.000 deelnemers met een gemiddelde leeftijd van 80 jaar, die bij aanvang geen dementie hadden. Ze vulden vragenlijsten in over hun cognitieve activiteiten op jonge leeftijd, op middelbare en op oudere leeftijd.
Vragen gingen onder meer over toegang tot boeken, kranten, tijdschriften, het leren van vreemde talen, schrijven, spelletjes doen en het bezoeken van musea of bibliotheken. Onderzoekers wilden zo inzicht krijgen in hoe cognitieve verrijking gedurende het hele leven de kans op alzheimer beïnvloedt.
De studie liet zien dat deelnemers met de meeste cognitieve verrijking alzheimer gemiddeld vijf jaar later en milde cognitieve achteruitgang zeven jaar later ontwikkelden, vergeleken met de minst actieve deelnemers. Bovendien had deze groep een 38% lager risico op alzheimer en 36% lager risico op milde cognitieve achteruitgang.
De onderzoekers benadrukken dat langdurige mentale stimulering gedurende het hele leven meer effect kan hebben op latere cognitieve gezondheid dan kortdurende inspanningen op oudere leeftijd. De resultaten wijzen erop dat al vroeg in het leven toegang tot boeken, educatieve middelen en stimulerende activiteiten bijdraagt aan cognitieve veerkracht op latere leeftijd.
Specialisten wijzen erop dat deze bevindingen niet bewijzen dat levenslang leren alzheimer volledig voorkomt. Toch kan het vertragen van cognitieve klachten met enkele jaren een groot verschil maken in zelfstandigheid en levenskwaliteit. Bovendien levert een cognitief actieve leefstijl vaak extra voordelen op, zoals betere hart- en vaatgezondheid, stemming en sociale betrokkenheid.
Toekomstig onderzoek moet nagaan welke activiteiten het meest effectief zijn en op welke leeftijd ze het meeste verschil maken. Ook is het belangrijk om diverse bevolkingsgroepen te betrekken, zodat de bevindingen breed toepasbaar zijn.
Bron: www.neurology.org
