Bijna een miljoen Nederlanders zoekt huisarts of heeft er geen
Nederland kampt met een structureel tekort aan huisartsen, en dat zal de komende jaren alleen maar groter worden. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de Algemene Rekenkamer. Volgens de onderzoekers heeft 1 op de 20 Nederlanders geen huisarts of is op zoek naar een andere. Tegelijkertijd heeft 60% van de praktijken een patiëntenstop.
De beschikbaarheid van huisartsenzorg staat onder druk. Terwijl het aantal huisartsen in Nederland de afgelopen 25 jaar groeide van 8.600 naar 14.300, daalde het aandeel praktijkhouders. Steeds meer artsen kiezen voor werken in loondienst of als tijdelijke waarnemer. Dat is problematisch, want zonder praktijkhouders zijn er geen praktijken om patiënten in te schrijven.
De cijfers uit het rapport spreken boekdelen: tussen de 45.000 en 194.000 mensen hebben helemaal geen huisarts. Daarbovenop zijn er zo’n 732.000 mensen die wel ingeschreven staan, maar op zoek zijn naar een andere huisarts, bijvoorbeeld door verhuizing of ontevredenheid. Vooral in regio’s met een snel vergrijzende bevolking is de situatie nijpend.
Niet alleen het aanbod van huisartsen krimpt, ook de vraag groeit. Door vergrijzing, snellere ziekenhuisontslag en de verschuiving van zorg naar de eerste lijn stijgt de zorgdruk. In 2023 had een Nederlander gemiddeld 5,7 keer contact met de huisarts – een stijging van 16% ten opzichte van 2014.
De arbeidsmarktprognoses zijn somber. Het huidige tekort wordt geschat op 8% en de verwachting is dat dit oploopt naar 16% in 2034. Vooral het aantal artsen dat de huisartsopleiding volgt, blijft achter. Ondanks beschikbare opleidingsplekken, melden zich onvoldoende nieuwe kandidaten aan. Tegelijkertijd stromen veel huisartsen voortijdig uit vanwege de hoge werkdruk.
De minister van Volksgezondheid ziet de ernst van de situatie, maar erkent beperkte invloed op het tekort. De focus ligt op het stimuleren van praktijkhouderschap en het verbeteren van werk-privébalans. Ook wordt ingezet op het programma “Meer tijd voor de patiënt”, dat artsen moet ontlasten en de kwaliteit van zorg moet verhogen. Structurele oplossingen blijven voorlopig echter uit.
Zonder stevig ingrijpen dreigt een situatie waarin steeds meer mensen geen toegang hebben tot basale zorg in de buurt. De oproep aan politiek en zorginstellingen is duidelijk: maak het vak aantrekkelijker, investeer in opleiding en zorg voor voldoende huisartsen die zich langdurig willen binden aan hun patiënten.
Bronnen:
