Nieuw onderzoek van het UMCG en de Rijksuniversiteit Groningen laat zien dat sociaaleconomische gezondheidsverschillen al ontstaan in de vroege volwassenheid, nog voordat mensen chronische ziekten ontwikkelen. De studie is gebaseerd op gegevens uit het grootschalige Lifelines-cohortonderzoek en werd eind vorig jaar gepubliceerd in The Journal of Human Resources. De bevindingen onderstrepen dat ongelijkheid in gezondheid diep verankerd is in sociale en economische omstandigheden en zich biologisch al op jonge leeftijd vertaalt.
In tegenstelling tot veel eerder onderzoek, dat vooral kijkt naar zelfgerapporteerde gezondheid of ziekte-uitkomsten, gebruikten de onderzoekers objectieve biologische metingen. Met behulp van herhaalde metingen van onder andere bloeddruk, cholesterol en glucose werd een zogenoemde allostatic load-index samengesteld. Deze index weerspiegelt de cumulatieve biologische belasting die ontstaat wanneer het lichaam langdurig wordt blootgesteld aan stress en ongunstige omstandigheden. Uit de analyses blijkt dat mensen met een lagere sociaaleconomische positie al vanaf hun twintiger jaren een hogere biologische stressbelasting hebben dan mensen met een hogere opleiding of inkomen.
De verschillen nemen vervolgens geleidelijk toe naarmate mensen ouder worden. Op middelbare leeftijd zijn de verschillen duidelijk zichtbaar in indicatoren voor hart- en vaatgezondheid en ontstekingsprocessen. Leefstijlfactoren zoals roken, alcoholgebruik en lichamelijke activiteit verklaren een deel van deze verschillen, maar niet alles. Ook wanneer hiervoor wordt gecorrigeerd, blijven de sociaaleconomische verschillen bestaan. Dit wijst erop dat structurele factoren, zoals werkstress, financiële onzekerheid en langdurige blootstelling aan ongunstige leef- en werkomstandigheden, een belangrijke rol spelen.
Volgens de onderzoekers heeft dit belangrijke implicaties voor preventie en beleid. Omdat de biologische signalen van ongelijkheid al vroeg in het leven zichtbaar zijn, is het onvoldoende om pas in te grijpen wanneer ziekte zich manifesteert. Effectieve preventie vraagt om een bredere aanpak die niet alleen inzet op individuele leefstijl, maar ook op het verbeteren van sociale en economische omstandigheden. Het Lifelines-onderzoek, waarin meer dan 167.000 deelnemers uit Noord-Nederland langdurig worden gevolgd, biedt daarbij een unieke basis om te begrijpen hoe gezondheid zich ontwikkelt over de levensloop en waar kansen liggen om gezondheidsverschillen te verkleinen.
Bron
Lifetime Trajectories and Drivers of Socioeconomic Health Disparities | Journal of Human Resources
