Depressieve klachten verhogen dementierisico

Depressieve klachten op middelbare leeftijd kunnen het risico op dementie tientallen jaren later verhogen. Nieuw onderzoek laat zien dat vooral zes specifieke symptomen samenhangen met een duidelijk verhoogde kans, oplopend tot bijna vijftig procent bij twee ervan.

In 2021 leefden wereldwijd ongeveer 57 miljoen mensen met dementie. Deze verzamelnaam omvat aandoeningen zoals de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie. Ze tasten geheugen, denken en dagelijks functioneren aan. De precieze oorzaak is nog onbekend. Wel weten onderzoekers dat meerdere factoren meespelen, zoals erfelijkheid, leefstijl en bepaalde ziekten. Depressie op middelbare leeftijd geldt al langer als een mogelijke risicofactor.

Nieuw onderzoek, gepubliceerd in The Lancet Psychiatry, werpt nu meer licht op dit verband. Het laat zien dat niet depressie als geheel, maar vooral een beperkt aantal specifieke symptomen bepalend lijkt voor het latere dementierisico. De onderzoekers analyseerden gegevens van ruim 5.800 deelnemers uit de Britse Whitehall II-studie. Deze langlopende studie startte in 1985 en volgt ambtenaren gedurende hun leven. De gemiddelde leeftijd van de deelnemers was 55 jaar. Tussen 1997 en 1999 werden hun depressieve klachten in kaart gebracht. Daarna volgden de onderzoekers hun gezondheid nog eens 25 jaar.

Aan het einde van die periode bleek dat deelnemers met vijf of meer depressieve symptomen op middelbare leeftijd een 27 procent hogere kans hadden op dementie. Bij nadere analyse bleek dat dit verhoogde risico vooral werd verklaard door zes specifieke klachten. Het ging om moeite met concentreren, verlies van zelfvertrouwen, zich voortdurend nerveus of gespannen voelen, problemen niet aankunnen, minder warmte en genegenheid voelen voor anderen en ontevreden zijn over de manier waarop taken worden uitgevoerd. Andere veelvoorkomende klachten, zoals somberheid of slaapproblemen, bleken geen duidelijke relatie te hebben met dementie.

Twee symptomen sprongen er extra uit. Verlies van zelfvertrouwen en moeite hebben met omgaan met problemen hingen samen met een bijna 50 procent hogere kans op dementie. Dat suggereert dat juist deze klachten vroege signalen kunnen zijn van veranderingen in de hersenen, lang voordat er sprake is van duidelijke geheugenproblemen. Volgens de onderzoekers kan dit verklaren waarom eerdere studies wisselende resultaten lieten zien. Vaak werd depressie gezien als een alles-of-niets-diagnose. Door te kijken naar afzonderlijke symptomen ontstaat een genuanceerder beeld. Niet iedereen met een depressie loopt automatisch een verhoogd risico.

Ook artsen die niet bij het onderzoek betrokken waren, benadrukken het belang van deze bevindingen. Zij wijzen erop dat klachten als concentratieproblemen en verminderde sociale verbondenheid mogelijk wijzen op veranderingen in hersennetwerken. Dat onderstreept de nauwe samenhang tussen mentale gezondheid en hersengezondheid.

Tegelijkertijd is voorzichtigheid geboden. De deelnemersgroep bestond vooral uit een relatief homogene bevolking. Verder onderzoek in andere landen en bevolkingsgroepen is nodig. Ook is nog onduidelijk of het gericht behandelen van deze specifieke symptomen het dementierisico daadwerkelijk kan verlagen.

De resultaten laten in elk geval zien dat aandacht voor mentale klachten op middelbare leeftijd belangrijk kan zijn voor de gezondheid van de hersenen op latere leeftijd. Vroege herkenning en ondersteuning kunnen mogelijk een verschil maken. Bespreek daarom psychische klachten tijdig met een zorgverlener en blijf investeren in mentale en sociale veerkracht.

Bron:

The Lancet