Plastisch chirurgen mogen voortaan zélf beslissen over borstcorrecties na borstkanker, zonder voorafgaande toestemming van de zorgverzekeraar. De maatregel moet onnodige vertragingen en afwijzingen voorkomen.
Sneller en menselijker hersteltraject
Zorgverzekeraars in Nederland geven plastisch chirurgen vanaf nu volledige bevoegdheid om te bepalen of een borstcorrectie na borstkanker medisch noodzakelijk is. Een aparte goedkeuringsprocedure via de verzekeraar is daarmee verleden tijd. De wijziging volgt na aanhoudende kritiek en recente onthullingen van de NOS over afwijzingen van noodzakelijke hersteloperaties. Tot nu toe moesten vrouwen na een eerdere borstreconstructie bij borstkanker opnieuw toestemming vragen voor aanvullende correcties. Die extra ingrepen zijn vaak nodig bij pijn, scheefstand of zichtbare afwijkingen. Uit cijfers blijkt dat zo’n een op de drie aanvragen werd afgewezen, met veel frustratie en onzekerheid tot gevolg. Veel vrouwen ervaren het proces als oneerlijk. De nadruk op het esthetische aspect – omdat het om borsten gaat – zou medische noodzaak in de weg staan. Met de nieuwe regeling mogen artsen voortaan zélf bepalen wanneer een ingreep nodig is. De beoordeling van de chirurg is daarbij leidend voor de vergoeding.
Strenge voorwaarden blijven
Hoewel de toestemming voortaan sneller geregeld is, blijven de bestaande strikte vergoedingsregels ongewijzigd. Alleen borstreconstructies na kanker vallen onder deze regeling. Andere aandoeningen of cosmetische wensen komen nog steeds niet automatisch in aanmerking. Binnen de bestaande richtlijnen geldt dat een correctie alleen vergoed wordt bij afwijkingen die aan bepaalde afmetingen voldoen. In ‘functionele zones’ zoals het decolleté, volstaat een afwijking van twee centimeter in diepte en breedte. In minder zichtbare zones moet de afwijking minimaal vijf centimeter breed en twee centimeter diep zijn. Juristen noemen deze grenswaarden discriminerend, omdat andere soorten kanker geen vergelijkbare beperkingen kennen.
Grote groep vrouwen geholpen
Volgens de Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie kunnen met deze nieuwe aanpak jaarlijks 300 tot 400 extra vrouwen worden geholpen. Momenteel ondergaan elk jaar zo’n 600 tot 700 vrouwen een dergelijke operatie. De verwachting is dat ook vrouwen met eerder afgewezen verzoeken nu alsnog een behandeling krijgen. Voor patiënten betekent het vooral rust: geen foto’s van hun lichaam meer naar de verzekeraar en geen maandenlange onzekerheid. De arts en patiënt nemen samen de beslissing – zó hoort zorg te zijn.
Bronnen:
nos.nl
https://www.nvpc.nl/
