07-12-2011

Niet de ouderdom, maar de pillen

Een aantal geneesmiddelen staat onder de verdenking van mogelijke veroorzaker van voortijdig overlijden bij 65-plussers.

Het overlijden van een oudere hoeft niet altijd het natuurlijke gevolg van ouderdom te zijn. Het kan ook door een veelgebruikt geneesmiddel komen dat hij of zij gebruikte vanwege een ziekte als depressie, angst, blaasproblemen of glaucoom. Voor het eerst is wetenschappelijk een verband aangetoond tussen een bepaalde groep geneesmiddelen en verhoogde mortaliteit.
Het gaat om anticholinerge middelen: deze blokkeren de belangrijkste neurotransmitter in de hersenen, acetylcholine. Ze blijken van directe invloed te zijn op de levensduur.

Acetylcholine zorgt voor de overdracht van signalen tussen zenuwcellen. Van dementie is reeds bekend dat de activiteit van acetylcholine verminderd is. Geneesmiddelen tegen alzheimer, zoals rivastigmine en galantamine, zijn gericht op verhoging van die activiteit.

Nu vrezen onderzoekers van de universiteit van East Anglia in Norfolk dat anticholinerge middelen niet alleen de mentale aftakeling bespoedigen – wat in eerdere onderzoeken reeds is aangetoond – maar ook verantwoordelijk zijn voor vroegtijdig overlijden van de patiënt. Dat is waarschijnlijk nog niet het geval wanneer iemand één middel met een anticholinerg effect gebruikt, maar wel bij een cocktail van dit soort middelen. Een derde van alle voorgeschreven geneesmiddelen wordt gebruikt door 65-plussers, terwijl die groep maar 13 procent uitmaakt van de totale bevolking. Een gemiddelde 65-plusser neemt zes geneesmiddelen per dag, vanwege allerlei kwalen dan wel voor de zekerheid. Dat laatste is bijvoorbeeld het geval bij middelen om het cholesterol of de bloeddruk te verlagen. Van die zes middelen kan er een aantal anticholinerg zijn. Deze polyfarmacie − zoals het heet wanneer iemand veel geneesmiddelen gebruikt − is in ziekenhuizen en verzorgingshuizen nog groter: daar is het gemiddelde zeven verschillende pillen per persoon.

Hoger sterftecijfer
De onderzoekers hebben van een groot aantal geneesmiddelen het anticholinerge vermogen ingeschaald, als onderdeel van hun project genaamd Medical Research Council’s Cognitive Function and Ageing Studies. Het doel van dat project was om manieren te ontdekken om het risico van dementie en cognitieve aftakeling bij het ouder worden te verkleinen.

De onderzoekers wierven meer dan 13.000 mannen en vrouwen in de leeftijd van 65 jaar en ouder, die samen ongeveer tachtig verschillende geneesmiddelen gebruikten, zowel op recept als vrij verkrijgbaar. Bij de helft van die middelen betrof het een anticholinergicum. Deze middelen, waaronder veelgebruikte pijnstillers zoals codeïne, kregen een score voor hun effect: van één voor licht tot drie voor ernstig. Deze maat noemden de onderzoekers de ‘anticholinerge belasting’ (ACB). Middelen met de hoogste ACB waren bijvoorbeeld de antidepressiva amitriptyline en clomipramine, sederende (rustig makende) middelen zoals chloorpromazine, het blaasmedicijn oxybutynine en antihistaminica (tegen allergie) als promethazine (ook in hoestdrank).
Het onderzoek duurde twee jaar. In die tijd overleed 20 procent van de deelnemers met een geneesmiddelgebruik met een ACB-score van vier of hoger, ten opzichte van 7 procent van diegenen met een opgetelde ACB-score van nul. Dit was de eerste keer dat er een verband werd aangetoond tussen anticholinerge werking en mortaliteit. Ook ontdekten de onderzoekers dat de kans op overlijden 26 procent groter werd bij elk punt meer in de ACB-score1.

Zoals hoofdonderzoeker dr. Chris Fox zei: ‘Dit is het eerste grootschalige onderzoek naar het langetermijneffect van geneesmiddelen die acetylcholine blokkeren… en uit onze resultaten blijkt een ernstige impact op de mortaliteit.’

Geestelijke achteruitgang
Andere resultaten van dit onderzoek bevestigden de reeds gedane ontdekkingen van eerdere studies: dat anticholinergica tevens de mentale aftakeling versnellen. Mensen met een medicijngebruik waarbij de ACB-score opgeteld vijf of meer was, haalden bij een cognitieve functietest een gemiddelde score die 4 procent lager lag dan die van mensen met een medicijngebruik met een ACB-score van nul.

Soortgelijke conclusies waren al eens gevonden in een onderzoek aan de universiteit van Florida in Gainesville. Daarin werd de cognitieve aftakeling gemeten bij ouderen die een middel met anticholinerge activiteit gebruikten. Anders dan de conclusie van het onderzoek aan de universiteit van East Anglia was echter dat in het Florida-onderzoek elk anticholinerge middel tot versnelde afname van de cognitieve functies kon leiden, ongeacht het aantal soortgelijke middelen dat iemand gebruikte2. In die tijd was alleen van een beperkt aantal geneesmiddelen maar bekend dat ze een anticholinerg effect hadden, namelijk die voor een overactieve blaas en nog een paar andere. Pas door het recentste onderzoek zijn de meeste – zo niet alle – medicijnen die de hersencelfunctie blokkeren aan het licht gekomen.
Er zijn echter ook onderzoeken waaruit valt op te maken dat er zeer veel geneesmiddelen zijn die de mentale achteruitgang versnellen, of ze nu anticholinerg zijn of niet. Onderzoek aan de Medische Universiteit van South Carolina in Charleston heeft aangetoond dat vrijwel elk geneesmiddel − op recept of vrij verkrijgbaar − bij ouderen symptomen kan geven die op dementie lijken. Veelvoorkomende bijwerkingen van de meeste middelen zijn verwardheid en geheugenverlies. Die reacties worden versterkt naarmate er meer middelen worden gebruikt, zo bleek3.

Bryan Hubbard

1J Am Geriatr Soc, online publicatie 24 juni 2011
2Proceedings of the 60th Annual Meeting of the American Academy of Neurology, Chicago, IL, 17 april 2008, Abstract S51.001
3J R Soc Med, 2000; 93: 457-462

Geneesmiddelen die dementie kunnen veroorzaken
In de onderstaande lijst staan middelen met anticholinerge eigenschappen naar hun mate van impact (van mild tot ernstig). Het gebruik van één middel uit de rechterkolom (ernstig) of van een combinatie van middelen met een opgetelde score van drie of hoger, kan een ernstige impact hebben. Deze lijst is uitgebreid, maar niet uitputtend.

ACB-score 1 (mild) ACB-score 2 (matig) ACB-score 3 (ernstig)
alimemazine
alprazolam
atenolol
beclometason
bupropion
captopril
chloortalidon
cimetidine
clorazepinezuur
codeïne
colchicine
diazepam
digoxine
dipyridamol
disopyramide
fentanyl
fluvoxamine
furosemide
haloperidol
hydralazine
hydrocortison
isosorbide (dinitraat/5-mononitraat)
kinidine
loperamide
metoprolol
morfine
nifedipine
prednison/prednisolon
ranitidine
theofylline
timolol
trazodon
triamtereen
amantadine
carbamazepine
cyclobenzaprine
cyproheptadine
levomepromazine
loxapine
oxcarbazepine
pethidine
pimozide
amitriptyline
atropine
chloorpromazine
clemastine
clomipramine
clozapine
darifenacine
desipramine
difenhydramine
doxepine
flavoxaat
hydroxyzine
imipramine
meclozine
nortriptyline
oxybutynine
paroxetine
promethazine
scopolamine
tolterodine
trihexyfenidyl




Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...