Het ontstaan van de ‘wetenschappelijke’ geneeskunde

In 1959 omschreef de Engelse wetenschapper en schrijver C. P. Snow de uiteenlopende werelden van de kunsten en wetenschappen als ‘de twee culturen’. Elk had zijn eigen taal en referentiepunten, en deze verdeling was een verlies voor de wereld.

Ook in de geneeskunde bestaan er twee culturen, die in hun reacties op de coronapandemie in schril contrast tegenover elkaar zijn komen te staan. Complementaire middelen met zowel een preventieve als genezende werking, zoals hooggedoseerde vitamine C en D, worden op intensive-careafdelingen over het algemeen niet ingezet, maar juist weggezet als onbewezen of onwetenschappelijk.

Die mening wordt ondersteund door onderzoeken die zo waren opgezet dat ze wel moesten mislukken. En één onderzoek dat wel succes aantoonde – het meldde dat vitamine D het aantal mensen dat intensieve zorg nodig had met maar liefst 60 procent verminderde en het aantal Covid-sterf-gevallen halveerde, is van de webpagina’s van het medische tijdschrift The Lancet verwijderd, nadat redacteuren klachten hadden ontvangen.

De meeste onderzoeken naar voedingstherapieën laten weinig of geen effect zien, wat meestal te wijten is aan de onwetendheid van de onderzoekers (om het maar zo netjes mogelijk te zeggen) over voedingsgeneeskunde en de effecten ervan op het lichaam. Er worden lage doses gebruikt, ver beneden de therapeutische niveaus, of de vitamine wordt verkeerd toegediend.

De borstkanker van mijn moeder verkeerde in het eindstadium en werd in drie maanden teruggedraaid door intraveneuze toediening van hooggedoseerde vitamine C en toch konden studies dat succes niet repliceren. Waarom? Uiteindelijk werd ontdekt dat onderzoekers oraal te lage doseringen toedienden, een recept voor mislukking.

Maar kijk je terug naar het begin van de twintigste eeuw, dan zul je zien dat er maar één geneeskundecultuur was. Homeopathie was het belangrijkste medische systeem in de Verenigde Staten en de meeste studies die werden gepubliceerd, onderzochten de effectiviteit van vitamines en kruiden. Meer dan de helft van de artsen beoefende holistische geneeskunde en geneesmiddelen zoals we die tegenwoordig kennen, waren beperkt tot een paar vaccins, zoals voor pokken, operaties en een aantal drankjes.

De revolutie die het schisma in de geneeskunde zou veroorzaken, kwam niet van artsen, onderzoekers of zelfs patiënten, maar van de petrochemische industrie. Die stond nog in de kinderschoenen bij het aanbreken van de twintigste eeuw, maar er werden wel al wonderbaarlijke dingen ontdekt die gemaakt konden worden uit de chemische bijproducten van olie.
Het eerste plastic, bakeliet, werd in 1907 ontwikkeld en wetenschappers begonnen te spelen met de mogelijkheid om uit olie farmaceutische medicijnen te ontwikkelen.

Deze heerlijke nieuwe wereld was van bijzonder belang voor John D. Rockefeller, die via zijn bedrijf Standard Oil 90 procent van de olieraffinaderijen in de Verenigde Staten beheerste. Rockefeller was al miljardair en zag mogelijkheden in de prachtige nieuwe dingen die vanuit de olie-industrie gemaakt konden worden.

Maar Rockefeller realiseerde zich dat hij, om de grootschalige productie van medicijnen mogelijk te maken, de medicijnen een ‘wetenschappelijke’ basis moest verschaffen. Alle mensen zijn immers hetzelfde en ervaren ziekten op dezelfde manier, en daarom kan iedereen hetzelfde medicijn krijgen. Welkom in de wereld van massaproductie, ook een industriële innovatie uit die tijd.
Hij had alleen bewijs nodig dat het model klopte. Om dat te voor elkaar te krijgen, moest de geneeskunst omgevormd worden van een kunst in een wetenschap om pillen voor de massa te produceren.

Rockefeller nam Abraham Flexner, die op zoek was naar vaste normen in het onderwijssysteem, in dienst om hetzelfde te doen voor medische hogescholen, waarvan de helft nog steeds de natuur- en holistische geneeskunde onderwees.

Flexner was onder de indruk van de wetenschappelijke strengheid van de medische scholen in Duitsland en pleitte voor het creëren van iets soortgelijks in de Verenigde Staten. Uiteindelijk zou de hele wereld overgaan op de ‘wetenschappelijke’ medische vorming, gestimuleerd door de grootmoedige subsidies van Rockefeller, waarmee nieuwe programma’s werden gefinancierd.

Ook onderzoekscentra werden gefinancierd om de werkzame ingrediënten in planten te kunnen isoleren en de chemische kernmerken ervan na te maken, zodat daarop vervolgens patent kon worden aangevraagd. Als onderdeel van het wetenschappelijke elan werd de American Medical Association opgericht om ‘goede wetenschap’ hoog te houden.

Paradoxaal genoeg stond die onder leiding van een homeopaat, terwijl homeopathie en natuurlijke geneeskunde werden bespot als kwakzalverij. Sommigen die de ‘oude geneeskunst’ bleven beoefenen, belandden zelfs in de gevangenis. Tot op de dag van vandaag wordt op medische opleidingen een beperkt aantal uren les over voeding gegeven, en alternatieve geneeswijzen worden vrijwel niet onderwezen.

De mantra uit de tijd van Rockefeller, ‘voor elke ziekte een pil’, gaat nog steeds op en dokters hebben geleerd om op alles wat ze niet in hun studie hebben geleerd te reageren met pavlovreacties als ‘kwakzalverij’ en ‘onwetenschappelijk’.

Zo werden er twee geneeskundeculturen gecreëerd die ​​tegenwoordig naast elkaar bestaan. En zoals C. P. Snow ontdekte, is de patiënt de dupe van de kloof.

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Bryan Hubbard

De medicijnen zijn heerlijk

Het Laatste woord: De illusie van de goochelaar

Het laatste woord; Is het beter om niets te voelen?

Het laatste woord

Artsen weten wel beter

Column dr. Wendy Lin; Handzenuw in de knel

Anderhalf jaar geleden kwam een man in mijn praktijk. Hij was net gepensioneerd. Zijn hele leven was hij internationaal correspondent geweest, dus hij had veel tijd achter zijn toetsenbord doorgebracht. Tuinieren was de hobby waarin hij altijd zijn rust had gevonden....

Bryan Hubbard avatar

Over de auteur

Bryan Hubbard studeerde filosofie aan de universiteit van Londen. Hij is de echtgenoot van Lynne McTaggart en samen zijn zij directeur van twee uitgeverijen, WDDTY Publishing Ltd en New Age Publishing Ltd. Hij is uitgever van het maandblad What Doctors Don’t Tell You. ( Het moederblad van Medisch Dossier)
Lees meer artikelen van Bryan Hubbard