Onze gezondheidszorg hinkt op twee benen
Jo Caris
De gezondheidszorg is oorspronkelijk gebaseerd op sociale, morele en professionele waarden. Wij hebben de plicht om voor elkaar te zorgen. Gezondheid is belangrijk en de zorg is gebaseerd op respect en deskundigheid. In onze beleving lijkt deze op de waardige wereld van onze Albert Schweitzers en Florence Nightingales.
Plichten hebben plaats gemaakt voor rechten
Door publiek en politici wordt in die termen gesproken over de zorg. Zo stelt het huidige regeerprogramma dat gezondheidszorg toegankelijker moet zijn voor iedereen. Wanneer er iets misgaat in de zorg, zijn de eerste emoties die van verontwaardiging. Hulpbehoevende zieken worden tekortgedaan en in de zorg moeten we iedereen helpen.
Vanuit de zorgwaarden zijn drie doelen afgeleid: zieke mensen genezen, mensen met beperkingen en hun omgeving begeleiden en verzorgen én mensen begeleiden naar een humaan levenseinde. Hoe anders zijn de zakelijke stelsels waarin we de zorg hebben georganiseerd?
Voor de curatieve zorg is dat een verzekering. In een verzekering hebben verzekerden rechten. De plicht om voor elkaar te zorgen heeft plaats gemaakt voor het recht op zorg.
Verzekeren vereist een polis met exacte omschrijvingen van die rechten en een exacte omschrijving van de diensten en producten waar verzekerden recht op hebben. Het gaat daarin niet om solidariteit. Het is risicospreiding en een zorgverzekering verschilt in dat opzicht niet van een brand- of autoverzekering.
Anders dan bij een autoverzekering is er geen bonus-malussysteem. Als iemand schadevrij rijdt, is er een no-claim korting. Als iemand te vaak schade heeft, verdwijnt de korting en op enig moment stopt de verzekering. De zorg stopt niet, ongeacht het gedrag van de patiënt of cliënt. Een malussysteem is onbespreekbaar, ondanks dat 60% van de mensen overlijdt aan welvaartsziekten.
Organisaties gedijen goed als ze veel verrichtingen leveren en veel productie maken. Of patiënten zijn genezen of goed zijn geholpen, doet er voor de financiering niet toe. De productieafspraken en bijbehorende tarieven zijn gericht op doelmatigheid en niet op doelgerichtheid. Wel is er een inspectie die professionals en organisaties toetst op kwaliteit, maar die is ook gericht op de gevolgde richtlijnen en niet op genezen of geholpen patiënten/cliënten.
In de Wet langdurige zorg en Wet maatschappelijk ondersteuning geldt hetzelfde. Aan productieafspraken op uren en verrichtingen zijn tarieven gekoppeld. De zorgaanbieder met de laagste tarieven haalt het contract binnen, ongeacht de zorgdoelen. Als zorgaanbieders in financiële problemen komen, krijgen ze het verwijt dat hun bedrijfsvoering niet op orde is.
Het is een goed georganiseerde rodeo voor cowboys die misbruik maken van zorggeld en hiermee nog steeds eenvoudig wegkomen (Pointer, KRO-NCRV en AD; 3 oktober 2024).
Het is een feestje voor zogenaamde ondernemers die zich echte bestuurders noemen, niets van zorginhoud weten, en die de ’koekjesfabriek’ hebben ingeruild voor een meer winstgevend zorgbedrijf met minder risico’s.
De opdracht voor de overheid reikt dieper dan het huidige regeerprogramma: stel niet langer de financieringsprikkels centraal, maar de zorgwaarden en -doelen en hanteer efficiëntieregels als ondersteuning daarvan. Dat maakt het werken voor goede zorgprofessionals ook weer interessanter.
Na Prinsjesdag deelde Jo Caris zijn visie op de zorg-paragraaf in het regeerprogramma van het kabinet Schoof. Je leest zijn artikel in ons digitale archief: medischdossier.org/archief/diepgaand-doorpakken-nodig/.
