Huisarts Hans Peter Jung zet in op duurzame gezondheid door écht te luisteren naar patiënten. Niet alleen naar hun klachten, maar ook naar hun dromen. Zijn lokale aanpak verbetert welzijn, verlaagt zorgkosten en vergroot werkplezier. Nu wil hij het concept Duurzame Gezondheid ook breder gaan inzetten. De plannen daarvoor liggen klaar.
Door: Marianne Meulepas
Hans Peter Jung werkt in zijn praktijk in Afferden al meer dan tien jaar vanuit het concept Positieve Gezondheid. Dit concept, ontwikkeld door voormalig huisarts en onderzoeker Machteld Huber, biedt een vernieuwende kijk op gezondheid.¹
In tegenstelling tot de traditionele benadering, die gezondheid vooral beschouwt als de afwezigheid van ziekte, draait Positieve Gezondheid om het vermogen van mensen om met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen om te gaan.
Huber ontwikkelde hiervoor een spinnenwebmodel met zes dimensies: Lichaamsfuncties, Mentaal welbevinden, Zingeving, Kwaliteit van leven, Meedoen en Dagelijks functioneren. Dit model visualiseert hoe deze aspecten met elkaar samenhangen, waardoor een holistisch beeld van gezondheid ontstaat.
Jungs interesse voor Positieve Gezondheid ontstond rond 2010, na het overlijden van zijn dochter Robin. Zij was blind, verlamd en leed aan epilepsie. Hans Peter Jung en zijn vrouw verzorgden haar thuis. ‘We genoten van haar, maar het was ook zwaar. We vroegen ons soms af hoe lang we dit konden volhouden.’
Toen Robin overleed besloot hij snel weer aan het werk te gaan, vanuit het idee dat er los van het verdriet ook een last van hun schouders was gevallen. Dat zij het hadden volgehouden tot aan het einde, gaf troost.
Het draait om het vermogen om met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen om te gaan
Al snel realiseerde hij zich dat niet de zorg voor zijn dochter hem had uitgeput, maar zijn werk. Zijn werklast was door de jaren heen aanzienlijk toegenomen. Van vijfduizend patiëntencontacten per jaar in de jaren ’90 van de vorige eeuw tot vijftienduizend in het jaar van Robins overlijden.
Hij nam een jaar vrij om na te denken over zijn toekomst als huisarts. In die periode volgde hij een cursus mindfulness.
Tijdens een oefening besefte hij dat hij door de zorg voor zijn dochter veertien jaar lang onbewust oefeningen in mindfulness had gehad. Robin voeden vereiste bijvoorbeeld volledige aandacht: ‘Ze kon de lepel niet zien, dus ik moest precies timen wanneer ik haar eten gaf, anders verslikte ze zich of kreeg ze een aanval.’
Dat inzicht werd cruciaal. Hij besloot zijn consulten anders te voeren en met volledige aandacht naar zijn patiënten te gaan luisteren, zonder onderbreken.
‘De gemiddelde huisarts onderbreekt de patiënt al na elf seconden, na de start van het consult. Maar als je twee minuten niets zegt, valt bij zo’n 70% van de patiënten vanzelf een stilte. Dat zijn waardevolle minuten, omdat je daarmee het perspectief van de ander als startpunt hebt.’
Van klacht naar droom
Jung ontdekte dat het aannemen van extra collega’s de werkdruk niet verlichtte, maar juist tot meer zorgvraag leidde. Het was een vicieuze cirkel waarin de vraag naar zorg alleen maar toenam met het aanbod. Hij besefte dat dit deels was te wijten aan de manier waarop huisartsenzorg wordt gefinancierd: de inkomsten zijn grotendeels afhankelijk van het aantal patiëntcontacten.
Hij besloot te onderhandelen met een belangrijke zorgverzekeraar in de regio om deze financiële prikkel eruit te halen. Hij stelde voor om een vast bedrag per patiënt per jaar te ontvangen, ongeacht het aantal contacten. Dit gaf hem en zijn collega’s de ruimte om langere en kwalitatief betere consulten te voeren.
Als mensen zorgen voor lagere zorgkosten, moeten ze daar dan niet zelf van profiteren?
Tegelijkertijd kwam hij in aanraking met het concept Positieve Gezondheid van Machteld Huber. Tijdens een bijeenkomst met Huber en andere professionals, deelde hij zijn persoonlijke verhaal. Zijn openheid leidde tot een vruchtbare samenwerking.
De nieuwe werkwijze verminderde het aantal doorverwijzingen naar het ziekenhuis en uitgeschreven recepten voor medicijnen. Gesprekken met patiënten gingen vaker over doelen en dromen dan over klachten, en bleken vaak effectiever voor het welzijn van de patiënten dan medische interventies.
Jung merkte dat hij minder moe was en meer voldoening haalde uit zijn werk. De kwaliteit van de interacties met zijn patiënten verbeterde, wat leidde tot een afname van 25% in het aantal contacten, die wél langer duurden.
Het concept van Positieve Gezondheid werd een integraal onderdeel van de praktijk van Jung, waarbij het spinnenwebmodel van Huber werd gebruikt om een breder perspectief op gezondheid te bieden.
Vitaal oud worden
Een andere inspiratiebron voor de vernieuwende werkwijze van Jung was zijn ervaring in Nicaragua begin jaren ’90 van de vorige eeuw. In een gebied waar vrijwel geen gezondheidszorg was. Hij verbaasde zich over de vitaliteit van mensen die hij zestig jaar schatte, maar vaak tegen de 90 jaar oud bleken te zijn.
Later las hij over de zogenoemde ‘blue zones’: gebieden waar mensen vitaal oud worden dankzij vier factoren: natuurlijk bewegen, natuurlijk eten, een doel hebben in het leven én deel uitmaken van een gemeenschap.² Nicoya, gelegen naast het gebied waar hij werkte, bleek een van die zones. Het kwartje viel.
Dingen die je laten wankelen maken je ontvankelijk voor een leefstijladvies
Hij dacht na of hij met deze kennis iets in zijn eigen gemeenschap in Afferden zou kunnen doen en besloot met zijn diabetespatiënten te gaan wandelen in een nabijgelegen nationaal park. Hij organiseerde tien wandelingen in een jaar. Voor en na het wandelen werd hun bloedsuikergehalte gemeten.
Na een jaar was het gewicht van de deelnemers significant gedaald en was hun suikerinstelling verbeterd. Dat kan helemaal niet op basis van tien keer lopen in een jaar, dacht hij. Dus ging hij met de deelnemers in gesprek.
Het bleek dat veel van deze mensen nog nooit in dat stukje natuur waren geweest dat zo dicht bij hun huis lag. Ze waren verrast door de schoonheid ervan en begonnen onderling afspraken te maken om vaker te wandelen. ‘Ze wilden verder en sneller en vaker,’ vertelt Jung. Wat begon vanuit de blue zones-principes, bleek in praktijk ook elders te werken.
Deze aanpak leidde in zijn praktijk meteen tot minder zorgkosten. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), die de gegevens onderzocht, zag 40% minder ziekenhuisverwijzingen. Jung vroeg zich af wat er met deze besparing van zorgkosten gebeurde. Waar blijft dat geld?
Hij kreeg een nieuwe droom: ‘Als burgers zorgen voor lagere zorgkosten, moeten ze daar dan niet ook van kunnen profiteren? Daarmee maak je de cirkel rond en snappen mensen dat het op meerdere manieren belangrijk is om niet onnodig gebruik te maken van dingen die niet zinvol zijn.’
De verzekeraar zag een premievoordeel, maar de oplossingen die Jung aandroeg vielen vaak buiten de zorg en kwamen terecht in het sociaal domein. Daar liepen de kosten juist op.
De gemeente was in eerste instantie terughoudend, maar een wethouder vond het idee om zorggeld lokaal in te zetten geweldig. Met steun van de provincie werd een virtueel experiment gestart: burgers kregen een denkbeeldig budget en bedachten op basis daarvan hoe ze daarmee hun gezondheid zouden kunnen bevorderen. Dat werkte.
Bovendien bleek de aanpak altruïstisch: ouderen bedachten iets voor jongeren en andersom. Met de komst van het Integraal Zorgakkoord (IZA) zag Jung nieuwe kansen.³ Zijn plan om burgers écht te belonen voor gezondheidsinitiatieven werd toegekend.
De Limburgse dorpen Afferden en Vierlingsbeek krijgen nu vier jaar lang subsidie voor de uitvoering van door burgers bedachte initiatieven die bijdragen aan de gezondheid.
Tekst gaat verder onder de foto.

Collectief goed
Volgens Jung is de reguliere zorg te individualistisch geworden. Met het project Duurzaam Gezond probeert hij de balans te herstellen: ‘Als je ziek bent, heb je een quick fix nodig en dat is individueel geregeld. Je hebt daar recht op omdat je verzekerd bent. Maar gezondheid is vaak een collectief goed. Daar moet je samen voor zorgen.’
Hij benadrukt dat je individuele gezondheid kunt creëren door goed voor jezelf te zorgen, maar dat zaken als leefomgeving en bestaanszekerheid gezamenlijke doelen zijn. ‘Onze maatschappij is niet ingericht op collectieve verantwoordelijkheden. De individuele claim krijgt voorrang boven het collectieve verhaal. In ons project vragen we juist individuele mensen iets te bedenken voor het collectief.’
Leefomgeving en bestaanszekerheid zijn zes keer zo belangrijk als de gezondheidszorg zelf
Jung is momenteel bezig met het inrichten van een zogenaamd burgerberaad. Hoewel er nog geen concrete plannen zijn over hoe het geld precies besteed zal worden, zijn er wel duidelijke richtlijnen opgesteld.
‘De initiatieven die tot stand komen, moeten bijdragen aan meer bewegen, gezondere voeding, een doel hebben in het leven én het bevorderen van de gemeenschapszin,’ vertelt Jung.
‘Uit onderzoek blijkt dat wanneer mensen gevraagd wordt wat hen gezonder maakt, 90% van de antwoorden buiten de gezondheidszorg valt. Leefomgeving en bestaanszekerheid zijn zes keer zo belangrijk als de gezondheidszorg zelf.’
Hij verwacht daarom dat de ideeën die voortkomen uit het burgerberaad voornamelijk deze domeinen zullen bestrijken.
‘Voor gezonde voeding kun je denken aan het gezamenlijk aanleggen van een oogsttuin of voedselbos, het promoten van streekproducten of het onderwijzen van basisschoolkinderen over gezond koken en wat daarbij komt kijken,’ voegt hij toe. Zulke initiatieven bevorderen zowel gezondheid als onderlinge verbondenheid.
Het Radboud UMC is ingeschakeld om te leren transformeren. Jung legt uit: ‘De huidige organisatie van de zorg is niet houdbaar. We stevenen af op een zorginfarct: vergrijzing, personeelstekort, stijgende kosten. We moeten nú iets veranderen, terwijl de zorg gewoon door moet gaan.’
Dat vraagt veel van de mensen in zorg en welzijn. Hoe kun je hulp bieden aan mensen die extra hulp nodig hebben én tijd vrijmaken om te ontdekken hoe het anders moet?
In de gezondheidscentra in Afferden en Vierlingsbeek worden samen met het Radboud UMC testcentra ingericht. Patiënten vullen het zogenaamde spinnenweb in, krijgen metingen en een breed leefstijladvies.
‘Dit advies moet aansluiten bij een teachable moment – een punt in iemands leven waarop verandering mogelijk is; bijvoorbeeld na een heftige diagnose of een ingrijpende gebeurtenis, zoals een echtscheiding. Dingen die je laten wankelen maken je ontvankelijker voor een leefstijladvies.’
Een promovenda van het Radboud UMC onderzoekt de impact. Doel is dat de huisartspraktijk een duurzame manier van werken ontdekt: artsen die energie houden, maar ook andere dingen gaan doen in hun werk. Een werkwijze die gezondheid centraal stelt in plaats van ziekte.
Ook de financiering moet meebewegen. ‘Het huidige model werkt goede bedoelingen vaak tegen. We hebben nu subsidie voor de komende jaren, maar we willen een blijvende oplossing voor de hele regio.’ Het toekomstige financieringsmodel is daarmee een essentieel onderdeel van het project Duurzaam Gezond, voor de komende vier jaren. ●
Bronnen
- Iph.nl/positieve-gezondheid/wat-is-het.
- Longevitybluezone.com/concept-and-history.
- Rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/09/16/integraal-zorgakkoord-samen-werken-aan-gezonde-zorg.
