Extra geld voor jeugdzorg

Het kabinet trekt tussen 2025 en 2027 drie miljard euro extra uit voor jeugdzorg.¹ Gemeenten komen namelijk structureel geld tekort om de duurder wordende jeugdzorg te bekostigen. Maar de vraag is: wordt de zorg daarmee ook beter voor onze jeugd?

Door: Jo Caris

De afgelopen jaren is de vraag naar jeugdzorg fors gestegen. In 2015 kwam 8,5% van de jeugdigen in de jeugdzorg, in 2020 was dat 9,8% en in 2023 was dat 11%.² Volgens staatssecretaris Karremans ligt dat percentage in 2025 al boven de 14%.¹

Sinds de invoering van de Jeugdwet in 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdzorg. Zij moeten expertise opbouwen en duurzame relaties aangaan met aanbieders en indicatiestellers.

Het aantal aanbieders nam in diezelfde periode toe van 5.314 (2015) naar 6.476 (2022).³

Per gemeente zijn er vaak meer dan honderd aanbieders, wat het bijna onmogelijk maakt om op lokaal niveau afspraken te maken. Daarom wordt de jeugdzorg ingekocht door een regionaal samenwerkingsverband van gemeenten bij een samenwerkingsverband van aanbieders. Het ene samenwerkingsverband sluit overeenkomsten met het andere.

Onderzoek laat géén toename van jeugdproblemen zien

Deze complexe structuur maakt het lastig om op resultaten te sturen. Bovendien is de financiering vooral gebaseerd op het aantal jongeren en de zwaarte van de geïndiceerde hulp. Het effect hiervan bij aanbieders is te voorspellen. Maar belangrijker is de vraag: heeft de jeugd het nu zoveel moeilijker dan voorheen?

Onderzoek van Verhulst, Verheij, en Danckaerts stellen in Kinder- en Jeugdpsychiatrie laat géén toename van jeugdproblemen zien.⁴ Tegelijkertijd blijken mentale problemen bij jongeren na de coronapandemie onverminderd hoog.⁵ Opmerkelijk genoeg is niet het aantal verwijzingen is gestegen, maar vooral de duur van zorgtrajecten.⁶

Terwijl het ons als samenleving in veel opzichten beter gaat dan vijftig jaar geleden, groeit de zorgvraag. Er wringt iets. Desgevraagd noemt Micha de Winter (emeritus Hoogleraar Pedagogiek) mogelijke verklaringen voor deze toename:

  • Worden jongeren blootgesteld aan meer prikkels en verleidingen?
  • Is er meer behoefte aan professionele expertise? Er zijn meer hoogopgeleide hulpverleners en de diagnostiek (DSM-V) is uitgebreid.
  • Hoe oordelen we over diagnoses? We zijn steeds beter in het duiden van wat niet goed gaat.
  • Wat is de invloed van een veranderde sociale context? Kunnen jongeren nog terecht bij familie, leraren en trainers?
  • Wat is de invloed van sociale media, waar succesverhalen en geluk centraal staan?

Hoe dan ook, extra middelen voor jeugdzorg zijn welkom. Maar misschien moeten we ook investeren in preciezer begrijpen waarom de hulpvraag stijgt. Alleen dan kan de zorg écht effectiever worden. ●

Bronnen 
  1. Rijksoverheid, Nieuwsbericht 18-04-2025, 12:10.
  2. NJI. Cijfers over Jeugd en Opvoeding (2025).
  3. Jeugdautoriteit. De stand van de Jeugdzorg. 2023.
  4. Verhulst, F., F. Verheij, M. Danckaerts. (2014). Kinder- en Jeugdpsychiatrie. Koninklijke Van Gorcum BV, Assen.
  5. Stevens, G., M. Rombouts, M. Maes, A. Zondervan, S. van Dorsselaar, F. Schouten, T. Scheffers- van Schayck. Jong na Corona. Welzijn van jongeren tussen 2017 en 2022 en inzet NP Onderwijsmiddelen door scholen. Universiteit Utrecht, Trimbos Instituut.
  6. Bakker, R. (2023). Jeugdhulp 2022. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Stress bij jongeren. Wat kunt u doen?

Mentale gezondheid jongeren onder druk: helft kampt met klachten

Onder hoogspanning

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Jo Caris

Over de auteur

Prof.dr Jo Caris was ruim dertig jaar bestuurder in meerdere sectoren van de gezondheidszorg en twaalf jaar bijzonder hoogleraar aan de Tilburg university. Momeneel is hij belangenbehartiger en docent aan de Internationale school voor Wijsbegeerte

Lees meer artikelen van Jo Caris