Ziek-zijn leert me wat gezond is

Van een levenslang verbeterproces, naar acceptatie

Margriet Wentink (1963) leeft sinds vorig jaar met haar eigen inzichten over de samenhang tussen leefstijl en ziekte. Na een eerder succesvol traject waarin ze herstelde van een diagnose van onrustige cellen, belandde ze vorig jaar zomer op de spoedeisende hulp. Met een beangstigende diagnose: kanker.

Margriet Wentink leidt sinds 1996 Interakt, een centrum voor meergenerationele psychotraumatologie in Tiel. Dit centrum is een platform voor systemisch werken volgens de opvattingen van de Duitse psychotherapeut Franz Ruppert. Deze methode richt zich op vroegkinderlijk trauma. Vooral trauma dat is ontstaan voordat het brein in staat was om herinneringen aan te maken die oproepbaar zijn. Dan is er geen visuele herinnering aan de traumatiserende ervaring, maar op een andere manier ‘herinnert’ het lichaam zich de gebeurtenis wel door bepaalde reflexmatige impulsen, onwillekeurige bewegingen en spontane gevoelens.

De methode helpt bij het bewust maken en oplossen van de gevolgen van vroegkinderlijk trauma, bij innerlijke remmingen en bij het overwinnen van blokkades en angsten. Wentink introduceerde eigenhandig dit werk in Nederland waar het uitgroeide tot een wijdverbreide methode voor traumabehandeling en persoonlijke groei. Al meer dan 25 jaar timmert ze aan de weg via het instituut Interakt waar ze opleidt, processen begeleidt en niet aflatend werkt.

‘Dat is precies mijn valkuil’, zegt ze er nu over. ‘Ik heb te veel van mezelf gevergd en daarmee heb ik mezelf onderworpen aan chronische stress. Dat heeft geleid tot toxische omstandigheden in mijn lijf. Zodanig dat mijn lijf het niet meer in balans kreeg. En ja, in mijn optiek kan ziekte alleen ontstaan en gedijen in een toxische omgeving. Daarmee is ziekte in mijn ogen een uiting van een toestand die dieper in het lichaam gaande is. Daarmee wil ik niet mezelf beschuldigen van mijn ziekte, zo ongenuanceerd ligt het niet. Maar ik heb veel dieper begrepen waar ziekte over gaat.’

Paradigma’s

Wentink ziet twee paradigma’s binnen de hedendaagse stromingen in het denken over het ontstaan van ziekte. De ene is de opvatting van Louis Pasteur, medegrondlegger van het ziektekiemdenken in de moderne geneeskunde. In een tijd waarin hygiëne of liever gezegd het gebrek daaraan leidde tot enorme kindersterfte, ontdekte hij hoezeer bacteriën en virussen daar debet aan zijn. Niet alleen door besmetting van mens tot mens of van dier tot mens, maar vooral ook door besmetting via voedsel. Hij bedacht een methode waarbij microben in voedsel werden vernietigd en de voedingswaarde toch behouden bleef. De meesten kennen hem hiervan omdat de methode die hij bedacht, van zijn achternaam een werkwoord maakte: pasteuriseren.

Een tijdgenoot van Pasteur, Antoine Béchamp, dacht er echter heel anders over. Hij ging ervan uit dat ziektes ontstaan in de cellen van het menselijke lichaam zelf. Niet door microben, bacteriën of virussen, maar simpelweg door een slecht functionerend immuunsysteem. Het meest opzienbarend is zijn conclusie dat virussen niet een lichaam binnenvallen, maar door het lichaam zelf worden geproduceerd. Virussen zijn ‘dood’, maar beschadigen wel cellen, waardoor er ontstekingen en ziektes ontstaan.

Béchamp kreeg weinig voet aan de grond. Maar de invloed van Pasteur werkt tot vandaag de dag door in het denken over ziekte en genezing: er is een aanwijsbare en te behandelen oorzaak in de vorm van een bacterie, een virus of een andere ziektekiem. De genezing ligt in het uitroeien van de boosdoener. Maar, wat als er geen duidelijke ziektekiem is? Zoals bij immuniteitsziektes, kanker, fybromyalgie, burn-out en nog veel meer ‘moderne’ ziektes?

In het moderne denken over gezondheid is er meer nuancering ontstaan en zijn er ook andere inzichten. Dat het meer zin heeft om in leefstijl ervoor te zorgen dat bijvoorbeeld de immuniteit wordt versterkt, zodat het lichaam zelf de indringing van virussen en bacteriën kan oplossen. Wat steeds meer aan terrein wint, is een nog wijdere blik. Namelijk de vraag in welke omgeving ziekte überhaupt een kans kan krijgen. Niet als directe oorzaak, maar als gevolg van een proces.

Elk Lichaam bezit een zelfhelend vermogen

Toxische omgeving

‘Elk lichaam bezit een zelfhelend vermogen, dat automatisch aan de slag gaat zodat het systeem blijft leven’, zegt Wentink. ‘We kunnen van allerlei heftige toestanden herstellen: beschadigingen aan de huid, aan de organen en aan de botten. We hebben koorts en witte bloedlichaampjes om andere ellende op te ruimen. We hebben van alles genoeg en van sommige dingen zelfs twee voor een perfect functionerend geheel.

Als er in dat geheel door omgevingsfactoren een verstoring is, dan ontstaat er vanuit die disbalans een voedingsbodem voor ziekte. Ik zie daarom mijn eigen ziek-zijn als een gevolg van chronische stress die in mijn lichaam een toxische omgeving heeft gecreëerd waarop mijn lichaam heeft gereageerd. ‘Een toxische omgeving leidt tot vergiftigingsprocessen, rottingsprocessen, gisting en afsterven. Het is in ons lichaam niet anders dan in de natuur.

In een toxische omgeving worden planten, dieren en mensen ziek, omdat deze de balans in het fysieke systeem aantast. En ik ben ervan overtuigd, sterker nog, een levend voorbeeld van dat stress die chronisch is geworden, een innerlijke vervuiler is die het systeem dusdanig vergiftigt en toxisch maakt, dat het uit balans gaat en ziek wordt. En de wortels daarvan kunnen al in een vroegkinderlijk stadium zijn ontstaan.’

Zelfontkenning

‘Toen de arts op de spoedeisende hulp tegen me zei: “Je lijf heeft je in de steek gelaten”, dacht ik: “Is dat wel zo?” Ik ben daar gaandeweg het proces van ziek-zijn, operatie, chemokuur over blijven nadenken en mijn conclusie is dat ik het daar niet mee eens ben. Mijn lijf drukt zich uit in deze ziekte en de oorzaak ligt veel dieper dan dat. Het is ook niet omgekeerd evenredig zo dat ik dan mijn lijf in de steek heb gelaten. In zekere zin natuurlijk wel omdat ik niet naar mijn lijf heb geluisterd. Ik wilde niet voelen hoe moe ik werd van een stukje lopen. Ik wilde niet zien hoe ik eraan toe was. Ik ging samen met mijn man in zo’n reuzegroot woonwarenhuis een nieuwe vloer uitzoeken en tijdens de tocht door die winkel moest ik drie keer op een stoel gaan zitten om uit te rusten. Zelfs dat wist ik weg te wuiven. ‘Een paar weken later zat ik op de spoedeisende hulp.

Omdat ik de signalen van mijn lijf wegwuifde, wegduwde, ontkende en er volledig mee uit contact was. Maar daar zat het hem juist. Als ik heel diep naar binnen kijk, dan komt wel het woord ‘zelfontkenning’ bij me op. Dat is wat ik deed met mijn lijf. Ik ken de zelfontkenning. Dat gaat terug tot aan het begin van mijn leven. Mijn moeder was ongewenst zwanger van mij. Als ik dan mijn gedachten over omgeving en de mate van toxiciteit achter elkaar zet, dan zou het zomaar kunnen dat het negatieve gevoel van mijn moeder over het zwanger zijn van mij, al iets in gang heeft gezet.

‘Einstein zei al dat alles trilt. Het is wetenschappelijk bewezen dat gevoelens frequenties hebben en dat wij met een lichaam dat voor 70% uit water bestaat, meetrillen met frequenties die ons van buitenaf bereiken. Een vak als mesologie is bijvoorbeeld gebaseerd op ons vermogen mee te kunnen trillen met frequenties.

Blauwe zones (afgebakende gebieden waarvan de bevolking een specifieke levensstijl en leefomgeving deelt en waar de mensen meetbaar langer leven, red.) bewijzen dat de aanwezigheid of liever gezegd de afwezigheid van vervuilende frequenties in lucht, water, voedsel, levensverlengend werken. Maar de meesten van ons leven inmiddels in een vervuilde omgeving. Dat betekent dat we ons moeten afharden, dichtzetten’, aldus Wentink.

‘Er is zoveel helende kracht in de natuur aanwezig, dat voelt iedereen in de vorm van de weldaad van een boswandeling, van een bergtocht of een dagje strand. Voor diepe ontspanning zoeken we de natuur, de zee, de bergen op. Dat brengt ons lichaam in een andere trilling. Maar behalve dat er steeds minder ‘schone’ plekken zijn – want er staan altijd ergens wel elektriciteitsmasten, zendmasten of er is radiografische en andere straling – kunnen we steeds minder ons voordeel opdoen in de natuur.

We staan niet meer open voor ‘gezonde’ trilling omdat er zoveel vervuiling is: lichtvervuiling, luchtvervuiling, bodemvervuiling, voedselvervuiling door moderne voedseltechnieken, watervervuiling, mentale vervuiling. We maken met zijn allen een toxische omgeving. Waar we vervolgens zelf ziek van worden.’

Trilling

Dat Wentink denkt in frequenties en daarin ook eerlijk naar zichzelf kan kijken, spreekt voor zich. In haar levenswerk dat zij vanuit Interakt brengt, is de kern resonantie. ‘De processen zijn gebaseerd op het werk van Bert Hellinger: de familieopstellingen. Elke groep heeft een eigen systeem dat zich als vanzelf plooit. Dat kan een familie zijn, maar bijvoorbeeld ook een bedrijfsteam, een voetbalelftal. Elke groep is een systeem en elk systeem kent een eigen trilling, die kan worden verstoord door gebeurtenissen. Dan raakt het systeem in de war en uit balans − wat gevolgen heeft voor het hele systeem. Bij een familieopstelling is het dan belangrijk dat zichtbaar wordt welke invloeden of gebeurtenissen hebben geleid tot de verstoring en wat er vervolgens mag gebeuren om die weer ‘recht’ te zetten.

Vaak liggen de oorzaken van verstoringen generaties lang terug. ‘Deze theorie is verder uitgewerkt door dr. Franz Ruppert, die het systemisch denken en werken heeft vertaald naar de innerlijke dynamiek van traumatische ervaringen. Een trauma zet als het ware een split. Het getraumatiseerde deel wordt apart gezet en er komt een strategie om het ook apart te houden. Want de pijn van trauma geeft doodsangst omdat de ervaring altijd overweldigend is. Anders is het geen trauma. Het betekent echter dat het deel waarin het trauma verbogen blijft, zich niet ontwikkelt. Het is geblokkeerd. En dat heeft natuurlijk op allerlei niveaus consequenties’, legt Wentink uit:

• Het gezonde deel zijn we meestentijds, van daaruit leren en ontwikkelen we.
• Het traumadeel isoleert de gevoelens en indrukken van de traumatische gebeurtenis(sen) die ingekapseld zijn.
• Het overlevingsdeel heeft als doel het traumadeel koest te houden en triggers voor te zijn, het stopt en het blokkeert.

Acceptatie

‘Vanuit de theorie die ik zelf onderricht, ben ik gaan denken wat de ziekte in mijn lijf mij wil laten zien. Ik zeg meteen dat ik op veel manieren naar behandeling heb gezocht. Ik zat, net als velen met mij, in de paradigmakloof tussen regulier en complementair. In mijn ogen krijgt in de reguliere geneeskunde het lijf te weinig kans om het zelf te doen, terwijl het dat nog zou kunnen.

In mijn situatie en vele andere situaties was dat station allang gepasseerd. Maar ik ben blij met reguliere behandelingen zoals de chemokuur, de operatieve verwijdering van mijn baarmoeder en eierstokken, want dat was mijn enige kans. ‘Het heeft bij mij het verlangen tot leven gebracht dat ze naast elkaar mogen bestaan; dat er een brug komt tussen natuurlijke geneeswijzen die hun bestaansrecht al eeuwenlang, maar niet ‘evidence-based’, hebben bewezen en reguliere methodes die gebruikmaken van chemischfarmaceutische oplossingen en moderne technieken en technologieën.

Kan er een brug groeien tussen beide? Ik ben benieuwd wat er dan zou gebeuren: als er respect zou zijn voor elkaars waarheid en merites, en het wederzijdse wantrouwen níet leidend is. ‘Naast medische behandeling, ben ik gaan kijken wat er op een andere manier aandacht vraagt. Wat ik zelf te doen heb. Wat er moet gaan trillen omdat het stil, geïsoleerd en ingekapseld is en daarmee tot een vervorming, een disbalans is geworden.

En ja, ik ben uitgekomen op diepe trauma’s die ik ondanks mijn jarenlange aan mezelf werken, nog niet eerder ben tegengekomen. Dat heeft de ziekte me in elk geval gebracht. ‘En weet je wat mijn innerlijke behandeling is? Na al die jaren mezelf als een verbeterproject te zien? Na jaren knokken met de ongewenstheid van mijn bestaan?

Ik accepteer zoals het is. Wie ik ben. Waar ik ben. Ik neem het voor wat het is. Niet eens met het oogmerk dat dit bijdraagt aan mogelijke genezing. ‘Sinds ik in de acceptatie ben valt me ineens op hoe geweldig lief behandelaars zijn, met kleine gebaren als een dekentje over je heen, even een hand op je schouder.

Pas nu komt dat bij mij binnen. Er wordt voor mij gezorgd. En ik laat het toe. Ik voel me sinds ik ziek ben, veel lichter. Ik ervaar ook een soort genade. Alsof ik een tweede kans krijg.’

 

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Meis Thewissen

Vroeg kinderlijk trauma

Arts voor heel de vrouw

Medicatie is vaak geen genezing

ADHD is geen ziekte

Een totaalbenadering: Het lichaam laat het leven zien

Spierherstel het hele bewegen telt

Bij botbreuken ligt de focus vaak op herstel van het gewricht, zonder aandacht voor spierkrachtverlies. Maar als je noodgedwongen niet kunt bewegen, neemt de spiermassa razendsnel af. Gevolg: onnodig lang revalideren. Daar weet fervent hardloper Heidy van Beurden...

Vroeg kinderlijk trauma

Jaarlijks zijn 118.000 kinderen tot 18 jaar slachtoffer van vroegkinderlijk trauma. Het werkelijke aantal ligt veel en veel hoger. Veel gevallen blijven ongezien, onopgemerkt en onbehandeld. Met alle negatieve effecten van dien. Vooral trauma dat in de eerste zeven...

Uitgelezen: De helende kracht van de adem

Mijn boek De helende kracht van de adem biedt een grote verscheidenheid aan eenvoudige, directe en diepgaande oefeningen met de adem (Sanskriet: prana, Tibetaans: lung). Deze oefeningen kunnen het welzijn van lichaam, energie en geest op verschillende niveaus...

Meis Thewissen avatar

Over de auteur

Drs. Meis Thewissen ziet in haar praktijk voor lichaamsgerichte psychotherapie dat het eigen lijf de belangrijkste raadgever is over de gezondheid. Of dat nu mentaal, emotioneel of fysiek is. Alles hangt met alles samenen daarom is ziek zijn geen losstaand probleem. Gezond zijn omvat elk mens als geheel.
Lees meer artikelen van Meis Thewissen