17-03-2015

Vet is gezond

[UITGELICHT]

Vet is gezond

Het idee dat vet eten je bloedvaten laat dichtslibben, heeft de fabrikanten van vetarme voeding bepaald geen windeieren gelegd. Toch is die theorie nooit bewezen en nu blijkt – na dertig jaar – ook nog eens dat de medische wereld er al die tijd naast heeft gezeten.

Door Bryan Hubbard

Het lijkt wel alsof je een school vissen of een zwerm vogels plotseling van richting ziet veranderen. In het tijdsbestek van een paar maanden is de medische wereld – gevolgd door haar fans in de belangrijke media – radicaal van mening veranderd: vet veroorzaakt helemaal geen hartziekten, zeggen de medische experts nu. Welnee: suiker is de boosdoener! Het is alsof de theorie over ongezonde vetten – het fundament onder de miljardenindustrie van vetarme voeding – nooit heeft bestaan.

Opkomst en ondergang
Die theorie werd in de jaren vijftig van de vorige eeuw voor het eerst verkondigd door Ancel Keys, onderzoeker aan de Universiteit van Minnesota. Volgens Keys verhoogden de verzadigde vetten in vlees, zuivel, eieren en plantaardige producten, het cholesterolgehalte in het bloed. Dat zou leiden tot meer kans op dichtgeslibde bloedvaten en hartziekten.
In de jaren tachtig was Keys’ theorie algemeen aanvaard door regeringen en gezondheidsorganisaties. De voedingsindustrie was er bovendien als de kippen bij met haar vetarme voeding en alternatieven met geharde plantaardige vetten. ‘Vet is slecht voor hart en bloedvaten’, werd de gevleugelde uitspraak.
Er werden goede zaken gedaan, maar geen deugdelijk onderzoek. Wetenschappelijke bewijzen voor een verband tussen verzadigde vetten en hartziekten werden er nauwelijks gevonden. Vorig jaar zijn onderzoekers en artsen eindelijk wakker geschud door de harde waarheid: hun theorie blijkt bar weinig om het lijf te hebben.

De eerste tegengeluiden
Een van de eersten die de gelederen doorbrak, was James DiNicolantonio van het Ithaca College in New York. Volgens DiNicolantonio is niet overtuigend bewezen dat vetarm eten gunstig is voor de gezondheid. Bovendien lijkt juist de toegenomen consumptie van suikers – en niet van verzadigde vetten – te verklaren waarom het aantal Amerikaanse patiënten met diabetes en overgewicht zo sterk is gegroeid. Hij roept daarom op tot een grote gezondheidscampagne die net zo wijdverbreid en agressief is als de vroegere campagnes voor vetarme voeding. Mensen moeten ervan worden doordrongen dat de geneeskunde het mis had en dat de werkelijke boosdoener niet vet is, maar koolhydraten en suikers zijn.1
DiNicolantonio werd op de voet gevolgd door een team van Britse en Nederlandse onderzoekers die 76 onderzoeken hadden geanalyseerd met bijna 650.000 deelnemers. Hun conclusie: het totale gehalte aan verzadigde vetzuren – zowel in voeding als in het bloed – heeft ‘geen verband met coronaire hartziekten’ (vernauwingen van de kransslagaders van het hart).2

De theorie van Keys
Hoe is het mogelijk dat iedereen er al die tijd naast heeft gezeten? Het begon allemaal met Ancel Keys, die alles op alles zette om te ‘bewijzen’ dat verzadigde vetten hartziekten veroorzaken. Coronaire hartziekten waren in de jaren vijftig een belangrijke doodsoorzaak in het Westen geworden, en het was Keys opgevallen dat hartziekten veel minder vaak voorkwamen in de landen aan de Middellandse Zee.
Keys werd sterk beïnvloed door het onderzoek van David Kritchevsky, die had aangetoond dat konijnen die cholesterol te eten kregen, atherosclerose (aderverkalking) ontwikkelden. Op basis van flinterdunne bewijzen – en zonder nader onderzoek bij mensen te hebben gedaan – beweerde Kritchevsky kort daarna dat verzadigde vetten hartziekten veroorzaakten. De meervoudig onverzadigde vetten in bijvoorbeeld plantaardige olie, sojabonen en zonnebloempitten zouden bovendien het cholesterolgehalte kunnen verlagen.
Keys was ervan overtuigd dat het mediterrane dieet, dat rijk is aan onverzadigde vetzuren, het levende bewijs was voor Kritchevsky’s beweringen. Hij bevestigde dit − of zo leek het in elk geval − met de Seven Countries Study, een onderzoek dat hij in 1958 startte en dat het mediterrane dieet vleugels gaf. De studie toonde een direct verband aan tussen hartziekten en de hoeveelheid dierlijke vetten die mensen aten, op basis van gegevens uit zeven landen, waaronder Finland en Servië (in het voormalige Joegoslavië).3
Keys had echter gegevens verzameld van tweeëntwintig landen. De vijftien landen die niet de gewenste resultaten hadden opgeleverd, liet hij buiten beschouwing. Als hij alle landen had meegenomen, zou het verband tussen vetten en hartziekten verdwenen zijn, zegt de Deense onderzoeker Uffe Ravnskov.
Inmiddels bekleedde Keys een invloedrijke post in de adviescommissie van de Amerikaanse hartstichting en werd zijn theorie over vetten en hartziekten steeds populairder. In 1984 was de theorie algemeen geaccepteerd en had een nieuw gezond voedingspatroon zijn intrede gedaan – samen met een nieuwe industrie van vetarme voeding en dranken.

Miskende theorieën
Het tragische was niet dat het gebruik van de – uiteraard zeer gezonde – mediterrane voeding werd gestimuleerd, maar dat andere theorieën die op de werkelijke oorzaak van hartziekten wezen, werden verlaten. In dezelfde periode dat Keys zijn theorie begon uit te werken, ontstond bij andere wetenschappers namelijk het vermoeden dat geharde plantaardige vetten – onverzadigde vetten die industrieel zijn omgezet in hardere verzadigde vetten en die steeds meer werden toegepast in “nieuwe” voedingsmiddelen zoals margarine en koekjes − wel eens de boosdoeners konden zijn. Met andere woorden: er was mogelijk een link met bewerkte voedingsmiddelen.
Een van Keys’ andere tegenstanders uit die tijd was de Britse onderzoeker John Yudkin. Volgens Yudkin verklaarde de toename van suikers in voeding, de stijgende hartziektecijfers veel beter dan verzadigde vetten ooit hadden gedaan. Het duurde echter zestig jaar voordat de medische wereld Yudkin in het gelijk stelde.

Gebrek aan bewijs
Al won Keys destijds het duel met Yudkin, niemand wist ooit zijn gelijk te bewijzen. Elf jaar lang werkten onderzoekers van de surgeon-general, de hoogste gezondheidsadviseur van de Amerikaanse federale overheid, aan wat het definitieve rapport moest worden over vetten en hartziekten. Ze gaven het echter op, omdat ze geen enkel bewijs konden vinden.
Door de jaren heen zijn ook andere onderzoekers er nooit in geslaagd om Keys’ theorie te onderbouwen. In een analyse van zeven klinische onderzoeken en zestien observationele onderzoeken, waaraan honderdduizenden mensen hadden deelgenomen, werd geen verband gevonden.4 Ook de Nederlandse onderzoeker Robert Hoenselaar kon geen gegevens vinden die de huidige voedingsadviezen ondersteunen.5 Het lukte deze onderzoekers ook niet om het tweede deel van Keys’ theorie te bewijzen, namelijk dat meervoudig onverzadigde vetzuren, het cholesterolgehalte laten dalen.
Wat wetenschappers daarentegen wel ontdekken, blijkt totaal in tegenspraak te zijn met Keys’ theorie: vetten zijn juist gezond voor ons.6

[STREAMERS]
Het is alsof de theorie over ongezonde vetten nooit heeft bestaan.
Er werden goede zaken gedaan, maar geen deugdelijk onderzoek.
De vijftien landen die niet de gewenste resultaten hadden opgeleverd, liet Keys buiten beschouwing.
Suikers in voeding verklaarden de stijgende hartziektecijfers veel beter dan verzadigde vetten.
Ook andere onderzoekers zijn er nooit in geslaagd om Keys’ theorie te onderbouwen.

1 BMJ Open Heart, 2014; 1: e0000322 Ann Intern Med, 2014; 160: 398-4063 Keys A. Seven Countries: A Multivariate Analysis of Death and Coronary Heart Disease. Cambridge, MA/London: Harvard University Press, 19804 Am J Clin Nutr, 2010; 91: 502-95 Nutrition, 2012; 28: 118-236 Mayo Clin Proc 2014; 89: 451-3

[kadertekst:]
Twijfels over statines
De discussies over statines (cholesterolverlagers) blijven maar oplaaien. Eerst beweerden onderzoekers dat statines helemaal geen bijwerkingen hadden, al verklaarden ze later dat ze hun uitspraken wel iets voorzichtiger hadden mogen formuleren.1 Daarna moest het British Medical Journal een artikel corrigeren waarin stond dat tot wel 20 procent van de gebruikers last van bijwerkingen had. Volgens medisch onderzoeker Rory Collins waren die schattingen echter een factor twintig te hoog. Daarom heeft hij het tijdschrift gevraagd het artikel in te trekken.
Zoals altijd lijkt de waarheid ergens in het midden te liggen. Heel wat onderzoeken hebben aangetoond dat statines inderdaad bijwerkingen hebben. Zo is een veelvoorkomende bijwerking spierzwakte, maar blijken statines ook het risico op borstkanker te verdubbelen2 en het risico op staar te verhogen, vooral bij mensen met lage LDL-cholesterolwaardes.3
Hartspecialist Stephen Sinatra denkt dat statines inderdaad van levensbelang kunnen zijn voor mensen die zeer hoge cholesterolwaardes hebben en daarbij aan coronaire hartziekte lijden (vernauwde kransslagaders). Maar hij vindt niet dat iedereen boven de vijftig het middel zomaar mag gebruiken, iets wat veel voorstanders wel aanbevelen. ‘We moeten patiënten met zorg behandelen en de keuze voor statines met de grootste zorgvuldigheid maken om onnodige bijwerkingen te voorkomen’, zegt hij.4

1 Eur J Prev Cardiol, 2014; 21: 464-742 Cancer Epidemiol Biomarkers Prev, 2013; 22: 1529-373 JAMA Ophthalmol, 2013; 131: 1427-344 J Am Coll Nutr, 2014; 33: 79-88

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Bryan Hubbard

De medicijnen zijn heerlijk

Het Laatste woord: De illusie van de goochelaar

Het laatste woord; Is het beter om niets te voelen?

Het laatste woord

Artsen weten wel beter

Column dr. Wendy Lin; Handzenuw in de knel

Anderhalf jaar geleden kwam een man in mijn praktijk. Hij was net gepensioneerd. Zijn hele leven was hij internationaal correspondent geweest, dus hij had veel tijd achter zijn toetsenbord doorgebracht. Tuinieren was de hobby waarin hij altijd zijn rust had gevonden....

Bryan Hubbard avatar

Over de auteur

Bryan Hubbard studeerde filosofie aan de universiteit van Londen. Hij is de echtgenoot van Lynne McTaggart en samen zijn zij directeur van twee uitgeverijen, WDDTY Publishing Ltd en New Age Publishing Ltd. Hij is uitgever van het maandblad What Doctors Don’t Tell You. ( Het moederblad van Medisch Dossier)
Lees meer artikelen van Bryan Hubbard