02-01-2024

Verzekerde zorg maakt ons hulpeloos

We zijn verantwoordelijk voor ons eigen leven, onze problemen en onze gezondheid. Als we onze gezondheidsproblemen niet zelf meer kunnen oplossen, dan kunnen we hulp vragen aan onze familie, vrienden, buren en kennissen. Gelukkig bestaat er professionele, betaalde en verzekerde zorg als we ook daar niet (meer) terechtkunnen.

De professionele zorgverlener kan ons gezondheidsvraagstuk grofweg op drie manieren benaderen: zij of hij kan het probleem overnemen en proberen op te lossen, ons helpen bij het zoveel mogelijk oplossen van eigen vraagstukken of zich richten op het activeren van onze sociale omgeving voor hulp.

Helemaal vreemd in de zorgwereld zijn de laatste opties niet. Wijkverpleegkundigen, bijvoorbeeld, hielpen mensen 25 jaar geleden nog door ze zoveel mogelijk zelf te laten doen en organiseerden zorg door mensen in de omgeving te betrekken. Dat kost op korte termijn meer tijd, maar is op lange termijn besparend.

Natuurlijk zijn er problemen die gewoon overgenomen en opgelost moeten worden. Een gebroken arm kan maar beter gewoon gezet worden en diabetes type 1 vereist het toedienen van insuline.

Maar een belangrijk deel van onze aandoeningen is welvaartgerelateerd. Diabetes type 2 is hiervan een voorbeeld. In Nederland lijden ruim 1,3 miljoen mensen aan deze leefstijlziekte. De verwachting is dat met een leefstijlaanpassing een aanzienlijk deel daarvan kan worden opgelost, met als resultaat een miljardenbesparing en vooral een verbetering van levenskwaliteit. Gemakkelijk toegankelijke geneesmiddelen prikkelen de patiënt niet om de leefstijl aan te passen. Stoppen met roken en minder alcohol drinken, minder eten en meer bewegen is toch moeilijker dan medicijnen nemen.

Het verzekeren van zorg maakt dit nog moeilijker, want dit betekent dat mensen die premie betalen automatisch recht hebben op zorg. Dit recht op zorg neemt de plaats in van de plicht om voor jezelf en voor anderen te zorgen. De Amerikaanse psycholoog Martin Seligman noemde dat in 1967 al ‘aangeleerde hulpeloosheid’: mensen verleren het om zelf effectief te handelen bij het oplossen van hun problemen.

Ook een huisarts zou op een klacht van een patiënt kunnen reageren met: ‘Zo, en wat gaat u daaraan doen?’ Deze reactie zal bij veel patiënten agressie en onbegrip oproepen. Immers, we hebben recht op behandeling. Bij andere verzekeringen is het wijzen op plichten niet vreemd. Als we met onze auto’s net zo zouden omgaan als met ons lichaam (er vrolijk op los rijden en van alles in de tank stoppen), zouden velen van ons uit de autoverzekering gegooid worden. Het afschaffen van de eigen bijdrage voor zorgkosten, zoals sommige politieke partijen willen, gaat daar ook niet bij helpen.

Dit zou alleen kunnen als ons pakket verzekerde zorg kleiner is, betrekking heeft op de hoogstnoodzakelijke zorg en níet op zorgvragen die we zelf kunnen oplossen. De besparing op zo’n verkleind pakket levert ook nog eens ruim voldoende op om de zorgkosten van mensen met lage inkomens, die misschien minder gezond zijn uit armoe, te verlagen.

Laten we de balans zoeken van rechten en plichten, ook in de gezondheidszorg.

(Noot redactie: vanaf deze editie schrijft Jo Caris de Medisch Dossier-rubriek ‘Het laatste woord’. Hij volgt hiermee Bryan Hubbard op)

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Jo Caris

Over de auteur

Prof.dr Jo Caris was ruim dertig jaar bestuurder in meerdere sectoren van de gezondheidszorg en twaalf jaar bijzonder hoogleraar aan de Tilburg university. Momeneel is hij belangenbehartiger en docent aan de Internationale school voor Wijsbegeerte

Lees meer artikelen van Jo Caris