07-12-2010

van de Hoofdredactie

Een arts heeft alarm geslagen over het grote aantal medicijnen dat dementie kan veroorzaken.

Heel af en toe ontmoet ik een arts die wel bereid is de gezworen stilte te doorbreken over de schade die medische middelen kunnen aanrichten. Momenteel is mijn held op dit vlak de Amerikaanse psychiater Grace E. Jackson met haar verfrissende maar ook uiterst getergde kijk op de psychiatrische en de meeste andere vormen van farmacologische geneeskunde. Jackson was zelfs dermate verbolgen over de huidige stand van zaken, dat ze zich gedwongen zag haar eigen alarmerende boek uit te geven genaamd Drug-Induced Dementia, waarin pijnlijk accuraat alle wetenschappelijke bewijs is gedocumenteerd dat de moderne geneeskunde de belangrijkste boosdoener is achter alle vormen van dementie, een van de ernstigste epidemische aandoeningen van deze tijd.

Eén van de meest schokkende details in de grote hoeveelheid informatie die ze geeft is dat, in de jaren vijftig, artsen ontdekten dat stoffen uit synthetische verf en uit raket-olie bij psychiatrische patiënten effecten hadden die zij beschouwden als medicinaal. Zo werd chloorpromazine, het eerste antipsychoticum, geboren.

Er was één kink in de kabel: door deze middelen begonnen de patiënten symptomen te vertonen die leken op die van slaapziekte. Verder merkten de artsen dat deze medicijnen op den duur leidden tot alle kenmerken van de ziekte van Parkinson: abnormale gang, tremor, dementie en onwillekeurige bewegingen. Ook raakten de patiënten er afgestompt van, zonder gevoelens of opwinding: in feite werden het plantjes.
Maar met de bijzondere logica die de moderne geneeskunde eigen is werden deze ernstig beperkende bijwerkingen verwelkomd als zijnde beter dan het hebben van een onhanteerbare hallucinerende patiënt. De artsen beschouwden de komst van parkinson-achtige effecten zelfs als teken dat de patiënt in therapeutisch opzicht vooruitging: er bleek immers uit dat het geneesmiddel zijn werk deed.

Maar de schade die door psychiatrische medicijnen ontstaat vormt slechts het topje van de ijsberg. Zoals uit het hoofdartikel van deze maand blijkt, kan dementie ontstaan door geneesmiddelen uit een aantal belangrijke groepen, waaronder hartmedicijnen, cholesterolverlagers, slaappillen, antidepressiva, narcoleptica, stimulerende middelen, anticholinergica en anti-epileptica.

Aangezien de meeste mensen die ouder zijn dan 50 jaar minimaal één medicijn op recept gebruiken, en vanaf 60 jaar zelfs tot zes of meer middelen tegelijk, is het nauwelijks wonderlijk te noemen dat dementie één van de snelst groeiende aandoeningen ter wereld is, waaraan momenteel meer dan eenderde van alle rekeningen in het Amerikaanse Medicare systeem (een soort ziekenfonds) opgaat. De schatting op dit moment is dat één op de vier mensen enige vorm van dementie zal hebben tegen de leeftijd van tachtig jaar.

Dit gigantische probleem, dat in zijn geheel is gecreëerd door de farmaceutische industrie, is het zoveelste bijproduct van de weigering van onze huidige geneeskunde om het lichaam als een holistische entiteit te beschouwen.

In 1970 stuitte de Duitse natuurkundige Fritz-Albert Popp op het feit dat mensen een zeer kleine stroom fotonen, ofwel licht, uitzenden vanuit het DNA in elke cel. Hij ontdekte tevens iets anders opmerkelijks. Wanneer een geneesmiddel werd toegediend aan één deel van het lichaam, dan ontstond er een enorme verandering in de hoeveelheid licht die werd uitgezonden, niet alleen vanuit het deel waar hij het middel had toegepast, maar ook vanuit andere, verder afgelegen delen van het lichaam. Popp zag al snel in dat dit licht een communicatiekanaal vormde binnen elk levend wezen: een methode voor prompte, ofwel ‘niet-lokale’, algehele uitzending van signalen.

Het werk van Popp biedt ons een klein inkijkje in hoe het lichaam werkt als een fantastisch geheel van onderlinge verbindingen. Alles wat één deel beïnvloedt, beïnvloedt tegelijk ook alle andere delen. Telkens wanneer we iets atomiseren, zoals ons lichaam wanneer we het opdelen en elk onderdeel afzonderlijk behandelen, dan vragen we om rampen.

Lynne McTaggart

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...