Prostaatkanker te lijf

Volgens de moderne geneeskunde zou het onvermijdelijk zijn dat mannen, als ze ouder worden, prostaatkanker krijgen. Celeste McGovern heeft zich verdiept in nieuw onderzoek dat laat zien dat de basis van problemen – en oplossingen – van de prostaat in de darmen zit.

Mannen zijn zich over het algemeen niet zo bewust van hun prostaat, totdat die begint op te spelen.

De prostaat is een klein, onbeduidend orgaan dat onder de blaas ligt. Door zijn afmetingen wordt hij vaak vergeleken met een walnoot. Hij vervult rustig zijn ondankbare, maar essentiële taak: hij voegt enzymen en andere bestanddelen toe aan de zaadvloeistof, zodat de zaadcellen daar vrij in kunnen bewegen. Dat gaat goed, totdat een man ineens merkt dat hij regelmatig midden in de nacht naar het toilet moet of dat zijn straal urine niet meer zo krachtig is als vroeger.

Kevin McNamara merkte op een ochtend dat hij niet meer zo gemakkelijk kon plassen. Het duurde even voordat de straal kwam en het plassen kostte hem moeite. Dat vond hij vreemd. Hij ging ermee naar de dokter.
Die volgde het algemene protocol voor prostaatproblemen. Met bloedonderzoek werd zijn PSA-waarde gemeten (zie kader). Hij had een waarde 6: dat is hoog. De schaal van PSA-waarden houdt rekening met je leeftijd en etnische afkomst. Uit een MRI-scan bleek dat zijn prostaat inderdaad vergroot was. Daarom werd een biopsie gedaan.

Het afnemen van kleine stukjes van de prostaat voor onderzoek (biopsie) zou een eenvoudige ingreep zijn. Het duurt maar 10 minuten en kan wat vervelend voelen. Maar het kan helaas ook erg pijnlijk en riskant zijn. Daar houden artsen tegenwoordig rekening mee; soms geven ze een plaatselijke verdoving.

Een biopsie kan een erectiestoornis veroorzaken.1 Bij twee tot vijf procent van de biopsieën ontstaat bloedvergiftiging (sepsis), dan moet je meestal in het ziekenhuis blijven.2 Sommige mensen beweren dat kankercellen die bij een biopsie loskomen, kunnen zorgen dat de kanker zich uitzaait. De bekende Mayo-kliniek in New York heeft een groot onderzoek gedaan naar biopsieën bij alvleesklierkanker. Daaruit bleek echter dat biopsieën geen uitzaaiingen veroorzaken. De onderzoekers zeggen dat dit ook voor prostaatbiopsieën geldt.3 Een ander (literatuur)onderzoek naar de risico’s van uitzaaiingen door biopsie bij prostaatkanker liet zien dat bij minder dan 1 procent van de gevallen sprake lijkt te zijn van uitzaaiing via de biopsienaald. De onderzoekers concludeerden dat de voordelen van een goede diagnose en behandeling opwegen tegen dit kleine risico.4

Bij een biopsie steekt de arts een holle naald door de wand van de endeldarm heen in de prostaat en neemt daar meestal 10 tot 12 (tot soms wel 45) kleine stukjes weefsel af. Of je daarmee de kanker ook vindt als die aanwezig is, blijft onzeker. Het is zoiets als 12 knikkers pakken uit een zak van 1000 knikkers in allerlei kleuren en hopen dat er een rode knikker bij zit.

Kevins biopsie bleek positief voor prostaatkanker: een diagnose die in 2018 wereldwijd 1,3 miljoen keer werd gesteld, waarmee prostaatkanker de op-een-na meest voorkomende vorm van kanker bij mannen is. De arts raadde Kevin aan om zijn prostaat weg te laten halen.

Dat was in 2012, toen het woord ‘prostaatoperatiespijt’ nog niet tot het medische jargon was doorgedrongen. Maar Kevin had zijn bedenkingen bij een operatie.

Hij volgde een presentatie van de Amerikaan Don Tolman. Deze fervente aanhanger van onbewerkt voedsel preekt de boodschap dat je gezond kunt blijven door goed voedsel, zon, gezond leven en meditatie. Kevin was meteen verkocht. Hij weigerde de operatie en maakte een afspraak met Tolman, een indrukwekkende figuur met een zwarte Poirot-snor en een cowboyhoed. Hij begon zijn eigen behandeling met vruchtensappen en groenten, heel veel ontstekingsremmende kurkuma en vegetarisch eten, en deed dat minstens een jaar lang.

De wetenschap haalt de aanhanger van onbewerkt voedsel intussen in. Onlangs heeft het Genitourinary Malignancies Research Center van de Cleveland Clinic in Ohio de resultaten gepubliceerd van een onderzoek naar de concentraties voedingsstoffen en stofwisselingsproducten uit de darmen in het bloed van bijna 700 mensen.

De onderzoekers vergeleken de uitgangswaarden van die concentraties bij mannen die later prostaatkanker kregen en degenen die daaraan overleden, met de uitgangswaarden van mannen die gezond waren gebleven. Al deze mannen hadden eerder meegedaan aan een screeningsonderzoek van het Amerikaanse nationale kankerinstituut (National Cancer Institute) naar prostaatkanker, longkanker en darmkanker. Uit de vergelijking bleek dat mannen die een hoge concentratie PAGln (fenylacetylglutamine) in hun darmen hadden, tot driemaal zo veel kans hadden op een agressieve vorm van prostaatkanker.

De ongunstige stof PAGln ontstaat wanneer micro-organismen in de darmen het aminozuur fenylalanine afbreken. Fenylalanine zit vooral in vlees, bonen, soja, eidooiers en vette zuivelproducten. Ook twee andere voedingsstoffen uit deze producten – choline en betaïne – gaven een grotere kans op agressieve prostaatkanker.5

‘We hebben ontdekt dat mannen die meer hebben van bepaalde voedingsmoleculen, een grotere kans hebben op agressieve prostaatkanker’, zegt Nima Sharifi, directeur van het Genitourinary Malignancies Research Center en leider van het onderzoek.

‘We gaan verder met ons onderzoek op dit gebied. We hopen dat we in de toekomst met deze moleculen prostaatkanker in een vroeg stadium kunnen aantonen. We zouden ook kunnen meten wie een grotere kans heeft op de ziekte. Die mensen kunnen dan door aanpassingen in hun voedingspatroon en leefstijl de kans op de ziekte verkleinen.’6

Voor Kevin McNamara werkte het goed. Hij gaf zich volledig over aan het antikankerprogramma van Tolman. Negentig dagen lang nam hij geen vlees, eieren en zuivel. Hij begon elke dag met een vezelrijk ontbijt met havermout, lijnzaad en citrussap (zie p27). Daarbij dronk hij Tolmans CABALA-smoothie. CABALA is de Engelse afkorting van de ingrediënten: wortelen, drie appels, een flinke biet en een citroen. Hij voegde er ook nog grote hoeveelheden kurkuma aan toe, dat ontstekingen tegengaat.

‘Nog voordat de negentig dagen voorbij waren, kon ik weer plassen als een paard!’ vertelt Kevin. ‘Mijn prostaat had zijn oude afmetingen weer terug. Ik had geen moeite meer met plassen.’ Na een maand of vijf werd zijn PSA-waarde weer bepaald. Die bleek van 6 te zijn gedaald naar 2.

Wat goed is voor een gezonde prostaat, is ook goed voor andere aspecten van de gezondheid, zoals een gezond hart. Stanly Hazen, een van de onderzoekers in het team van de Cleveland Clinic, heeft ontdekt dat er een soortgelijk verband is tussen afvalstoffen in de darmen en de kans op hart- en vaatziekten. Samen met collega’s schreef hij in 2020 een artikel over hun ontdekking dat PAGln de kans op een hartaanval, beroerte en overlijden vergroot.7

‘Het is interessant dat PAGln aan dezelfde receptoren bindt als bètablokkers. Bètablokkers worden vaak voorgeschreven om de bloeddruk te verlagen. Door de bloeddruk te verlagen, verklein je de kans op hartziekten’, vertelt Hazen. ‘Dat kan betekenen dat bètablokkers zo goed werken, doordat ze de activiteit van de afvalstof blokkeren.’

Het team van de Cleveland Clinic onderzoekt nu of je bètablokkers kunt gebruiken om prostaatkanker te behandelen. Intussen kun je vast de volgende dingen doen om de gezondheid van je hart en prostaat te verbeteren.

Wel of niet testen

Een standaardtest bij het vaststellen van prostaatkanker is de PSA-test. PSA staat voor prostaatspecifiek antigeen. Dat is een enzym dat eiwitten afbreekt die door de prostaat worden uitgescheiden.
PSA komt ook in het bloed terecht. De hoeveelheid PSA in het bloed kan op prostaatkanker wijzen. Het is bekend dat de PSA-test niet zonder problemen is: PSA wordt bijvoorbeeld ook bij vrouwen gemeten, met name zwangere vrouwen kunnen hoge PSA-waarden hebben. Het is zelfs in moedermelk gezien.

De PSA-test kan ten onrechte een positieve uitslag geven. En in een op de zeven gevallen geeft hij een negatieve uitslag bij mannen die wél prostaatkanker hebben. Bij een positieve uitslag zegt de waarde soms meer over de grootte en de leeftijd dan over kanker: ook andere aandoeningen, zoals goedaardige hyperplasie en ontsteking en infectie van de prostaat, evenals bepaalde medicijnen zoals ibuprofen, kunnen hoge waarden veroorzaken.

Een positieve PSA-test geeft iemand de kans om de kanker te bestrijden als die nog klein en onschadelijk is, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Meer dan 70 procent van de mannen boven de 80 jaar krijgt prostaatkanker. De meesten van hen gaan niet dood aan de ziekte, maar met de ziekte.1

De test kan dus ook aanleiding zijn voor onnodige, pijnlijke en riskante behandelingen voor een gezwel dat zich bij veel mannen goedaardig zal gedragen en misschien niet opgemerkt zou worden. Deze mannen hebben 24 keer zoveel kans om aan iets anders dan prostaatkanker te overlijden.2

De beperkingen van de test zijn lang genegeerd, maar worden nu algemeen erkend. In Nederland worden mannen dan ook niet standaard op PSA getest, alleen bij klachten.

In het Verenigd Koninkrijk kunnen mannen van boven de vijftig wel worden getest. Ze krijgen tegenwoordig het advies om online informatie te zoeken over de voors en tegens van de test. Daarbij wordt benadrukt dat de test niet alle gevallen van kanker opspoort, kan leiden tot onnodige medische onderzoeken, geen onderscheid maakt tussen agressieve, gevaarlijke kanker en langzaam groeiende, goedaardige gezwellen en ‘dat de test u ongerust kan maken als hij een langzaam groeiende kanker vindt die nooit een probleem zal geven.’3

De PSA-test kan worden aangevuld met een al even gevreesd onderzoek: de arts voelt de prostaat door een vinger (met handschoen) in de anus te brengen. Hierdoor wordt de PSA-test wat betrouwbaarder.

Vaak leiden de resultaten tot nog meer onderzoeken. Een biopsie is een ingreep in het lichaam en kent risico’s (zie hoofdtekst). Daarna volgen ‘oplettend afwachten’ (controles en meer PSA-tests), bestraling, hormoonbehandeling, een operatie of een combinatie daarvan, en vervolgens nog meer PSA-tests.

De afgelopen jaren overleven steeds meer mensen prostaatkanker. Dat komt waarschijnlijk door betere behande-lingen.4 Alleen weet niemand precies welke behandeling het beste werkt en de behande-lingen werken niet altijd en bij iedereen.

De medische wereld erkent nu wel dat PSA-tests angst en overbehandeling veroorzaken, maar veel landen gaan gewoon door met het screenen van oudere mannen. Nederland heeft dit nooit gedaan en is ook niet van plan om dit te gaan doen. Volgens een marketingrapport zullen de totale kosten voor het vaststellen van prostaatkanker stijgen van 2,9 miljard euro in 2020 tot 6,74 miljard in 2027.5

Bronnen
1 “Prostate Cancer: A Guide for Aging Men.” www.aging.com
2 J Clin Oncol, 2015; 33(30): 3379–85
3 National Health Service, “Should I have a PSA test?” www.nhs.uk
4 Cancer, 2012; 118(23): 5955–63
5 Grand View Research, Feb 2020

 

Eet even geen rood vlees

Rood vlees is een soort anti-superfood geworden: veel rood vlees eten blijkt met kanker en hart- en vaatziekten samen te hangen. Veel supermarktvlees komt uit de bio-industrie, waar dieren dicht op elkaar staan en gestrest zijn. Ze krijgen uitgekiend veevoer te eten in plaats van dat ze zelf hun eten bij elkaar kunnen scharrelen. Ook krijgen ze vaak allerlei vaccins, antibiotica en hormonen. Groeihormonen zijn in Europa weliswaar verboden, maar je mag ze wel andere hormonen geven.

Maar veel onderzoeken die vlees als de boosdoener aanwijzen, maken geen onderscheid tussen bewerkt vlees of producten uit de bio-industrie, en biologisch vlees van dieren die buiten lopen of gras te eten krijgen. Daarom is het lastig om die onderzoeken goed te beoordelen. Er zijn nog meer factoren die de resultaten beïnvloeden, zoals hoeveel beweging de dieren hadden en hoe zwaar ze waren.

Dit probleem is onlangs onderzocht door onderzoekers van de Universiteit van Oxford en in 2021 gepubliceerd. Ze gebruikten een grote gegevensbank van 474.985 volwassenen van middelbare leeftijd die tussen 2006 en 2017 hadden meegedaan aan een Brits onderzoek. Ze keken of er een verband is tussen de hoeveelheid vlees die mensen eten en hoe vaak ze in een ziekenhuis worden opgenomen of overlijden.

Mensen die regelmatig vlees aten, gemiddeld 70 gram vlees per dag – al of niet bewerkt, maar de leefomstandigheden van de dieren waren niet bekend – hadden 15 procent meer kans op een hartziekte, 30 procent meer kans op diabetes en 31 procent meer kans om longontsteking te krijgen.

De meeste gezondheidsproblemen werden alleen minder als ze ook keken naar de BMI. De problemen kwamen vooral voor bij mensen met overgewicht en obesitas. De vraag die dan overblijft, is hoeveel invloed vlees eten heeft op overgewicht, wat weleens het echte gevaar zou kunnen zijn.8

[su_image_carousel source=”media: 343731″ crop=”none” adaptive=”no” spacing=”no” align=”left” max_width=”60%” arrows=”no” dots=”no”]

Het probleem met TMAO

Onderzoekers hebben één stof, TMAO (trimethylamineNoxide), kunnen aanwijzen als de boosdoener die voor hartziekten zorgt als je veel vlees eet. De stof beïnvloedt de vorming van bloedpropjes en plaques (afzettingen van cholesterol) in de bloedvaten.

TMAO wordt gevormd door darmbacteriën, als bijproduct van de spijsvertering. Het ontstaat onder andere uit voedingsstoffen die veel in rood vlees zitten. Er zijn steeds meer studies die een verband vinden tussen hogere concentraties TMAO en een grotere kans op hartziekte, hartaanval, beroerte en overlijden. De mensen met de hoogste concentraties TMAO hebben 62 procent meer kans op hart- en vaatziekten dan de mensen met de laagste waarden.9

Aan het prostaatonderzoek van de Cleveland Clinic deden 113 gezonde deelnemers mee. Ze kregen in willekeurige volgorde drie keer een dieet dat ze telkens één maand moesten volgen. Alle maaltijden werden voor hen bereid. De calorieën van de maaltijd kwamen voor een kwart uit eiwitten. Die kwamen ofwel van rood vlees, van wit vlees, of uit andere bronnen dan vlees.

Wie rood vlees kreeg, kreeg een hoeveelheid die vergelijkbaar is met een biefstuk van 225 gram. Amerikanen eten overigens gemiddeld 164 gram vlees per dag, tegenover Nederlanders voor wie dit 106 per dag is. Mensen die dit dieet een maand hadden gevolgd, hadden tot drie keer zoveel TMAO in hun bloed als na een dieet met eiwitten uit wit vlees of andere bronnen. De deelnemers die de drie diëten met extra veel verzadigde vetten kregen (met evenveel calorieën), hadden geen hogere concentraties TMAO.

Het onderzoek liet duidelijk zien dat de hogere concentraties TMAO weer lager konden worden: als de deelnemers geen rood vlees meer kregen en een maand wit vlees of eiwitten uit een andere bron kregen, daalde hun TMAO weer.

‘Dit onderzoek laat voor het eerst zien welk dramatisch effect je voedingspatroon heeft op de concentraties TMAO, een stof die steeds meer in verband wordt gebracht met hartziekten’, zegt Hazen.

Charlotte Pratt is voedingsonderzoeker bij de Amerikaanse gezondheidsorganisatie NIH. ‘Deze resultaten laten nog een keer het belang zien van de huidige aanbevelingen voor een gezonde voeding: mensen van alle leeftijden moeten rood vlees beperken, omdat dat beter is voor je hart,’ zegt ze. ‘Dat betekent dat je gevarieerd moet eten, met meer groenten, fruit, volkorengranen, magere zuivelproducten en plantaardige eiwitbronnen zoals bonen en erwten.’10

In Nederland adviseert het Voedingscentrum om niet meer dan 500 gram vlees per week (inclusief vleeswaren) te eten, waarvan maximaal 300 gram rood vlees. Rood vlees is al het vlees dat komt van runderen, schapen, geiten en varkens.11

[su_image_carousel source=”media: 343732″ crop=”none” adaptive=”no” spacing=”no” align=”left” max_width=”60%” arrows=”no” dots=”no”]

Vis heeft geen effect

Aan een onderzoek uit 2020 deden 29.682 volwassen Amerikanen mee die bij de start van het onderzoek geen hart- of vaatziekte hadden. De deelnemers werden 30 jaar lang gevolgd en er werd precies genoteerd wat ze aten en dronken. Een conclusie van het onderzoek was dat er ‘een duidelijk verband was tussen het eten van bewerkt vlees, niet-bewerkt rood vlees of gevogelte en het ontstaan van hart- en vaatziekten, maar dat verband was er niet voor het eten van vis.’

Het risico werd niet erg veel groter door vlees eten: de kans op hart- en vaatziekten en overlijden door andere oorzaken steeg met ongeveer 3 tot 7 procent. ‘De absolute risico’s waren over de 30 jaar dat we de deelnemers hebben gevolgd, minder dan 2 procent hoger.’

Eet meer planten

In 2021 werd een onderzoek gepubliceerd in AJCN (American Journal of Clinical Nutrition). De onderzoekers keken naar de invloed van een plantaardig dieet op prostaatkanker. Ze gebruikten hiervoor gegevens van 47.239 mannen uit een ander onderzoek (Health Professionals Follow-up Study, 1986-2014).

Het onderzoek werd uitgevoerd door onderzoekers van verschillende universiteiten en ziekenhuizen in Amerika. Ze volgden 6.655 mannen met prostaatkanker, onder wie 515 met een al gevorderd stadium toen ze de diagnose kregen, 956 met een dodelijk stadium (uitzaaiingen of overlijden) en 806 van wie het overlijden werd toegeschreven aan prostaatkanker. Ze concludeerden dat ‘het eten van meer plantaardig voedsel samenging met een duidelijk kleinere kans op dodelijke prostaatkanker.’

Bij mannen jonger dan 65 jaar, maar niet bij oudere mannen, hield plantaardig voedsel verband met een kleinere kans op prostaatkanker. En als ze toch prostaatkanker kregen, hadden ze minder kans dat de ziekte zich uitbreidde en dat ze eraan overleden.12

Tomaten

Als er één plant is die je als ‘superfood’ kunt beschouwen voor de gezondheid van mannen, is dat waarschijnlijk de tomaat. De gunstige invloed van tomaten op de gezondheid van hart en bloedvaten is al tientallen jaren bekend.
Tomaten zijn een rijke bron van lycopeen, bètacaroteen, foliumzuur, kalium, vitamine C, flavonoïden en vitamine E. Het maakt wel verschil of je tomaten rauw of gekookt eet. Door tomaten te koken of bakken, leveren ze bijvoorbeeld meer lycopeen, maar minder andere voedingsstoffen. Het is dus zinvol om zowel rauwe als gekookte tomaten te eten.

‘Veel van deze voedingsstoffen kunnen, apart of samen met andere stoffen, lipoproteïnen en bloedvatcellen beschermen tegen oxidatie. Het wordt algemeen aangenomen dat oxidatie de oorzaak is van aderverkalking’, zeggen onderzoekers van de North Carolina Staatsuniversiteit in een overzichtsartikel over dit onderwerp. ‘De voedingsstoffen in tomaten kunnen het hart mogelijk ook beschermen door het verlagen van LDL-cholesterol, homocysteïne, de klontering van bloedplaatjes en de bloeddruk.’13

In een overzichtsartikel uit 2019 van de medische literatuur over tomaten werden 28 publicaties bekeken over de inname van lycopeen en de bloedwaarden van lycopeen. Veel lycopeen in de voeding of hoge concentraties in het bloed gingen samen met een duidelijk kleinere kans op overlijden (37 procent), beroerte (26 procent) en hart- en vaatziekten (14 procent).14

Ook meerdere epidemiologische onderzoeken laten zien dat tomaten goed zijn voor een gezonde prostaat en dat ze kanker kunnen voorkomen. Er is echter ook een overzichtsartikel uit 2021 waarin geen effect van tomaten werd gevonden.15

Kurkuma

De geelwortel behoort tot de gemberfamilie en wordt in de Indiase en Indonesische keuken gebruikt voor de smaak. Ook is deze plant bekend als gezondheidsvoedsel, vanwege zijn sterke ontstekingsremmende werking en anti-oxidatieve eigenschappen. In een overzichtsartikel uit 2021 werden 11 onderzoeken met in totaal 745 prostaatpatiënten bekeken. De onderzoekers zagen dat kurkuma, of de werkzame gele kleurstof curcumine, gunstig werkt op de PSA-waarden en op de kwaliteit van leven. Het heeft ook een gunstige invloed op de hoeveelheid vrije zuurstofradicalen (reactieve zuurstofverbindingen) en op algemene prostaatklachten, zoals het gevoel dat je je blaas niet goed leeg kunt plassen, vaak moeten plassen, aandrang tot plassen, onderbroken straal, zwakke straal, nadruppelen en ‘s nachts moeten plassen.16

De rol van kurkuma bij een gezond hart is welbekend. In een overzichtsartikel uit 2020 over kurkuma tegen hart- en vaatziekten staat dat kurkuma ‘een essentiële rol speelt bij de bescherming van mens en dier tegen hart- en vaatproblemen die voorafgaan aan hart- en vaatziekten, waaronder aderverkalking, aneurysma in de aorta, hartaanval en beroerte.’

Studies beschrijven de gunstige werking van kurkuma bij een vergroot hart, hartfalen en complicaties in hart en bloedvaten bij diabetes. Omdat je tot wel 12 gram curcumine per dag veilig kunt innemen, ‘zal het een standaard voedingssupplement worden, net als vitaminen en visolie, om hart- en vaatziekten te voorkomen of behandelen’, concludeerde de internationale groep onderzoekers.17

Bij één onderzoek uit 2012 is gekeken naar het effect van curcumine-achtige stoffen bij 121 patiënten die na een bypassoperatie een hoge dosis van die stoffen kregen óf een placebo om een hartaanval te voorkomen. De kans op een hartaanval in het ziekenhuis was voor de deelnemers die een placebo kregen 30 procent. Die kans daalde naar 13 procent in de groep die hoge doses curcumine-achtige stoffen had gehad. Ook andere waarden voor hart- en vaatziekten verbeterden in de behandelde groep.18

[su_image_carousel source=”media: 343733″ crop=”none” adaptive=”no” spacing=”no” align=”left” max_width=”70%” arrows=”no” dots=”no”]

Pas op voor PFAS en te veel vet in het eten

PFAS is de verzamelnaam voor een aantal kunstmatige stoffen die bestand zijn tegen vetten, olie, water en hitte. Ze worden gebruikt in anti-aanbaklagen van pannen, verpakkingen van kant-en-klaar-voedsel, vetafstotende sprays voor vloerkleden en brandwerend schuim. Ze worden in verband gebracht met vruchtbaarheidsproblemen, schildklieraandoeningen,19 hart- en vaatziekten20 en kanker.21

In een onderzoek uit 2020 hadden vrouwen die flossdraad met fluor gebruikten hogere concentraties PFAS in hun bloed.22 Uit een ander onlangs uitgevoerd onderzoek bleek dat PFAS in het drinkwater van 200 miljoen Amerikanen zit.23 Ook in Nederland zitten er kleine hoeveelheden PFAS in het drinkwater.24

PFAS zijn haast niet te vermijden. Volgens de Amerikaanse CDC (Centers for Disease Control and Prevention) had 97 procent van de onderzochte Amerikanen PFAS in het bloed. Een onderzoek uit 2021, gepubliceerd in Nutrients, wijst erop dat andere factoren – waarop we wél invloed kunnen hebben – de effecten van PFAS kunnen verkleinen.

Onderzoekers van de Universiteit van Illinois injecteerden muizen met prostaatkankercellen, zodat ze tumoren kregen. Wanneer de muizen vervolgens een dieet met vet voedsel en PFAS kregen, groeiden de tumoren sneller dan wanneer ze geen vet voedsel en geen PFAS kregen, of wanneer ze alleen vet voedsel of alleen PFAS kregen.25

HIIT-training helpt

We hoeven je niet te vertellen dat lichaamsbeweging goed is tegen hart- en vaatziekten en goed voor je algehele gezondheid. Nieuw onderzoek laat zien dat HIIT-training extra goed is voor mannen die onder controle staan voor prostaatkanker, omdat ze een hoge PSA-waarde hebben. HIIT staat voor high-intensity interval training. Hierbij doe je verschillende intensieve oefeningen die je afwisselt met korte pauzes.

Onderzoekers verdeelden 52 van deze mannen (gemiddelde leeftijd 63 jaar) in twee groepen. De ene groep deed 12 weken lang, 3 keer per week een HIIT-workout op een loopband, de andere groep ging door met hun gebruikelijke, niet zo intensieve trainingsprogramma. De workouts bestonden uit twee minuten inspanning op 85 procent tot 95 procent van de maximale hoeveelheid zuurstof die iemand tijdens het sporten kan gebruiken (VO2max); daarna twee minuten herstel bij 40 procent van de VO2max. Dit werd 5 tot 8 keer herhaald.

De mannen die de HIIT-training hadden gedaan, hadden lagere PSA-waarden dan degenen die hun gewone training hadden vervolgd. Hun PSA-waarden veranderden langzamer in de loop van de tijd en prostaatkankercellen groeiden langzamer. Als extra voordeel waren hun hart en bloedvaten ook gezonder: een bonus volgens de onderzoekers, omdat mannen die onder controle staan gemiddeld drie keer zoveel kans hebben om aan hart- en vaatziekten te overlijden dan aan prostaatkanker.26

 

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...