Lees je lijf: Een mond vol

Er gebeurt ontzettend veel in je mond dat invloed heeft op of iets aangeeft over je gezondheid. De staat van je tanden, tandvlees, tong, adem en smaak zegt iets over je gezondheidstoestand. De zichtbaarheid van je mond maakt dat problemen gemakkelijk opvallen. Dit kan lastig zijn in het dagelijkse leven, omdat sommige klachten, zoals slechte tanden, een gevoel van schaamte kunnen geven. De zichtbaarheid maakt het echter ook eenvoudig om je mond eens beter te bekijken.

De mond is onderdeel van het maagdarmstelsel. De lippen en wangen zijn de uitwendige begrenzingen. In de mondholte bevinden zich onder andere het mondslijmvlies, de tanden, de tong, de speekselklieren en het lymfatisch weefsel waarin zich veel afweercellen bevinden.

De mond bevat verder een scala aan spieren die belangrijk zijn voor gezichtsexpressies, kauwen, slikken en praten. Onze taal zit vol verwijzingen naar de mond, wat aangeeft hoe belangrijk dit orgaan voor ons is. Ook vanuit de medische wereld zien we dat de mondgezondheid veelzeggend is voor de totale gezondheid. In deze editie van Lees je Lijf wordt een tipje van de sluier opgelicht. We gaan dieper in opsmaakbeleving, de tong, adem en tandgezondheid. Allereerst iets over speeksel, deze vloeistof is namelijk essentieel voor een goede mondgezondheid.

Het water loopt me in de mond

Ondanks dat speeksel grotendeels uit water bestaat, speelt het een belangrijke rol in de mondgezondheid. Het bevat namelijk vele eiwitten, enzymen en stoffen met een antibacteriële en antischimmelwerking. Speekselklieren onder in de mond produceren een dikkere vloeistof dan de klieren in de wangen. Het dikkere speeksel blijft goed plakken aan het mondslijmvlies en beschermt het weefsel zo tegen irriterende stoffen en bacteriën. Het dunnere speeksel komt vrij tijdens het eten en helpt zo het voedsel te vermengen tot een brij en de eerste koolhydraten te verteren.1

Als je onvoldoende speeksel aanmaakt en je mond dus droog is, dan kunnen er verschillende klachten ontstaan, zoals een vermindering van smaak, een verhoogde gevoeligheid voor infecties, slikklachten en tandproblemen.1 Stress zorgt ervoor dat je minder speeksel aanmaakt en ook veel medicijnen hebben als bijwerking een droge mond, zoals luchtwegverwijders, sommige antidepressiva, bloeddrukverlagers, anti-Parkinsonmiddelen, kalmeringsmiddelen, pijnstillers, oogdruppels en bepaalde antiallergische medicijnen.2 Mensen die worden bestraald in het halsgebied hebben geregeld last van een droge mond door beschadiging van de speekselklieren.

De speekselproductie kan bij functionerende speekselklieren worden gestimuleerd door op een (suikervrij) snoepje te zuigen of kauwgom te kauwen. Eten, of iets in de mond hebben, activeert namelijk de spijsvertering en stimuleert de aanmaak van spijsverteringssappen, waaronder speeksel.1 Als dit niet werkt of als de speekselklieren niet goed functioneren, dan kan een mondspoeling met heemstwortel of weegbree de mond bevochtigen en het mondslijmvlies beschermen tegen irritatie.

Verschillende onderzoeken laten zien dat gebruik van mondspoelingen met deze planten door mensen die worden bestraald, het mondslijmvlies kan beschermen en de kwaliteit van leven kan verbeteren.3,4 Speeksel heeft een beschermende functie tegen het binnendringen van micro-organismen en is van belang voor een prettig mondgevoel. Het speelt daarnaast een rol bij smaakbeleving.

Over smaak valt te twisten

De smaakpapillen op de tong zorgen er mede voor dat we kunnen proeven. De receptoren die verantwoordelijk zijn voor de verschillende smaken zoet, zuur, zout, bitter en umami, bevinden zich op de buitenranden van de tong in smaakknoppen. Deze knoppen bestaan weer uit smaakcellen die ieder een hoofdsmaak waarnemen. Met het midden van de tong proeven we niet, omdat daar geen smaakpapillen zitten. Door te kauwen wordt voedsel vermalen met speeksel en de vloeistof die ontstaat, maakt het gemakkelijker om smaakreceptoren te activeren.

Activatie van smaaksensoren leidt tot het versturen van een signaal naar de hersenen, die het verwerken tot een smaak en een ‘boodschap’ die diep in onze hersenen is ingebed. Een bittere smaak zegt ons bijvoorbeeld dat iets giftig zou kunnen zijn. Daarom vinden veel mensen bittere smaken niet lekker. Zuur wijst erop dat iets nog niet rijp is en zoet zegt ons dat het voedingsmiddel veel energie bevat. De mens heeft van nature een voorkeur voor zoet, omdat dit vanuit evolutionair oogpunt belangrijk was.1,5

Proeven is echter een complexe ervaring waarbij verschillende zintuigen samenwerken. Met name de neus speelt een belangrijke rol bij smaakbeleving. Als je eet, dan wordt bij het uitademen de geur van het voedsel naar je neusholten gevoerd. Een smaakbeleving is het resultaat van de impressies vanuit de neus en de tong (al spelen ogen, oren en mondgevoel ook een rol).1,5 Het belang van de neus merk je zodra je verkouden bent.

Je proeft dan alleen met je tong en dan smaakt voeding anders en minder sterk. Bij een smaakstoornis kan er dus eigenlijk iets zijn met de reuk. Er zijn verschillende andere redenen waarom je je smaak kunt verliezen. Het is belangrijk om uit te zoeken waarom je minder proeft, omdat een verlies van smaak het voedingspatroon zodanig kan veranderen dat het leidt tot gewichtsverlies of juist gewichtstoename en de bijbehorende gezondheidsproblemen.

Ontstekingen in de mondholte kunnen je een vieze smaak in de mond geven en een zure of bittere smaak kan worden veroorzaakt door opkomend maagzuur. Verschillende aandoeningen worden in verband gebracht met een verminderde smaak, zoals een te traag werkende schildklier, diabetes en de ziekte van Sjögren. Sommige medicijnen hebben daarnaast als bijwerking een veranderde smaak. Een type bloeddrukverlagers kan een metaalsmaak veroorzaken en antischimmelmiddelen kunnen bijvoorbeeld zorgen voor smaakverlies.5

Tongdiagnose

Naast de smaak, of het ontbreken daarvan, kan het uiterlijk van je tong ook iets zeggen over je gezondheid. In verschillende stromingen binnen de natuurgeneeskunde wordt gekeken naar bijvoorbeeld het beslag op de tong, rode verkleuringen of de indrukken van tanden. Met name binnen de Chinese geneeskunde is tongdiagnose een belangrijk hulpmiddel voor de therapeut of arts. Een gezonde tong is egaal roze, zonder ruwe oneffenheden en bevat weinig tot geen wit of geel tongbeslag. Ook zijn er geen afdrukken van tanden of kiezen in de tong te zien.

Een witte of gele aanslag op de tong komt veel voor en kan uiteenlopende oorzaken hebben, zoals een slechte mondverzorging of roken. Het wijst in ieder geval op een verminderde weerstand. Ook medicijnen kunnen een wit beslag geven, waaronder antibiotica. Langdurig gebruik van breedspectrum antibiotica kan daarnaast een haartong veroorzaken. De tong ziet er dan harig uit door vergrote papillen. Bij een haartong is de verkleuring meestal donker. Dit komt door pigmenten die neerslaan op de tong, zoals nicotine of koffie.

De kleur kan echter variëren en ook wit, groen en roze komt voor. Een haartong ontstaat overigens niet alleen door langdurig antibioticagebruik. Risicofactoren zijn een gebrekkige mondhygiëne, roken, koffie/theedrinken, verminderde weerstand en regelmatig gebruik van gekleurde mondspoelingen.6

Een rode tong kan wijzen op een ontsteking. Dit wordt aannemelijker als de tong daarnaast ook pijnlijk of gezwollen is. Soms ontstaan er witte of rode plekken op de tong in een onwillekeurig patroon. Dit wordt een landkaarttong genoemd en is verder onschuldig. Toch kan een landkaarttong wijzen op problemen elders in het lichaam. Het type tong wordt in verband gebracht met psoriasis, atopisch eczeem, bloedarmoede, suikerziekte en hormoonschommelingen zoals tijdens de menstruatie.7

Ga bij twijfel over het uiterlijk van je tong en de eventuele aanwezigheid van bijkomende gezondheidsklachten langs de huisarts. Een bezoek aan de huisarts is in ieder geval aan te raden als je tong gezwollen is, als je pijn voelt of je je tong niet meer goed kunt bewegen.

Mondflora

Naast een darmflora hebben we een persoonlijke mondflora die invloed heeft op onze totale gezondheid. De mens heeft honderden verschillende soorten bacteriën in de mond. In de mondflora bevinden zich daarnaast virussen, schimmels en protozoa. De belangrijkste voedselbron voor gunstige bacteriën zijn stoffen in speeksel. Daarnaast voeden zowel gunstige als ongunstige bacteriën zich met het voedsel dat we consumeren en waarvan resten achterblijven in de mondholte.

Er zijn aanwijzingen dat met name eiwitten en nitraatrijke voeding de gunstige bacteriën in de mond voeden en suikers juist de ongunstige zuurvormende bacteriën stimuleren.8 Zuurvormende bacteriën vormen tevens tandplak en beschadigen uiteindelijk de tanden, het tandvlees en in ernstige gevallen het tandbot. De mate waarin de aanwezigheid van tandplak tandvleesontsteking veroorzaakt, is persoonlijk bepaald. Genen en leefstijl spelen hierbij een rol, waarbij roken, alcohol, voeding, niet goed ingestelde diabetes en stress factoren zijn die je zelf in grote mate kunt beïnvloeden.9

Bacteriën zijn verantwoordelijk voor de twee meest voorkomende infecties bij de mens, namelijk tandbederf (cariës) en tandvleesontstekingen. Daarnaast kunnen bacteriën die in de mond groeien een slechte adem, of halitose, veroorzaken. De ongunstige bacteriën die groeien op de achterkant van de tong en in het tandplak tussen tanden en kiezen scheiden stinkende stoffen uit waardoor de adem slecht gaat ruiken.

Er zijn echter ook andere oorzaken mogelijk, bijvoorbeeld een keel- of bijholteontsteking en maagproblemen. Nasale drip, het druppelen van snot uit de neus in de keel tijdens een infectie, kan door de aanwezigheid van bacteriën slecht ruiken. Een slechte adem door maagproblemen kan ontstaan als de kringspier naar de maag zich onvoldoende sluit en gassen uit de maag ontsnappen die je vervolgens uitademt.

Tandvlees, gebit en verzorging

Maar liefst de helft van alle 50-plussers heeft parodontitis, oftewel tandvleesontsteking waarbij het onderliggende weefsel is aangetast. Dit is echter niet alleen een probleem van ouderen. Iedereen die zijn tanden niet goed verzorgt, dat wil zeggen poetsen én flossen, stoken of ragen, kan last hebben van tandvleesontsteking. Het is belangrijk iets aan de aandoening te doen, omdat in de afgelopen jaren duidelijk is geworden dat ontstoken tandvlees onder andere het risico op hart- en vaatziekten, diabetes, de ziekte van Parkinson en gewrichtsproblemen vergroot.

Ook zwangere vrouwen doen er goed aan hun mondgezondheid in de gaten te houden. Tandvleesontsteking kan namelijk een reden zijn voor een vroeggeboorte.9Tandvleesontsteking ontstaat in veruit de meeste gevallen door een slechte mondverzorging. De tandplak die zich gedurende de dag ophoopt, wordt tandsteen waaraan bacteriën zich gemakkelijk kunnen hechten. Hier irriteren ze het tandvlees dat daardoor opzwelt en gaat bloeden. Het tandvlees trekt zich terug en er ontstaat een vergrote opening tussen de tand en het tandvlees, ook wel een pocket genoemd.

Deze pockets maken de weg vrij voor ongunstige bacteriën om dieper binnen te dringen in de mond. Uiteindelijk leidt dit tot het aantasten van het kaakbot en gaan tanden loszitten of vallen uit. Om dit soort ernstige problemen te voorkomen, controleert de tandarts de diepte van de pockets die uitgedrukt wordt in een DPSI-score van 0 tot 4. Bloedend tandvlees krijgt een score 1, tandsteen een score 2, en diepe pockets van ten minste 6 millimeter krijgen een score 4. Vraag je tandarts hiernaar tijdens de halfjaarlijkse controle, zodat je je eigen mondgezondheid in de gaten kunt houden.10

Naast de problemen met het tandvlees, kunnen bacteriën (en zuurresten in voeding, zoals frisdrank) de tanden zelf aantasten. Zuur tast het glazuur op tanden aan en daardoor ontstaan gaatjes. Zodra het glazuur van de tanden kapot is, komt het zachte tandweefsel bloot te liggen dat bestaat uit zenuwen, bloedvaten en bindweefsel. Als je er op tijd bij bent, dan kan de tandarts het gaatje meestal vullen (zonder amalgaan). Zodra het tandmerg echter gaat ontsteken, is een wortelkanaalbehandeling of het trekken van de tand noodzakelijk.

Zoals je ziet, zegt je mondgezondheid veel over je totale gezondheid. Voeding, leefstijl en je mondflora kunnen impact hebben op je welzijn. Een verstoorde flora veroorzaakt niet alleen problemen ín de mond, maar kan ook het risico op bijvoorbeeld hart- en vaatziekten vergroten. Het is daarom zaak om je mond goed te verzorgen door minimaal twee keer per dag twee minuten te poetsen en ook de ruimte tussen je tanden te verzorgen door te flossen, stoken of ragen. Het kost een paar minuten per dag, maar je hebt er een leven lang plezier van.

Disclaimer: Deze editie van Lees je Lijf richt zich op de mond. Je vindt een aantal beschrijvingen terug waarbij het verstandig is een arts te raadplegen. Dit artikel kan echter niet volledig zijn. Je dient, vanzelfsprekend, je gezondheid nauwlettend te monitoren en bij opvallende veranderingen in je welzijn contact op te nemen met je huisarts.

BRONNEN:
1 Marieb, E., & Hoehn, K. (2012). Human Anatomy & Physiology. Boston : Pearson.
2 Droge mond door geneesmiddelen, via westerapotheek.leef.nl
3 Nursing and Midwifery Studies, 8 (1). pp. 14-20.
4 J Integr Med. 2020 May;18(3):214-221.
5 Smaak, via kno.nl
6 Haartong / Lingua villosa, via huidarts.nl
7 Landkaarttong / Lingua geographica, via huidarts.nl
8 Br Dent J. 2016 Nov 18;221(10):657-666.
9 J Physiol. 2017 Jan 15;595(2):465-476
10 Gezond tandvlees, via dentalclinics.nl

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Cindy de Waard

Als je darmwand lekt

Parasitaire darminfecties

Beter naar je gevoel (leren) luisteren deel 2

Luister (niet) altijd naar je gevoel; Deel 1

Wat leren traditionele voeding en leefpatronen ons?

Een rood lampje: Bram Bakker

Mijn vriend Eric Elbers werkt aan de opvolger van het legendarische boek Het lichaam liegt nooit van haptonoom Ted Troost. Hij vertelt vaak smakelijk over de geschiedenis van dit ondergewaardeerde vak. De grondlegger heette Frans Veldman (1921-2010). Hij was ook de...

Behandelopties zonder medicatie Hyperactieve hond?

Boxer Tyson is geen puppy meer, maar hij is nog steeds hyperactief. Zijn baasjes denken dat hij ADHD heeft. De dierenarts wil daarom Prozac voorschrijven. Is dat nodig? Holistisch dierenarts Rohini Sathish geeft tips zonder medicatie. Hyperactiviteit is een extreem...

Cindy de Waard avatar

Over de auteur

Cindy de Waard is natuurgeneeskundige en farmaceutisch wetenschapper. Zij heeft zich enkele jaren beziggehouden met wetenschappelijk onderzoek op het gebied van darmgezondheid en richt zich op dit moment op het behandelen van mensen met darm gerelateerde klachten. Naast haar werkzaamheden als therapeut geeft zij gezondheidsvoorlichting met als doel het belang van een gezonde darm onder de aandacht te brengen.
Lees meer artikelen van Cindy de Waard