Langdurige COVID kan mogelijk het brein beïnvloeden door verminderde longfunctie, waardoor zuurstoftransport in het lichaam verstoord raakt. Dit blijkt uit nieuw onderzoek dat veranderingen in hersenstructuur en -doorbloeding vaststelde bij patiënten met langdurige klachten.
Een kleine studie heeft onderzocht hoe langdurige cognitieve problemen — ook wel bekend als “hersenmist” — ontstaan na een COVID-19-infectie. Wetenschappers denken dat een verminderde uitwisseling van gassen in de longen — waarbij zuurstof naar binnen wordt gehaald en koolstofdioxide wordt afgevoerd — samenhangt met de klachten van hersenmist. Dit werd gepresenteerd op een congres van de Radiological Society of North America. Bij het onderzoek werden twaalf personen met langdurige COVID gescand met behulp van een MRI (magnetic resonance imaging). De deelnemers rapporteerden uiteenlopende cognitieve klachten, variërend van lichte concentratieproblemen tot ernstige geheugenstoornissen en vertraagd denken.
De scans toonden dat een slechtere longfunctie niet alleen geassocieerd was met hersenmist, maar ook met veranderingen in de structuur van bepaalde hersengebieden. Een opvallende bevinding was dat bij patiënten met hersenmist de bloedstroom naar de hersenen toenam naarmate het vermogen van de longen om zuurstof op te nemen afnam. Dit suggereert dat het hart mogelijk harder moet werken om meer zuurstof naar de hersenen te pompen als compensatie voor het zuurstofgebrek.
Wat is hersenmist?
Hersenmist omvat symptomen zoals geheugenverlies, verminderde concentratie en mentale traagheid. Deze klachten zijn eerder waargenomen bij andere virale infecties, maar lijken bij langdurige COVID vaker en langduriger voor te komen.
Schade aan de bloed-hersenbarrière
Een andere studie wees op schade aan de bloed-hersenbarrière — de beschermende laag tussen het bloed en de hersenen die voorkomt dat schadelijke stoffen in het brein terechtkomen. Door deze barrièreverzwakking kunnen ontstekingsstoffen de hersenen bereiken, wat mogelijk bijdraagt aan neurologische klachten. Bij een deel van de onderzochte patiënten werd met geavanceerde MRI-technieken lekkage van bloedvaten in hersengebieden zoals de frontale en temporale lobben vastgesteld. Dit wijst op beschadigde hersenvaten die de toevoer van voedingsstoffen en zuurstof kunnen verstoren.
Ontstekingen en stollingsproblemen
Het onderzoek laat ook zien dat ontstekingsmarkers en eiwitten die betrokken zijn bij de bloedstolling, verhoogd zijn bij patiënten met hersenmist. Deze ontstekingen kunnen bijdragen aan schade aan hersenweefsel en bloedvaten. Zo werden verhoogde niveaus van TGF-β en het eiwit S100β (dat vrijkomt bij hersenschade) aangetroffen in het bloed van patiënten met langdurige klachten.
C. Green ET AL./Nature Neuroscience 2024
Structurele veranderingen in de hersenen
Daarnaast werden structurele veranderingen in de hersenen waargenomen, zoals een afname van het hersenvolume en verdunning van de hersenschors in belangrijke gebieden voor geheugen en concentratie. Deze veranderingen lijken specifiek te zijn voor mensen met langdurige hersenmist en zijn vergelijkbaar met hersenveranderingen die ook optreden na traumatisch hersenletsel of chronische vermoeidheidssyndromen.
Implicaties voor behandeling
De bevindingen suggereren dat het verbeteren van de longfunctie mogelijk zou kunnen bijdragen aan het verminderen van hersenmistklachten. Toekomstig onderzoek moet bevestigen of het verbeteren van zuurstofopname in de longen kan helpen om cognitieve klachten te verminderen. Ook kan gerichte behandeling om de bloed-hersenbarrière te versterken een nieuwe strategie zijn om hersenschade te beperken bij langdurige COVID-patiënten.
Hoewel deze resultaten veelbelovend zijn, benadrukken de onderzoekers dat de studie klein was en nog niet is gepubliceerd in een peer-reviewed tijdschrift. Grootschaliger onderzoek is nodig om definitieve conclusies te trekken. Langdurige hersenmist na COVID-19 lijkt samen te hangen met verminderde longfunctie, schade aan de bloed-hersenbarrière en ontstekingen. Dit biedt aanknopingspunten voor toekomstige behandelingen gericht op het verbeteren van zowel de longgezondheid als de bescherming van de hersenen.
Bronnen:
