Klompvoet

Mijn dochter van veertien heeft een rechtervoet die ten opzichte van haar enkel ongeveer dertig graden naar buiten draait. Dit is ongeveer vier jaar geleden begonnen, hoewel ze vanaf de geboorte slechts een milde vorm van talipes (klompvoet) heeft. Indertijd leek dat weer goed te komen nadat ik haar een tijdje gemasseerd had. De dokter zegt dat een operatie de enige remedie is. Zijn er nog andere mogelijkheden die ik zou kunnen proberen? – L.S., York

Op elke duizend kinderen is er ongeveer één die geboren wordt met een klompvoet of talipes, en het gaat daarbij om twee keer zoveel jongens als meisjes. Het is een misvorming van de voet die veroorzaakt wordt hetzij door de ligging van de foetus in de baarmoeder (dan wordt het positionele talipes genoemd) hetzij door complexere genetische factoren (dan noemen artsen het structureel). Er zijn twee soorten talipes: Talipes equinovarus (dit type wordt ook wel klompvoet genoemd), waarbij de hiel naar binnen is gedraaid en de hele voet naar beneden is gebogen, en Talipes calcaneovalgus, waarbij de voet naar buiten en naar boven is gedraaid. In beide gevallen is de aandoening vrij gemakkelijk te ontdekken, zelfs met een echo.

Ongeacht de oorzaak of het type zullen de meeste artsen een herstelbehandeling proberen tijdens de eerste zes levensmaanden van de baby, als het weefsel nog zacht is. Als het om positionele talipes gaat, zijn er misschien alleen massage en oefeningen nodig.

Artsen zullen waarschijnlijk fysiotherapie aanraden, maar ook andere manipulatieve therapieën zoals osteopathie of de Bowen-techniek kunnen even doeltreffend of zelfs beter zijn. Als het een structureel probleem is, zullen artsen een agressievere aanpak voorstellen waarbij manipulatie wordt gecombineerd met vastsnoeren of waarbij de voet gespalkt wordt of een gipsverband krijgt.

Helaas heeft ook zo’n agressieve pre-operatieve oplossing in 90 procent van de gevallen geen succes en blijft een uitgebreide operatieve correctie als enige mogelijkheid open. Maar dat is ook een slecht alternatief, aangezien de meeste patiënten na een operatie over aanhoudende stijfheid in de voet klagen, terwijl er in 25 procent van de gevallen complicaties optreden en 47 procent nog meer operaties nodig heeft.

Daarbij wordt deze aandoening vaak niet helemaal genezen met een operatie. In een onderzoek onder 24 patiënten met een klompvoet had 64 procent na de operatie nog steeds een misvormd middenvoetsbeentje, terwijl nog eens 28 procent allerlei andere aanhoudende klachten had.

Een betere aanpak biedt de Ponseti-methode. Deze bestaat uit een combinatie van voorzichtige behandeling met handgrepen en een gipsverband en in de laatste fase van de behandeling een spalk. Het is een therapie die zichzelf heeft bewezen en volgens sommigen is dit de eerst aangewezen behandeling voor alle gevallen van talipes.

Dr. Ignacio Ponseti, een arts uit Iowa, ontwikkelde de therapie in de jaren vijftig. Hij bestaat uit een reeks wekelijkse behandelingen met manipulatieve therapie gecombineerd met een gipsverband om de voet, dat soms wel zeven keer per week wordt verwisseld. In de laatste fase, die twee maanden duurt, draagt het kind een spalk. Deze behandeling kan nog eens twee jaar lang ‘s nachts worden voortgezet.

Om succes te hebben vraagt de therapie heel veel inzet en betrokkenheid van de ouders. Het is dus misschien niet verwonderlijk dat ouders zich soms niet helemaal aan de instructies houden en dat dit verreweg de meest voorkomende reden is dat de behandeling mislukt. In een studie onder 51 kinderen die met de Ponseti-methode waren behandeld, kregen 21 van hen weer een klompvoet nadat die met succes was behandeld. In al deze gevallen, zo ontdekten de onderzoekers, hadden de ouders zich niet aan de richtlijnen voor de behandeling gehouden.13

Informatie over de concrete mogelijkheden van een behandeling met de Ponseti-methode is te vinden bij de Vereniging Oudergroep Klompvoetjes (www.klompvoet.nl).

De Franse techniek is een andere manipulatieve therapie, die minder ingrijpend is dan de Ponseti-methode. Deze bestaat uit een dagelijkse sessie met een therapeut die de voet strekt. De voet wordt vervolgens ingetaped om de verbetering vast te houden.

Deze therapie duurt in totaal ongeveer drie maanden en is in het ideale geval af voordat het kind gaat lopen. Evenals bij de Ponseti-methode zijn er ook voor de Franse techniek volop resultaatgegevens waaruit blijkt dat deze techniek goed werkt. In een studie bij 98 patiënten met een klompvoet vertoonde 42 procent zo’n grote verbetering dat er geen operatie nodig was.

Ondanks deze betrekkelijk succesvolle therapieën kan de prognose voor de lange termijn toch somber zijn. In een onderzoek dat de ontwikkeling van kinderen met een klompvoet volgde tot zij volwassen waren, was 80 procent als kind met succes behandeld maar hadden zij als volwassene toch nog steeds problemen met die voet. ‘Een kind dat met een klompvoet wordt geboren, zal als volwassene nooit een normale voet hebben,’ concluderen de onderzoekers

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Medisch Dossier

Voeding en supplementen: speciaal voor kinderen

Genezen met je handen

Vijf vragen over Craniosacraal therapie

Natuurlijke middelen tegen rosacea

Natuurlijke manieren om de kwaliteit van het sperma te verbeteren

Een rood lampje: Bram Bakker

Mijn vriend Eric Elbers werkt aan de opvolger van het legendarische boek Het lichaam liegt nooit van haptonoom Ted Troost. Hij vertelt vaak smakelijk over de geschiedenis van dit ondergewaardeerde vak. De grondlegger heette Frans Veldman (1921-2010). Hij was ook de...

Behandelopties zonder medicatie Hyperactieve hond?

Boxer Tyson is geen puppy meer, maar hij is nog steeds hyperactief. Zijn baasjes denken dat hij ADHD heeft. De dierenarts wil daarom Prozac voorschrijven. Is dat nodig? Holistisch dierenarts Rohini Sathish geeft tips zonder medicatie. Hyperactiviteit is een extreem...

Medisch Dossier avatar

Over de auteur

Lees meer artikelen van Medisch Dossier