Kanker als metabole ziekte

De gangbare opvatting is dat kanker ontstaat door genetische mutaties. Deze ‘DNA-theorie’ domineert al jaren de oncologie. Tegelijk wint de metabole visie terrein: steeds meer onderzoekers en artsen beschouwen kanker als een ontregelde stofwisseling in de lichaamscel. Dat leidt tot andere behandelingsstrategieën, met onder meer een rol voor het ketogeen dieet.

Sommige ziekten nemen nooit vakantie: ook ’s zomers is het druk op oncologieafdelingen; kanker laat zich nu eenmaal niet plannen. Wie de diagnose krijgt, wordt geleefd: haast is vaak geboden. Het reguliere behandelaanbod is overzichtelijk en bestaat grofweg uit chirurgie, bestraling, chemotherapie en/of immuuntherapie. Maar is de patiënt hiermee echt geholpen? Volgens een groeiend aantal onderzoekers en artsen worden kankerpatiënten ernstig tekortgedaan.

Zij zijn van mening dat de reguliere oncologie al decennialang op een verkeerd spoor zit. Volgens de gangbare opvatting ontstaat kanker door genetische mutaties: specifieke veranderingen in normale cellen transformeren deze in kankercellen, wat leidt tot ongecontroleerde celgroei en -vermeerdering. Volgens deze ‘DNA-theorie’, ofwel genetische mutatietheorie, dienen therapieën zich te richten op specifieke genetische mutaties of ‘signaalroutes’ die geassocieerd zijn met kankercellen.

Honderden experimenten

Onderzoekers dragen echter steeds meer bewijs aan dat deze theorie ‘mogelijk niet helemaal klopt’, zoals de kritische Amerikaanse arts Paul Marik het voorzichtig verwoordt. Hun alternatieve theorie stelt dat kanker wordt veroorzaakt door een verstoorde energieproductie en een ontregeld cellulair metabolisme, ofwel een ontregelde stofwisseling in de lichaamscel. Simpel geformuleerd komt het erop neer dat kankercellen glucose (suiker) gebruiken als hun primaire energiebron in plaats van zuurstof.

De ‘metabole theorie’ is inmiddels onderbouwd met honderden experimenten. Onderzoekers die deze lijn volgen, houden er ernstig rekening mee dat een verstoord metabolisme de primaire drijfveer is achter de ontwikkeling van kanker. In hun visie heeft elke cel in het lichaam de potentie om een kankercel te worden wanneer veranderingen in het metabolisme optreden. Wie deze theorie accepteert, komt uit bij heel andere behandelingsstrategieën dan die traditioneel worden ingezet.

Voorwerk Warburg

De bekendste onder deze onderzoekers is de Amerikaanse prof. Thomas Seyfried, hoogleraar biologie aan de universiteit van Boston. Seyfried borduurt voort op het werk van de Duitse fysioloog en medicus Otto Warburg (1883-1970). Hij kreeg in 1931 de Nobelprijs voor Fysiologie voor zijn onderzoek naar de celademhaling. Volgens de ‘Warburg-hypothese’ is het fundamentele verschil tussen normale cellen en kankercellen dat gezonde cellen zuurstof gebruiken om glucose om te zetten in energie, terwijl kankercellen hun energie halen uit fermentatie van glucose.

In een in 1924 gepubliceerd artikel toonde Warburg aan dat tumoren melkzuur (lactaat) produceren, zelfs in de aanwezigheid van zuurstof. Daarnaast zag hij dat de hoeveelheid glucose die tumorcellen opnemen veel hoger was dan bij gezonde cellen. Dit gedrag wordt het ‘Warburg-effect’ genoemd en bleek een constante eigenschap van tumoren te zijn. De vervanging van zuurstofademhaling in cellen door fermentatie van glucose beschouwde Warburg als de primaire oorzaak van kanker.

In de jaren vijftig kwamen ook de mitochondriën, die een belangrijke rol spelen in de energievoorziening van de cel, in beeld. Nadat bleek dat deze verantwoordelijk zijn voor de celademhaling, stelde Warburg dat kanker begint bij defecten in deze ‘energiecentrales’.

Metabole ziekte

Tot aan zijn dood in 1970 bleef Warburg overtuigd van zijn gelijk, maar toen waren vrijwel alle kankeronderzoekers al enige tijd in de ban van de DNA-theorie. Toch was er één collega-Nobelprijswinnaar die jaren na Warburgs overlijden indirect aan dienst nalatenschap refereerde: moleculair bioloog James Watson (1928-2025), bekend als de ‘vader van het DNA’, waarvoor hij in 1962 een gedeelde Nobelprijs ontving.

In 2009 suggereerde Watson in een opiniestuk in The New York Times dat ‘we onze belangrijkste onderzoeksfocus mogelijk moeten verleggen van het ontcijferen van de genetische instructies achter kanker naar het begrijpen van het metabolisme in kankercellen’. Seyfried is een van de weinige wetenschappers die de lijn van Warburg is blijven volgen en zich daarom richt op de zwakke plek van elke kankercel: de afhankelijkheid van glucose.

Hij beschouwt kanker als een metabole aandoening ofwel stofwisselingsziekte. In 2012 verscheen Seyfrieds boek Cancer as a Metabolic Disease, gebaseerd op meer dan duizend wetenschappelijke en klinische studies.1 Daarin onderbouwt hij zijn visie: bij kanker gaat het niet om een defect van het DNA in de celkern, maar om een ontsporing van de celademhaling in de mitochondriën. Seyfried vond in tumorcellen structurele en functionele afwijkingen van de mitochondriën.

Hierdoor zijn tumorcellen voor hun energiebehoefte en groei sterk afhankelijk van glucose en van het aminozuur glutamine, dat zij eveneens kunnen fermenteren. Glutamine zit in vrijwel alle eiwitten in onze voeding en kan bovendien door het lichaam zelf worden aangemaakt uit andere aminozuren. Daardoor kan ook een overmatige eiwitinname in het voordeel werken van kankercellen.

Wie deze theorie accepteert, komt uit bij heel andere behandelingsstrategieën

Ketogeen dieet

Metabole kankertherapie leunt vooral op het ketogeen dieet, dat weinig koolhydraten (glucose) bevat maar wel eiwitten en vetten. Bij een ketogeen dieet eet je slechts 20 tot 50 gram koolhydraten per dag. Dit betekent concreet dat brood, graanproducten, aardappelen, rijst en pasta buiten het ketogeen dieet vallen. Ook fruit mag maar zeer beperkt worden gebruikt. Doel van het ketogeen dieet is dat het lichaam voor zijn brandstofvoorziening overschakelt van glucose naar vetten.

Bij een doorsnee voedingspatroon zijn koolhydraten een belangrijke energiebron. Wanneer je koolhydraten eet, breekt het lichaam die af tot glucose. Een deel daarvan wordt opgeslagen in de lever, in de vorm van glycogeen. Deze voorraad gebruikt het lichaam wanneer de hoeveelheid glucose in het bloed daalt. Een ketogeen dieet put de glycogeenvoorraad uit, en deze wordt ook niet meer aangevuld, omdat de voeding weinig koolhydraten levert.

Om toch over voldoende brandstof te beschikken, schakelt het lichaam over op vetverbranding. Door het verbranden van vetzuren ontstaan ‘ketonen’ of ‘ketonlichamen’, die het lichaam net als glucose kan gebruiken als brandstof. Zo komt het lichaam in een staat van ‘ketose’. Tumorcellen kunnen echter niets met ketonen.

‘Press’ en ‘pulse’

De werking van het ketogeen dieet berust erop dat door de dalende glucosespiegel kankercellen minder energie krijgen, terwijl gezonde lichaamscellen ketonen kunnen gebruiken als brandstof. Op deze manier verzwakken tumorcellen en wordt hun groei geremd. Bovendien neemt door het dieet de aanmaak van melkzuur af, waardoor minder bloedvaten naar de tumor worden aangelegd. Kortom: de angiogenese wordt geremd. Ook dat belemmert de toevoer van glucose en andere voedingsstoffen naar de tumor.

Hoewel de meeste studies met het ketogeen dieet gedaan zijn bij patiënten met een hersentumor, stelt Seyfried dat de resultaten ook gelden voor andere tumoren. Hij benadrukt dat het ketogeen dieet bij kanker moet worden gecombineerd met caloriebeperking en periodiek vasten. Seyfried adviseert een strategie van ‘press’ en ‘pulse’. Het dieet en het vasten zetten kankercellen onder druk (press). Tijdens intense behandelperioden, ofwel pulses, kunnen bijvoorbeeld fenbendazole en mebendazole worden ingezet om een extra klap uit te delen.

Deze middelen, oorspronkelijk bedoeld voor de behandeling van parasitaire infecties bij mens en dier, beïnvloeden de glucosestofwisseling en kunnen de glutaminereceptoren in kankercellen verstoren, waardoor hun energieproductie verder wordt ondermijnd. Ook gebruik van een glutaminase- remmer, zoals 6-diazo-5-oxo-Lnorleucine (DON), is een optie om het glutamineprobleem aan te pakken. Andere middelen tijdens deze pulses zijn onder meer hyperbare zuurstoftherapie, laag gedoseerde chemotherapie en stoffen die specifiek gericht zijn op het doden van kankercellen zonder gezond weefsel te beschadigen.

 

KETOGEEN DIEET

De Nederlandse arts William Cortvriendt, auteur van de boeken Kanker vrij (2020) en Het handboek bij kanker (2022), werkte ook mee aan het boek Ketokuur (2020) van Pascale Naessens, waarin hij een hoofdstuk schreef over het ketogeen dieet als ‘aanvullend medicijn tegen onder andere kanker’. Volgens Cortvriendt is de antikankerwerking van het ketogeen dieet ‘niet alleen onder het algemene publiek, maar ook bij oncologen nog tamelijk onbekend’.

Cortvriendt wijst onder meer op onderzoeken waarin gegevens zijn gebruikt van PET-scans, een diagnostisch middel om kanker en eventuele uitzaaiingen op te sporen. Daarbij wordt een radioactieve stof aan glucose gekoppeld die in een ader wordt geïnjecteerd, waarna deze radioactieve glucose zich ophoopt in de kankercellen van de tumor. Zo wordt niet alleen zichtbaar waar zich eventuele ophopingen van kankercellen bevinden, maar ook hoeveel glucose zij nodig hebben.

Zo bleek in een onderzoek met een ketogeen dieet gedurende vier weken dat er een samenhang bestaat tussen de daaropvolgende verlaging van insuline, remming van tumorgroei en een verminderde opname van glucose door kankercellen, zoals zichtbaar op PET-scans. ‘Een dergelijk resultaat vormt een belangrijke aanwijzing voor een oorzakelijk verband tussen het ketogeen dieet, het erop volgende verminderde gebruik van glucose door tumorcellen en de antikankerwerking’, concludeert Cortvriendt.

Hij schrijft dat onderzoek laat zien ‘dat tijdens een ketogeen dieet de daardoor verzwakte kankercellen gevoeliger worden voor de effecten van chemotherapie en bestraling’. Voor hem is duidelijk dat een ketogeen dieet een belangrijk hulpmiddel kan zijn in de strijd tegen kanker. ‘Maar, omdat kankercellen in alle opzichten veelzijdig zijn, zal dat dieet altijd moeten worden gecombineerd met een totaal behandelingsplan, waaronder de klassieke behandelingen zoals chirurgie, bestraling en chemotherapie.’

Navolging:

Marik Seyfried heeft inmiddels navolgers gekregen, onder wie de Amerikaanse ic-arts Paul Marik. Hij richtte in de coronatijd met land- en vakgenoot Pierre Kory de Frontline Covid-19 Critical Care Alliance (FLCCC) op. Zij ontwikkelden behandelprotocollen voor ‘offlabel’- gebruik van het anti-parasitaire geneesmiddel ivermectine bij Covid-19, Long-covid en Long-vax. Daarbij raakte Marik geïntrigeerd door kanker, net als meer artsen die zich verdiepten in ivermectine en daarbij op een grote hoeveelheid kankerstudies stuitten.

In onderzoek met cellijnen en diermodellen is aangetoond dat ivermectine verschillende mechanismen kan beïnvloeden die verband houden met de groei en overleving van kankercellen. Bij zijn zoektocht stuitte Marik ook op het werk van Seyfried. Zijn fascinatie voor kanker resulteerde in het boek Cancer Care, waarvan in 2024 de tweede druk verscheen. De ondertitel luidt: The Role of Repurposed Drugs and Metabolic Interventions in Treating Cancer.2

Ofwel: ‘De rol van hergebruikte medicijnen en metabolische interventies bij de behandeling van kanker’. In zijn boek volgt Marik de lijn van Seyfried en voegt daaraan andere elementen toe, waaronder ivermectine.

Censuur

Mariks boek werd in het najaar van 2024 van Amazon verwijderd. Daarop plaatste hij een gratis en volledige pdf op de website van de FLCCC, die inmiddels is omgedoopt tot Independent Medical Alliance (IMA). Nadat de Amerikaanse auteur John Leake de censuur aan de kaak stelde (‘brute daad van tirannie’), keerde het boek terug in de Amazon-webshop. ‘Ik hoop dat onze oligarchische heersers zullen begrijpen dat ze, ondanks alle macht en geld die ze bezitten, er niet mee wegkomen om boeken van grote geleerden te verbieden en tegelijkertijd te doen alsof ze welwillend zijn’, reageerde Leake.

De censuur was volgens betrokkenen niet verrassend. Ivermectine ligt al langer onder het vergrootglas, en op een nieuwe aanpak van kanker zit de farmaceutische industrie niet te wachten. De kankerindustrie draait op volle toeren en is op zijn zachtst gezegd zeer profijtelijk. Naar schatting gaat er jaarlijks alleen al in chemotherapeutica minstens 100 miljard dollar om. Ook Seyfried ondervindt weerstand vanuit de farmaceutische industrie, die er belang bij heeft vast te houden aan het huidige paradigma dat kanker een genetische ziekte is. Dit dogma, dat volgens Seyfried een ideologie is geworden, belemmert de acceptatie van nieuwe, potentieel effectievere behandelmethoden.

Artsen informeren

Op Youtube staat een gesprek tussen Seyfried en Marik, dat in 2023 plaatsvond tijdens de jaarvergadering van de World Council for Health, een kritische tegenhanger van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Marik riep patiënten op om artsen actief te informeren over metabole kankertherapie, omdat die volgens hem buiten de medische stand lijkt te vallen. Zoals gezegd is de pdf van Mariks boek gratis te downloaden.

Daarnaast kunnen patiënten een print meenemen van het peerreviewed artikel dat Marik en nog veertien andere auteurs in het najaar van 2024 publiceerden in de Journal of Orthomolecular Medicine.3 Het beschrijft een ‘hybride’ behandelprotocol dat grotendeels gebaseerd is op de metabole theorie. 

Met dank aan Max Wijgergangs en Wim Zeegers

Bronnen

1 Seyfried T. Cancer as a metabolic disease. Wiley, 2012.
2 Marik P. Cancer Care. IMA, 2024 (download: imahealth.org/research/cancer-care/)
3 Baghli I, e.a. Targeting the Mitochondrial- Stem Cell Connection in Cancer Treatment: A Hybrid Orthomolecular Protocol. Journal of Orthomolecular Medicine 2024; 39(3).

 

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Toine de Graaf

Over de auteur

Drs. Toine de Graaf is fulltime freelancejournalist, gespecialiseerd in gezondheidszorg, medische onderzwerpen en voeding. Hij schreef onder andere het boek ''De kracht van de alternatieven'' vanuit zijn interesse voor de alternatieve en complementaire geneeskunde. Je vindt dit boek in onze webshop.

Lees meer artikelen van Toine de Graaf