Hoe blijf je gemotiveerd?

Bij revalidatie is een actieve leefstijl essentieel. Maar hoe behoud je thuis de behaalde resultaten? Sommigen verliezen het vertrouwen of overschrijden juist hun grenzen. Hoe beoordeel je realistisch je eigen kunnen? Revalidatiearts Katrien van den Borne geeft antwoord.

Door: Heidy van Beurden

Katrien van den Borne (Fotografie: Chantal de Baar)

Onder het oog van een professional is het prettig werken aan herstel. Die weet precies wat je in welke fase nodig hebt, kan uitleggen waarom je ongemak of pijn ervaart bij bepaalde oefeningen en stimuleert om net een tandje meer te doen dan je denkt te kunnen. Na het revalidatietraject moet je dit thuis allemaal zelf doen. Dat is vaak makkelijker gezegd dan gedaan. Hoe blijf je gemotiveerd en zelfverzekerd om op de ingeslagen weg door te gaan? En niet alleen de eerste weken, maar voor altijd. Hoe integreer je een en ander in je dagelijks leven?

Vertrouwen op je lichaam

‘Actief blijven na revalidatie vraagt om te vertrouwen op waartoe jouw lichaam in staat is. Daarnaast is het belangrijk om te begrijpen wat je drijfveren zijn,’ vertelt Katrien van den Borne, revalidatiearts bij Libra Revalidatie & Audiologie. Deze organisatie in Brabant en Noord-Limburg levert revalidatiezorg aan mensen met een lichamelijke, cognitieve en/of auditieve beperking. Katrien behandelt hier mensen met een spierziekte of neurologische aandoening, zoals multiple sclerose (MS), amyotrofe laterale sclerose (ALS) of een dwarslaesie.

Leefstijl is een essentieel onderdeel van haar aanpak. ‘In de praktijk zie ik dat we duidelijk in een westerse maatschappij leven. Als je bijvoorbeeld weet dat landelijk slechts 30% van de Nederlanders aan de beweegnorm voldoet, dan kun je je voorstellen hoe moeilijk beweging kan zijn voor mensen met een aandoening die invloed heeft op het lichamelijk functioneren. Het grote verschil is dat zij beweging nog harder nodig hebben, omdat het lichaam vaak minder reserves heeft. Dat vraagt juist om extra onderhoud.’

Gezamenlijk doel

Katrien van den Borne ziet mensen na verwijzing door de huisarts of specialist, soms direct na diagnose en soms veel later wanneer specifieke klachten zijn ontstaan. ‘Bij de start van elk revalidatietraject brengen we de persoon in kaart. Wat doe je graag, wat zijn je werk en hobby’s, hoeveel beweeg je normaal? Ook je persoonlijkheid telt mee. Ben je iemand die veel nadenkt, altijd ‘aan’ staat of eigenlijk een hekel heeft aan sport? Maar ook: slaap je goed en hoe zit het met je sociale contacten?

Leefstijl omvat veel meer dan beweging alleen. Daarnaast stellen we aan het begin van het traject een gezamenlijk doel. Misschien wil je straks meedoen aan een wedstrijd met de ligfiets. Of streef je ernaar geen thuiszorg meer nodig te hebben en je eigen huishouden weer te doen. Zo’n doel is jouw drijfveer. Waar kom jij je bed voor uit? Dat gaat je tijdens en na de revalidatie helpen om door te zetten.’

Leefstijl omvat veel meer dan beweging alleen

De focus bij revalidatie is aanzetten tot een actieve leefstijl, passend bij de aandoening en individuele belastbaarheid. Dit betekent meestal in de eerste plaats: trainen op spierkracht, vermogen (het tempo van oefeningen) en capaciteit (hoe vaak kun je de oefening doen). De oefeningen starten op een veilig niveau dat steeds verder wordt uitgebreid. Klein beginnen en het lichaam niet ‘uithollen’ om daar te komen waar je naartoe wilt is de essentie. Hoeveel vooruitgang iemand boekt en in welk tempo, is van veel factoren afhankelijk: lichamelijke én mentale.

Copingstijlen

Om een gezond niveau van dagelijkse activiteit te bereiken, heeft iedereen een eigen aanpak nodig. ‘We zien bijvoorbeeld dat de een niet zo goed durft, terwijl een ander voortdurend over grenzen gaat en overbelast raakt.’ Meestal speelt er meer mee dan alleen het lichamelijk kunnen. De verschillende copingstijlen gaan een rol spelen; hoe ga jij met moeilijke situaties om? Of je een situatie actief tegemoet treedt, deze gaat vermijden of er steeds over na blijft denken maakt veel verschil.

Coping is een persoonlijke stijl, waarin veel mensen zich herkennen als hun aanpak ter sprake komt. Door dit te benoemen en te begrijpen, kun je zoeken of er een andere stijl is om je doel te bereiken wanneer je vastloopt. ‘Het uitgangspunt bij revalidatie is denken in mogelijkheden. In eerste instantie probeer je te kijken of training mogelijk is. Als dat echt niet kan, gaan we kijken of je een beweging op een andere manier kunt doen. Dat kan ook met een hulpmiddel zijn, zoals een rollator. Al is dat vaak wel een grote stap. Daar komt een proces van acceptatie bij.’

Holistische behandeling

Om gemotiveerd te blijven bewegen is ook de timing van revalidatie belangrijk. Katrien van den Borne: ‘Revalidatie moet op het juiste moment plaatsvinden, als je er ruimte en tijd voor hebt. Soms komt revalidatie te vroeg, bijvoorbeeld omdat iemand de ziekte of aandoening nog niet heeft geaccepteerd, nog midden in het drukke arbeidsproces zit of eerst psychisch iets op te lossen heeft. In Nederland werken we in de meeste revalidatietrajecten met multidisciplinaire teams.

Ook bij Libra behandelen we mensen holistisch, met onder andere een psycholoog, maatschappelijk werker, fysiotherapeut, ergotherapeut en logopedist. De noodzakelijke beweging bij revalidatie moet je in die brede context zien. Soms is het zinvol om hulp van disciplines in te schakelen die in eerste instantie niets met de aandoening te maken lijken te hebben.’

Thuis trainen

Maar dan, na maanden van begeleiding door een heel team van professionals, moet je het thuis alleen doen. Hoe gaat dat gemiddeld genomen? Katrien van den Borne: ‘Bij veel mensen gaat het goed. Tijdens de revalidatie hebben ze ervaren waartoe hun lichaam in staat is en dat ze met hun ziekte toch veilig kunnen trainen op niveau. Daar mag je thuis op blijven vertrouwen. Toch komt het ook vaak voor dat het vertrouwen thuis wegzakt. Dat kan allerlei redenen hebben, zoals angst om te vallen.’

Het uitgangspunt bij revalidatie is denken in mogelijkheden

‘Laat ik vooropstellen dat de angsten die mensen met een chronische aandoening kunnen ervaren heel reëel zijn. Als jij bijvoorbeeld vaker bent gevallen, is het begrijpelijk dat die gebeurtenissen je belemmeren. Bedenk dan dat de bewegingen thuis niet ingewikkeld hoeven te zijn. Ik vind het belangrijk om te benadrukken dat bij revalidatie iedere beweging telt, ook die in je eigen huis. Er zijn veel verschillende manieren om actief te blijven. De vraag is: wat heeft iemand nodig om het vertrouwen in de lichamelijke activiteit terug te krijgen? Dat lukt alleen als de bewegingen thuis aansluiten bij wat iemand leuk vindt om te doen en waarin diegene vertrouwen heeft.’

Ingang tot verandering

Na drie maanden ziet de arts de patiënten terug bij Libra. Wat zijn de ervaringen? Katrien van den Borne: ‘Sommige mensen zijn veel vitaler en kunnen activiteiten langer volhouden sinds de revalidatie. Dat is heerlijk om te zien. Er zijn ook mensen bij wie het moeilijker verloopt en die moeite hebben om het geleerde door te zetten. Dan gaan we uitzoeken waardoor het komt dat het positieve gedrag minder goed beklijft. Hierbij kunnen we gebruikmaken van de cirkel van leefstijlinterventies die een ingang biedt tot gedragsverandering en aanzet tot een actieve(re) levensstijl.

Iemand kan bijvoorbeeld denken: ik heb geen reden om naar buiten te gaan. Dan is niet het bewegen zelf de drijfveer, maar een gevoel van eenzaamheid. De ingang tot verandering ligt dan in de sociale omgeving. Als de financiële situatie een belemmering blijkt, en iemand de fysiotherapeut bijvoorbeeld niet kan betalen, dan zoeken we samen naar initiatieven in de omgeving die wel betaalbaar of kosteloos zijn.’

Veerkracht

Het kan natuurlijk ook zijn dat er in de periode na de revalidatie lichamelijk iets is veranderd, wat activiteit moeilijk maakt. ‘Bij een progressieve ziekte word je soms door de achteruitgang van het lichamelijk functioneren ingehaald. Als je dan blijvend hoge verwachtingen hebt, leidt dat steeds tot teleurstellingen. Ook dan gaan we weer elders in de cirkel een ingang zoeken. Kun je een andere activiteit vinden die je dezelfde voldoening geeft?

En ook dan komen we weer terug bij het startpunt van jezelf een (nieuw) doel stellen. Een prachtig voorbeeld hiervan vind ik de jaarlijkse handbikebattle, een initiatief voor mensen in een rolstoel of met een ligfiets die zichzelf sportief uitdagen. Ik vind het altijd indrukwekkend om de veerkracht van mensen met een chronische ziekte te zien. Dat is het mooie aan mijn werk als revalidatiearts, dat enthousiasmeert mij.’ ●

 

Mijn positieve gezondheid

Bij het leefstijlloket van Libra wordt gewerkt met het spinnenwebmodel van Mijn Positieve Gezondheid. Dit model brengt in kaart hoe jij zelf beoordeelt hoe het met je gaat, aan de hand van zes onderwerpen. Deze variëren van ‘lichaamsfuncties’ tot ‘meedoen’. Bij Libra vullen therapeut en patiënt samen het web in om te ontdekken waar doelen, uitdagingen en motivatie liggen om iets mee te doen. Katrien van den Borne: ‘Het is interessant om te merken dat ideeën vaak anders zijn vanuit de professional dan vanuit de patiënt. Neem bijvoorbeeld iemand die rookt. Wij denken: die wil daar iets mee. Maar het kan heel goed zijn dat de persoon daar zelf tevreden over is en meer focus heeft op het mentaal welzijn.’

Meer informatie: mijnpositievegezondheid.nl

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Heidy van Beurden

Over de auteur

Heidy van Beurden is freelance redacteur/tekstschrijver. Van alle maatschappelijke thema's waarove ze schrijft, heeft gezondheid haar speciale interesse. Vanwege de kracht van mensen; fysiek en mentaal. Ze geeft graag een stem aan praktijkervaringen die laten zien hoe het óók kan. Haar hobby? Hardlopen!

Lees meer artikelen van Heidy van Beurden