23-11-2021

Het laatste woord – Slaap, goed. Dood, slecht

De medische wetenschap kwam kortgeleden met twee zeer voor de hand liggende vaststellingen

De American Academy of Sleep Medicine, die zeer verheven instantie, heeft een nieuwe standpuntbepaling uitgevaardigd.1 Laten we duidelijk zijn: met standpuntbepalingen valt niet te spotten. Het zijn essentiële, dit-is-hoe-het-is, geen tegenspraak duldende uitingen die richting en focus verschaffen aan organisaties.

En dus is hier het nieuwe standpunt van de AASM: Slaap is belangrijk.

Het doet ons afvragen wat het vorige was. Misschien: ‘Slapen? Kan, doe maar wat je wil.’ Of misschien: ‘Slapen? Zal mij een worst zijn. De AASM, die het beu is om er maar omheen te draaien, heeft eindelijk het bit tussen de organisatorische tanden en treedt met veel bombarie naar buiten. Verdorie, slapen is goed en het is belangrijk voor onze gezondheid!

Zoals bij elke uitdaging, is het bedenken van een nieuwe positieverklaring niet iets dat je zomaar even in je slaap kunt doen. De leden van de raad van bestuur van de academie, bestaande uit elf ‘slaapgeneeskundigen’ en één klinisch psycholoog, hebben lang en hard nagedacht voordat ze zover waren.

De uitspraak heeft een doorsijpelend effect en raakt vele aspecten van de samenleving. Scholen, universiteiten en zelfs medische hogescholen moeten studenten vertellen: ga slapen!

Hetzelfde geldt voor huisartsen. Wees niet verbaasd als je arts je terloops vraagt: ‘En, hoe gaat het met slapen?’ Je zal begrijpend knikken; je weet wie er achter de vraag zit.

Er zouden ook meer ‘werkplekinterventies’ moeten komen. Bazen moeten het personeel aanraden om voor voldoende slaap te zorgen; als ze niet in hun bed slapen, moeten ze dat maar aan hun bureau doen. Slaap is belangrijk!
De AASM zegt het wat pittiger. ‘Er is meer onderzoek nodig naar slaap en het 24-uurs slaap- en waakritme (of circadiaans ritme) om verder op te helderen wat het belang van slaap is voor de volksgezondheid en in hoeverre onvoldoende slaap bijdraagt aan gezondheidsverschillen.’ Niet wegdommelen nu – of misschien was dat juist de bedoeling. Slim!

Om niet achter te blijven bij de afdeling Overduidelijke Constateringen, heeft een multinationaal onderzoeksteam met onderzoekers van 42 academische centra uit 14 landen iets bedacht dat al net zo’n openbaring is: we zullen sterven. Nee, het maakt niet uit wat je doet, er is geen ontsnappen aan de dood.2

‘De dood van een mens is onvermijdelijk. Het maakt niet uit hoeveel vitamines we nemen, hoe gezond onze omgeving is of hoeveel we sporten, we zullen uiteindelijk ouder worden en sterven’, zegt de hoofdauteur van het team, Fernando Colchero. Waarschijnlijk moeilijk te geloven, maar ons is verzekerd dat hij ‘een expert is in het toepassen van statistiek en wiskunde op populatiebiologie’, dus hij zou het moeten weten.

Het team kwam niet gemakkelijk tot dit oordeel. Het dook in ‘een schat aan gegevens’ van 9 verschillende menselijke populaties en vergeleek deze zelfs met 30 niet-menselijke primatengroepen, waaronder gorilla’s, chimpansees en bavianen, en raad eens? Ze stierven allemaal. Tot de laatste aan toe, van baviaan tot betweter, uiteindelijk lagen ze allemaal onder de zoden.

Maar wat voor ons een simpele waarheid lijkt, werd door de onderzoekers gedegradeerd tot louter een hypothese. ‘Ja, die van “we gaan allemaal dood” hebben we wel gehoord, maar waar is het bewijs?’ vroegen ze in koor.
De levensduur verschilt natuurlijk van land tot land. In Japan en Zweden leven mensen bijvoorbeeld langer; het lijkt bijna een groepsactiviteit, omdat ze dat in clusters doen. Bijna onbeleefd om voortijdig te sterven in die culturen.

Het is ook veranderd door de eeuwen heen. De levensduur in die twee landen was in de negentiende eeuw veel korter, net als in de meeste landen, en onze langere levensduur heeft meer te maken met betere sanitaire voorzieningen, hygiëne en voeding dan met medische interventies.

De geneeskunde heeft (net als sanitaire voorzieningen, hygiëne en voeding) een rol gespeeld in het terugdringen van de kindersterfte; voor die tijd was dat een rem op de gemiddelde levensverwachting. Maar laten we niet vergeten dat dit een tragedie is die misschien in het Westen wel bijna is uitgeroeid, maar in andere delen van de wereld niet.

Onze kansen op een lang leven zijn verbeterd en misschien kunnen we een manier vinden om het verouderingsproces te vertragen. We kunnen misschien een goede gezondheid behouden tot op hoge leeftijd zonder te lijden aan de kwalen en pijntjes waarvan velen van ons nu wel last hebben. De medische wetenschap kan ons ook helpen langer te leven.

Het verlengen van de levensduur is eindeloos fascinerend voor mensen als Amazon-oprichter Jeff Bezos en Tesla-baas Elon Musk, die helpen bij het financieren van technieken die de levensverwachting verhogen tot 120. Zelfs 140 kan haalbaar zijn.

Maar uiteindelijk zullen we sterven, en tot het zover is zullen we slapen. En dankzij medisch onderzoek weten we nu dat het ene onvermijdelijk is en het andere belangrijk.

Bronnen
1 J Clin Sleep Med, 2021; doi: 10.5664/jcsm.9476
2 Nat Commun, 2021; 12: 3666

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...