13-07-2008

Haarkleurmiddelen niet zonder risico

Na een aantal alarmerende zaken rond haarkleurmiddelen zegden de fabrikanten toe hun producten aan te passen. Zijn de vernieuwde samensellingen inderdaad een verbetering?

In januari van dit jaar wilde in Engeland een negentienjarige moeder de cosmeticagigant L’Oréal aanklagen omdat een haarkleurmiddel haar een schilferige hoofdhuid en gezwollen oren had opgeleverd. Volgens haar had de verf ook brandwonden veroorzaakt in haar gezicht, nek en hoofdhuid en had ze over haar hele lichaam uitslag gekregen, nadat ze de haarkleur kastanjebruin van L’Oréal Garnier Nutrisse had gebruikt. En dat terwijl ze 48 uur tevoren een testje op allergie had gedaan, waarbij ze geen reactie had gehad.

Een soortgelijk probleem kreeg een zestienjarig meisje in het jaar daarvoor. Zij kreeg last van ernstige zwelling van hoofdhuid en nek, kreeg moeite met ademhalen en moest naar een ziekenhuis gebracht worden nadat ze haar haar chocoladebruin geverfd had. Ook bij haar was het een haarkleur van L’Oréal die problemen opleverde.

Hoewel L’Oréal in beide gevallen direct meldde dat allergie voor haarverf ‘extreem zeldzaam’ is, blijkt uit recent onderzoek juist dat het steeds meer voorkomt, met name onder jongere mensen. De Europese dermatologen wijzen erop dat wereldwijd steeds meer mensen hun haar kleuren, en op steeds jongere leeftijd. Daardoor stijgt het absolute aantal allergische reacties op haarkleurmiddelen 1. De belangrijkste boosdoener is volgens hen de chemische stof die vaak in permanente haarkleurmiddelen zit, genaamd fenylenediamine ofwel PPD. Dat zit in meer dan tweederde van de haarkleuren die momenteel op de markt zijn, inclusief veel van de A-merken. Deze stof kleurt heel effectief omdat hij een laag moleculair gewicht heeft, de haarschacht en haarfollikel kan binnendringen en een hoge eiwitbinding heeft. Maar juist die eigenschappen maken de stof ook tot een ideaal en potent contactallergeen.

Allergische reacties

De afgelopen decennia zijn allergische reacties op PPD zo’n groot probleem geworden dat de stof totaal uitgebannen is uit de haarkleurmiddelen die verkocht worden in Duitsland, Frankrijk en Zweden. Volgens de huidige Europese wetgeving mag er tot 6 procent PPD zitten in commercieel verkochte haarverven. Ondanks die beperkingen in het gebruik melden de dermatologen toch een stijgend aantal gevallen van door PPD ontstane contactdermatitis. Bij een onderzoek onder volwassenen in een dermatologische praktijk in Londen bleek dat het aantal gevallen in de afgelopen zes jaar verdubbeld is, waarschijnlijk doordat steeds meer mensen thuis hun haar kleuren. Volgens dezelfde praktijk kwamen er in de periode 1965 tot 1975 tot elf patiënten per jaar met een PPD-allergie die niet beroepsmatig was opgelopen (het waren dus geen kappers), terwijl dat cijfer inmiddels is opgelopen tot veertig gevallen per jaar. Ook in andere landen is deze trend zichtbaar 1.

Een patiënt met contactallergie voor haarkleurmiddelen vertoont vaak uitslag in het gezicht of rond de haarinplant. Maar er zijn ook ernstige reacties. Bij een onderzoek in Denemarken naar aanleiding van klachten van de consument werden er 55 gevallen gevonden van ernstige acute contactdermatitis door haarkleurmiddelen, met ernstige zwelling van het gezicht, de hoofdhuid en de oren. Die gevallen waren samen verantwoordelijk voor 75 bezoeken aan een arts of huisarts en vijf ziekenhuisopnames, waardoor de onderzoekers de conclusie trokken dat PPD bij de momenteel gebruikte concentraties ‘een significante bedreiging vormt voor de volksgezondheid’2. Ook onder kinderen zijn er ernstige reacties op haarkleurmiddelen geweest 3.

Volgens de laatste onderzoeken kunnen ook haarkleursoorten met een relatief lage concentratie PPD een probleem vormen, omdat de stof zich in loop van de tijd in de huid stapelt. Dat betekent dat iemand die regelmatig haar haar kleur en dus aan kleine concentraties PPD wordt blootgesteld, op een bepaald moment een net zo hevige reactie kan krijgen als iemand die eenmalig aan een hoge concentratie wordt blootgesteld 4.

Een ander probleem met PPD is dat van kruisallergie. Dat wil zeggen dat als iemand eenmaal gereageerd heeft op PPD, zij tevens overgevoelig kan worden voor verwante stoffen. Daaronder vallen andere soorten haarkleurmiddelen, textielverf, penneninkt, kleurstoffen in voeding of medicatie, conserveermiddelen (parabenen) en bepaalde stimulerende geneesmiddelen (zoals benzocaïne, procaïne en sulfonamiden). Zo wordt een allergie voor PPD een levenslang probleem 5.

Allergie, of overgevoeligheid, voor PPD komt ook voor wanneer de stof wordt gebruikt in huidverf, zoals bij tijdelijke tatoeages met zwarte ‘henna’6. Voor deze toepassing is de stof trouwens niet toegestaan. Volgens de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) is het namelijk niet toegelaten voor directe toediening op de huid 7. Wanneer iemand zijn haar kleurt, komt de haarverf onvermijdelijk ook in direct contact met de hoofdhuid en de huid op het voorhoofd en rond de oren. Daardoor is het niet vreemd dat er bij sommige mensen allergische reacties ontstaan.

Kanker

Niet alleen allergie is een probleem van haarkleurmiddelen. Hoewel controversieel, zijn de bewijzen steeds talrijker dat er een verband is tussen het gebruik van haarkleurmiddelen en een aantal vormen van kanker, waaronder zeldzame vormen zoals het non-Hodgkin lymfoom (NHL). Met name de kleuren zwart, donkerbruin of rode tinten leveren problemen op. Dit kwam voor het eerst aan het licht aan het eind van de jaren zeventig, toen uit een aantal onderzoeken een verband naar voren kwam tussen haarkleurmiddelen en borstkanker 8,9. Vrouwen die op twintigjarige leeftijd al begonnen hun haar te kleuren, hadden een tweemaal zo hoog risico als vrouwen die op hun veertigste begonnen. De gebruiksters met het hoogste risico waren vrouwen in de leeftijd van 50-79 die al jaren hun haren kleurden. Vergeleken met vrouwen die hun haar nog nooit gekleurd hadden, hadden diegenen die dat vijf keer of vaker per jaar deden, tevens een tweemaal zo hoog risico dat zich eierstokkanker ontwikkelde 10.

Ook bleek dat mensen die tien jaar of langer als kapper hadden gewerkt, een vijf keer zo hoog risico hadden van blaaskanker als de algehele populatie 11.
Het verband met overigens zeldzame vormen van kanker levert trouwens het meest overtuigende bewijs op dat haarkleurmiddelen giftig zijn. Mensen die hun haar kleuren, hebben een twee tot vier keer zo hoog risico van non-Hodgkin lymfoom (NHL) en multipele myelomen vergeleken met diegenen die dat niet doen 12,13. Wellicht zijn haarkleurmiddelen zelfs verantwoordelijk voor maar liefst 20 procent van alle gevallen van NHL bij vrouwen 14.

De laatste decennia kleuren ook steeds meer mannen hun haar. Uit onderzoeken blijkt dat het risico van multipele myelomen onder mannen wellicht door het haarkleuren met 90 procent is gestegen 15 en dat van NHL en leukemie bijna verdubbeld is ten opzichte van niet-haarververs 12. Er zijn echter ook onderzoeken gepubliceerd waarin het risico van kanker door haarkleurmiddelen wordt weersproken. In 1993 luidde de conclusie van een rapport van de International Agency for Research on Cancer (LARC) dat ‘er niet voldoende bewijs is dat door thuisgebruik van haarkleurmiddelen blootstellingen ontstaan die carcinogeen (kankerverwekkend) zijn’. Datzelfde rapport vermeldt wel dat kappers zo vaak aan haarkleurmiddelen worden blootgesteld, dat zulke blootstellingen ‘waarschijnlijk carcinogeen’ zijn. Wat betekent dat haarkleurmiddelen waarschijnlijk wel tot kanker leiden.

Het probleem zit waarschijnlijk in de samenstellingen van de oudere soorten haarkleurmiddelen, die aanzienlijk toxischer waren. Bij een onderzoek werd een verhoogd risico van NHL gevonden onder vrouwen die een permanente diepe kleuring (zwart, donkerbruin en donkerblond) gebruikten voor 1980, maar geen risico bij mannen en vrouwen die deze producten daarna pas begonnen te gebruiken 16. Maar de onderzoekers geven toe dat deze bevinding kan zijn ontstaan doordat er ‘niet genoeg tijd is voorbijgegaan voor de inductie/latentieperiode’. Een kanker die door chemische stoffen is opgewekt, doet er meestal zo’n twintig jaar over voordat hij zich manifesteert 17. Het hoeft dus niet zo te zijn dat de nieuwere haarkleurmiddelen geen kanker veroorzaken. Misschien is het alleen nog maar te vroeg om dat te kunnen meten.

Hoewel er inmiddels beperkende bepalingen zijn voor een aantal ingrediënten, bevatten de huidige haarkleurmiddelen nog veel toxische stoffen die de huid snel binnendringen en die carcinogeen en mutageen zijn voor mens en dier. In een reageerbuisonderzoek bleek PPD bijvoorbeeld ook DNA-schade op te leveren 18, terwijl van 4-aminobifenyl, een ander ingrediënt in de huidige middelen, bekend is dat het blaaskanker veroorzaakt 19.

Volgens Skin Deep, een onderzoek uit 2004 en tevens ranglijst van 7.500 cosmetische producten, gepubliceerd door de Amerikaanse non-profitorganisatie Environmental Working Group (EWG), kan 69 procent van de haarkleurmiddelen een risico van kanker opleveren 20. Toen de onderzoekers van de EWG recent 15.000 cosmetische producten en persoonlijke verzorgingsproducten onderzochten, ontdekten zij dat 82 procent van de haarkleurmiddelen en haarbleekproducten vervuild waren met het kankerverwekkende 1,4-dioxaan 21.
Heeft dit alles u nog niet doen besluiten uw haar nooit (meer) te kleuren, neem dan een kijkje op de zoekdatabase van de EWG over veiligheid van cosmetica (www.cosmeticsdatabase.com). Veel van de populairste haarkleurmiddelen zijn extreem gevaarlijk.

EU-regels

In Europa zijn we beter af dan in Amerika. In 2006 heeft het Europees Comité 22 haarkleurende stoffen verboden die op de lange termijn blaaskanker konden veroorzaken. Momenteel worden nog eens 49 stoffen onderzocht voor dezelfde regulering. Maar wie een korte blik werpt op de verpakkingen van sommige producten die momenteel in de winkel staan, zal zien dat er nog veel reden tot zorg is en dat de consument nog steeds op zijn hoede moet zijn en de veiligste producten zelf moet selecteren (zie kader). Een alternatief is natuurlijk dat u de haarkleurmiddelen laat staan en uw natuurlijke haarkleur accepteert.

BRONNEN:
1 BMJ, 2007; 334: 220
2 Contact Dermatitis, 2002; 47: 299-303
3 Contact Dermatitis, 2006; 54: 87-91
4 Contact Dermatitis, 2007; 56:262-265
5 Frosch P.J. et al., red. Contact Dermatitis, 4e ed Springer, 2006: 479
6 J Cosmet Dermatol, 2003; 2: 126-130
7 www.cfsan.fda.gov/~dms/cos-tatt.html
8 NY State J Med, 1976;76:394-396
9 J Natl Cancer Inst, 1979;62: 277-283
10 Int J Cancer, 1993; 55: 408-410
11 Int J Cancer, 2001; 91: 575-579
12 Am J Public Health, 1988; 78: 570-571
13 J Natl Cancer Inst, 1994; 86: 210-215
14 Cancer Res, 1992; 52 [19 Suppl: 5496S-500S
15 Am J Public Health, 1992; 82: 1673-1674
16 Carcinogenesis, 2007; 28: 1759-1764
17 Crit Rev Toxicol, 2007; 37: 521-536
18 Toxicol Lett, 2007; 170: 116-123
19 Chem Res Toxicol, 2003; 16: 1162-1173
20 www.thegreenguide.com/doc/110/hair
21 zie www.ewg.org/node/21286


Haar veiliger kleuren

  • Doe altijd eerst een plakproef. Volgens de fabrikanten van haarkleurmiddelen kunt u een allergische reactie voorkomen wanneer u de instructies goed opvolgt en 48 uur voor gebruik een sensitiviteitstest op de huid uitvoert. De allergietest die merken als L’Oréal gebruiken, blijkt inderdaad 100 procent voorspellend te zijn1,2. Onthoud echter dat een plakproef niet altijd volledig is3, aangezien er nog zoveel meer potentiële allergenen in haarkleurmiddelen zitten naast het PPD dat meestal in de allergietests zit4.
  •  Lees de verpakking. Gebruik de veiligere alternatieven die op de markt zijn (op http://www.safecosmetics.org/companies/signers.cfm vindt u bedrijven die beloofd hebben geen stoffen te gebruiken waarvan bekend is, of sterk de verdenking heerst, dat ze kanker veroorzaken, mutaties of aangeboren afwijkingen). Gebruik geen producten met fenylenediamines zoals PPD, waaronder veel zogeheten ‘natuurlijke’ haarkleurproducten. Wees alert op woorden met ‘amino’ of ‘nitro’ erin en op kleurnamen die beginnen met de letters HC, wat betekent dat het geen natuurlijke stof is. Gebruik de EWG database op www.cosmeticsdatabase.com om na te gaan welke bestanddelen en producten niet goed zijn.
  • Kleur het haar niet te vaak. Laat een zo lang mogelijke tijd tussen twee kleuringen zitten.
  • Breng het haarkleurmiddel op het haar aan, niet op de hoofdhuid. Er zijn haarverfapplicatoren in de handel die eruit zien als een holle kam of borstel. Daarmee kunt u het haarkleurmiddel op het haar verdelen en zo min mogelijk de hoofdhuid aanraken. Laat het middel de minimum aanbevolen tijd intrekken.

1 Eur J Dermatol, 2005; 15: 18-25
2 Eur J Dermatol, 2002; 12: 322-326
3 Br J Dermatol, 2007; 157:1017-1020
4 Contact Dermatitis, 2004; 51: 241-254


 

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...