Gewrichten herstellen zonder operatie

 [Alternatieven]

Gewrichten herstellen zonder operatie

Amerikaanse artsen hebben baanbrekend werk verricht en een methode bedacht om versleten gewrichten te herstellen zonder gewrichtsvervangende operatie.

Door Lynne McTaggart

Achter een bescheiden deur op een industrieterrein in een voorstad van Denver (Colorado) bevindt zich een kleine kliniek met een groots doel, namelijk het transformeren van de orthopedische geneeskunde. Dat doet de kliniek door gebruik te maken van het helende vermogen van ons eigen lichaam.
De eigenaar en medisch directeur van deze kliniek is de anesthesioloog Chris Centeno, die een techniek heeft ontwikkeld waarbij hij stamcellen van de patiënt gebruikt om beschadigde weefsels te herstellen: kraakbeen, bot, gewrichtsbanden en pezen. Deze techniek maakt een operatie vaak overbodig.
De 63-jarige triatleet Joe Maroon is een treffend voorbeeld van het succes van deze techniek. Hij kreeg artrose in zijn knie en kwam voor een onmogelijke keus te staan. Na jaren van hardlopen, fietsen en zwemmen, was zijn kraakbeen behoorlijk achteruitgegaan, waardoor hij constant pijn had. Maroon kreeg van zijn arts te horen dat hij een nieuwe knie nodig had. Omdat hij zelf neurochirurg was, wist hij heel goed wat de gevolgen van zo’n operatie konden zijn. Bovendien gaat een kunstknie of -heup maar een jaar of tien mee en moet dan opnieuw worden vervangen. Daarom proberen artsen de eerste operatie zo lang mogelijk uit te stellen. Het enige alternatief waren injecties met corticosteroïden en het deprimerende vooruitzicht dat hij zijn sportactiviteiten zou moeten beëindigen.
In de jaren dat zijn operatie werd uitgesteld, hoorde Maroon van de orthopedische behandeling met stamcellen die de Centeno-Schulz-kliniek bood. Maroon ondernam de reis naar het kliniekje in Denver om zich te laten informeren over deze behandeling, die werd aangeprezen als een alternatief voor opereren.
Er werden een aantal stamcellen uit zijn beenmerg gehaald en gedurende enkele weken in een laboratorium op kweek gezet. Daarna werden ze in zijn beschadigde knie geïnjecteerd. Na deze behandeling had Maroon zoveel minder pijn dat hij een halfjaar later – hij was inmiddels 68 – in staat was de Ironman Hawaï-triatlon te volbrengen.

Ontevreden
Centeno was niet tevreden met de reguliere orthopedische geneeskunde, die volledig afhankelijk is van operaties en corticosteroïden. Veel gewrichtsproblemen worden veroorzaakt doordat het kraakbeen achteruitgaat. Vaak gaat dit gepaard met ontstekingen, waardoor het kraakbeen niet langer zijn functie als schokdemper kan vervullen. Omdat er weinig bloed naar het kraakbeen gaat, herstelt het zelden vanzelf.
De reguliere geneeskunde heeft niet zoveel te bieden. Er zijn grofweg twee soorten operaties om het kraakbeen te herstellen. Bij de eerste worden er kleine gaatjes in het bot gemaakt, om zo een herstelrespons uit te lokken.1 Bij de tweede worden er kleine stukjes kraakbeen van een gezonde plek overgezet naar de beschadigde plek.2 Beide operaties hebben niet altijd het gewenste effect, meestal doordat het lichaam een ontstekingsreactie vertoont. De andere twee veelgebruikte behandelingen zijn injecties met corticosteroïden (om de ontsteking tegen te gaan) en een gewrichtsvervangende operatie.
Aan het begin van deze eeuw raakte Centeno geïnteresseerd in stamcelonderzoek bij dieren.3 Wanneer hun beschadigde gewrichten geïnjecteerd werden met stamcellen van de dieren zelf, ontwikkelden die cellen zich tot het weefsel dat nodig was om de schade te herstellen – alsof ze reageerden op een verborgen blueprint. En wat nog hoopgevender was: het weefsel bleef zich herstellen, ook na langere tijd.
Centeno wilde weten of dit ook bij mensen werkte. Hij testte of de in het beenmerg aanwezige voorraad mesenchymale stamcellen (MSC’s), die al geneigd zijn zich tot bot, kraakbeen en bindweefsel te specialiseren, konden worden gebruikt om gewrichten te herstellen. Zijn eurekamoment kwam toen hij merkte dat je bloedplaatjes van de patiënt aan diens MSC’s moet toevoegen om te zorgen dat ze zich vermeerderen en specialiseren tot kraakbeen- en botweefsel.
Centeno ging samenwerken met de orthopeed en anesthesioloog John Schulz, en samen startten ze de Centeno-Schulz-kliniek. Centeno had al vroeg besloten om het werk van de kliniek te onderbouwen met zorgvuldig onderzoek en vervolgonderzoek bij alle patiënten, en de resultaten daarvan te publiceren. Tot dusver heeft Centeno meer onderzoek gedaan naar het gebruik van stamcellen voor orthopedische behandelingen dan enig ander onderzoekscentrum.
In 2008 publiceerde hij de resultaten van de eerste patiënt bij wie hij de techniek had toegepast. Het was een man die al jaren pijn in zijn knie had, en die niet was opgeknapt na een operatie. Centeno nam MSC’s uit het heupbeen van de patiënt en zette ze op kweek met weefselfactor (het eiwit dat de bloedstolling activeert) uit het bloed van de patiënt. Dit om te zorgen dat de stamcellen zich vermenigvuldigden en verbeterden. Na een paar dagen injecteerde hij dit ‘brouwsel’ in de knie van de patiënt.
De resultaten waren zonneklaar. Al een maand na de behandeling was het oppervlak van het kniekraakbeen van de patiënt met 20 procent toegenomen. En na een halfjaar was ook de meniscus (het kraakbeenkussen dat het gewicht van het dijbeen draagt) met 29 procent gegroeid.4 De patiënt kon zich bijna weer normaal bewegen en zijn pijn, die eerst 4 bedroeg op een schaal van 10, was gezakt naar 0,4.

Indrukwekkende resultaten
In de jaren daarop hebben Centeno en zijn collega’s (artsen over de hele wereld die zijn training hebben gevolgd) samen zo’n tienduizend behandelingen uitgevoerd om schade aan het bewegingsapparaat en de weke delen te genezen. Onder zijn patiënten bevonden zich honderden mensen met gewrichtsproblemen in de knie en heup. De resultaten zijn indrukwekkend, vooral ook omdat het herstel zich op de lange duur voortzet. Zo blijkt uit Centeno’s gegevens dat 80 procent van 221 oudere patiënten met overgewicht die een versleten knie hadden, kort na de behandeling een verbetering van 25 procent liet zien, en na twee jaar een gemiddelde verbetering van bijna 60 procent. Bij 999 patiënten van middelbare leeftijd die slechts iets te zwaar waren, waren de resultaten nog beter: 90 procent meldde kort na de ingreep een verbetering van meer dan 50 procent, en na vier jaar was die verbetering meer dan 70 procent.
Hoewel de resultaten bij heupproblemen minder spectaculair zijn, geeft 60 procent van deze patiënten toch aan een kwart minder pijn te hebben (patiënten jonger dan 55 gemiddeld 42 procent minder; patiënten ouder dan 55 gemiddeld 22 procent).
Het team heeft onderzocht hoe het kwam dat heuppatiënten minder baat hebben bij de behandeling. Ze ontdekten dat het bewegingsbereik van het heupgewricht van de patiënt van invloed was op het succes: hoe kleiner het bereik, hoe minder goed de standaardbehandeling werkte.
Desondanks reageren zowel heup- als kniepatiënten beter op de stamcelbehandeling dan op een operatie. Volgens een onafhankelijk onderzoek door de Amerikaanse orthopedisch chirurg Mitch Sheinkof scoorden patiënten met een nieuwe heup beter in de Harris Hip Score, een meetinstrument dat kijkt naar pijn en beweging. Maar patiënten die met stamcellen werden behandeld, scoorden beter in bewegingsbereik en in de algehele baten-risicoanalyse. Waarschijnlijk doordat deze laatste behandeling minder ingrijpend is. Ongeveer 73 procent van de heuppatiënten die een stamcelbehandeling kregen, kon daarna weer sporten. Kniepatiënten functioneerden na de behandeling op allerlei terreinen beter.
In 2011 publiceerden Centeno en zijn team een rapport over de veiligheid en complicaties bij 339 patiënten, van wie de meesten knieproblemen hadden en op de lijst stonden voor een gewrichtsvervangende operatie. Na de stamcelbehandeling kreeg slechts 4,1 procent van deze patiënten alsnog een nieuwe knie; de rest had die niet meer nodig.5
Centeno’s kliniek behandelt niet alleen gewrichtsproblemen, maar ook allerlei aandoeningen aan weke delen (kapsels, slijmbeurzen, banden, pezen en spieren) en rugletsel. Patiënten met rotator cuff-problemen (de spiergordel in het schoudergewricht), schade aan de wervelkolom, versleten tussenwervelschijven: ze kunnen allemaal baat hebben bij stamcelbehandeling, en daarmee een operatie voorkomen.
‘Met dit soort geneeskunde kunnen we van alleen pijnbestrijding overstappen op het werkelijk genezen van beschadigde weefsels’, zegt Centeno. ‘Stel je voor: knieën, heupen, ruggen, allemaal hersteld. Geen pijn meer. Geen operaties meer. Geen medicijnen meer. Het enige wat je nodig hebt, zijn je eigen stamcellen. […] Dat is een baanbrekende verandering.’

Wetten en regels
Centeno werd aanvankelijk tegengewerkt door de FDA, de Amerikaanse instantie die geneesmiddelen reguleert. In 2010 werd hem verboden de stamcellen van patiënten op kweek te zetten. Centeno heeft dat aangevochten, aangezien stamcellen geen medicijnen zijn. Bovendien, zegt zijn collega Schultz, ‘is wat wij in onze praktijk doen in feite niet anders dan wat een vruchtbaarheidskliniek doet bij in-vitrofertilisatie.’ Centeno en Schultz werden tijdelijk gedwongen om het laboratorium waar de stamcellen werden gekweekt, naar de Kaaimaneilanden te verhuizen.
In oktober vorig jaar introduceerde de FDA echter een nieuwe regel, waardoor Centeno en Schultz hun werk konden voortzetten zolang ze de afgenomen stamcellen maar weer bij de patiënt injecteerden ‘zonder er te veel aan te manipuleren’. Een voorzichtig goedkeuringsstempel dus voor de kliniek.
Ook een aantal andere orthopeden gebruiken de stamcelmethodiek. Veel collega’s die zijn lezingen en trainingen hebben bijgewoond, noemen hem een visionair − zelfs een genie. Zoals vaak bij baanbrekende geneeskunde, wordt Centeno’s grootste obstakel niet gevormd door de aandoeningen van zijn patiënten, maar door de enorme macht van het medische establishment, waarbinnen Big Pharma de dienst uitmaakt.
Desondanks heeft hij er vertrouwen in dat het enorme bewijs voor de veiligheid en het succes van zijn methode uiteindelijk voor zichzelf spreekt – en zal zegevieren. Voor de miljoenen patiënten die geen baat hebben bij de traditionele behandelingen, is het te hopen dat hij gelijk krijgt.

[Literatuur:]
1 Eur Cell Mater, 2005; 9: 23-32
2 J Bone Joint Surg Am, 2010; 92: 994-1009; Arthritis Res Ther, 2009; 11: 211
3 J Bone Joint Surg Br, 2001; 83: 289-94
4 Pain Physician, 2008; 11: 343-53
5 Curr Stem Cell Res Ther, 2011; 6: 368-78

[Kadertekst:] De ‘M’ van ‘mesenchymaal’
Stamcellen zijn eigenlijk gewoon cellen die van gedaante kunnen wisselen: ze zijn in staat zich te specialiseren tot elk type cel waar behoefte aan is. Stamcellen werden in het verleden meestal uit menselijke embryo’s en vetweefsel gehaald. Daar kleefden ethische bezwaren aan. Maar de stamcellen die het meest succesvol zijn gebleken voor de behandeling van gewrichtsproblemen, zijn de zogeheten ‘mesenchymale stamcellen’ (MSC’s). Deze zijn in het beenmerg te vinden. Omdat ze de basis vormen voor bot, kraakbeen, spiercellen en bindweefsel, en omdat ze zich snel vermenigvuldigen, zijn MSC’s uitermate geschikt voor regeneratieve doeleinden.1
Volgens Centeno zorgen de juiste omstandigheden ervoor dat de MSC’s uitgroeien tot het type weefsel waaraan behoefte is. Als ze worden geïnjecteerd in een beschadigd gewricht, dragen de cellen bij aan het herstel van kraakbeen en been, en zelfs het bindweefsel daartussen. Er zijn zelfs aanwijzingen dat ze bescherming kunnen bieden tegen de weefselschade door ontstekingen, en dat ze ook het vermogen bezitten om auto-immuunreacties te temperen.2

[LITERATUUR:]
1 Curr Opin Biotechnol, 2004; 15: 406-10; Pain Physician, 2008; 11: 343-53
2 Arthritis Res Ther, 2008; 10: 223; 2009; 11: 211

[Kadertekst:] Stamcellen en kanker?
Het is bekend dat het injecteren van stamcellen uit embryo’s kan bijdragen aan het ontwikkelen van tumoren. Daarom houden Centeno en zijn team zorgvuldig in de gaten hoe het de patiënten vergaat die MSC’s hebben gekregen voor orthopedische doeleinden. Kort geleden heeft Centeno de follow-upgegevens van 227 patiënten gepubliceerd die vier jaar lang gevolgd waren. Velen van hen ondergingen scans vanwege problemen die verband hielden met de procedure, waaronder ook zwellingen.1 Maar bij niemand werden kankergezwellen aangetroffen.
In een andere studie gingen Japanse onderzoekers nog verder. Zij volgden elf jaar lang 45 patiënten die MSC-transplantatie hadden ondergaan om kraakbeen te herstellen. Ook zij konden geen bewijs vinden voor tumoren of infecties.2

[Literatuur:]
1 Curr Stem Cell Res Ther, 2010; 5: 81-93
2 J Tissue Eng Regen Med, 2011; 5: 146-50

[streamers:]
‘Het enige wat je nodig hebt, zijn je eigen stamcellen.’
De reguliere orthopedische geneeskunde is volledig afhankelijk van operaties en corticosteroïden.
Het weefsel bleef zich herstellen, ook na langere tijd.
Na zijn behandeling had Maroon zoveel minder pijn dat hij een halfjaar later in staat was de Ironman Hawaï-triatlon te volbrengen.
‘Met dit soort geneeskunde kunnen we van alleen pijnbestrijding overstappen op het werkelijk genezen van beschadigde weefsels.’
Ongeveer 73 procent van de heuppatiënten die een stamcelbehandeling kregen, kon daarna weer sporten.
Na de stamcelbehandeling kreeg slechts 4,1 procent van deze patiënten alsnog een nieuwe knie; de rest had die niet meer nodig.
Omdat ze de basis vormen voor bot, kraakbeen, spiercellen en bindweefsel, en omdat ze zich snel vermenigvuldigen, zijn MSC’s uitermate geschikt voor regeneratieve doeleinden.

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Lynne McTaggart

Voorwoord: De waarheid bestaat niet

Reflectie: Mediteren tegen Alzheimer

Voorwoord: Gekke vrouwen

Voorwoord: Het einde van allergieën

Op de Vloer

Column dr. Wendy Lin; Handzenuw in de knel

Anderhalf jaar geleden kwam een man in mijn praktijk. Hij was net gepensioneerd. Zijn hele leven was hij internationaal correspondent geweest, dus hij had veel tijd achter zijn toetsenbord doorgebracht. Tuinieren was de hobby waarin hij altijd zijn rust had gevonden....

Lynne McTaggart avatar

Over de auteur

What Doctor’s Don’t Tell You, het moederblad van Medisch Dossier is eind 1998 opgericht door Lynne McTaggart samen met haar man Bryan Hubbard. Daarnaast is McTaggart toonaangevend wetenschapsjournalist en auteur van meerdere succesvolle boeken. Ook is zij woordvoerder op het gebied van bewustzijn, kwantumfysica en geneeskunde.
Lees meer artikelen van Lynne McTaggart