05-07-2010

Dossier Geneesmiddelen: Van de Hoofdredactie

Vrijheid, blijheid
Als een geneesmiddel vrij verkrijgbaar wordt, kan de fabrikant nog met moord wegkomen.

Als beginnend journalist werkte ik vroeger op de redactie van een persbureau in New York, waar ik verschillende columns moest redigeren, onder andere van de gevierde medisch columnist dr. Robert Mendelsohn.
Bob leerde me voor het eerst wat de gevaren van de moderne geneeskunde zijn. Met name herinner ik me zijn dringende waarschuwingen tegen, wat hij noemde, de meest gevaarlijke en onbewezen nieuwe geneesmiddelen op de markt. Bovenaan zijn lijstje stond een nieuwe groep pijnstillers genaamd NSAID’s (of prostaglandinesynthetaseremmers) zoals het toenmalige Motrin (ibuprofen, bij ons bijvoorbeeld onder de naam Nurofen – aanvankelijk Nerofen – of Advil). Volgens de fabrikanten zouden deze middelen het mogelijk maken ontstekingsreacties te remmen zonder gebruik van steroïden.
Bob stond vrijwel alleen in zijn kritiek op deze zogenaamde wondermiddelen. Hij waarschuwde dat ze toevallig ook ernstige, levensbedreigende maagzweren en maagbloedingen veroorzaakten.
Dat klaroengeschal heeft zich in mijn geheugen gegrift. Daarom was het voor mij extra schokkend toen ik decennia later las dat de autoriteiten Motrin en soortgelijke middelen, zij het in licht verdunde vorm, op de markt hadden toegelaten als vrij verkrijgbare middelen. Ibuprofen is inmiddels een middel dat ons zo onschuldig lijkt dat we het zelfs aan kinderen mogen geven (zoals Nurofen). De aartsvijand van Bob was verdund, anders verpakt en van zijn smetten ontdaan: zelfde middel, zelfde bijwerkingen, maar de meeste waarschuwingen werden niet meer vermeld.
In ons hoofdartikel laat Bryan Hubbard dit keer een licht schijnen op de schaduwzijde van de geneeskunde: de bloeiende markt van vrij verkrijgbare medicijnen. Na het succes van Motrin en andere medicijnen die vrij verkrijgbaar werden, zijn veel farmaceutische bedrijven dit voorbeeld gaan volgen. Moe van de jarenlange strijd om aan de regels van de autoriteiten te voldoen, maken steeds meer bedrijven een ‘light’ versie van de best verkopende geneesmiddelen, die ze direct aan de consumenten kunnen aanprijzen en verkopen. De voordelen zijn legio: de vrij verkrijgbare versie van het geneesmiddel blijft grotendeels buiten schot omdat er minder regels voor gelden, geen vervolgonderzoek vereist is na de verkoop, de consument minder goed op de hoogte is van de mogelijke gevaren en er niemand verantwoordelijk is voor de keuze van de consument. Over de mogelijke gevaren van een vrij verkrijgbaar middel hoeft de fabrikant veel minder op de verpakking en bijsluiter te vermelden dan bij een middel op recept.
Maar aangezien veel vrij verkrijgbare middelen dezelfde dodelijke bijwerkingen kunnen hebben als hun grote broer, is het waarschijnlijk dat een onvermeld aantal miljoenen mensen door zo’n middel beschadigd raakt of zelfs overlijdt. Doordat er echter niemand een recept heeft uitgeschreven voor het middel, houdt ook niemand bij waar de lijken begraven liggen.
Het meest zorgwekkende aan de exodus van ‘uitsluitend op recept’ naar ‘vrij verkrijgbaar’, zoals dat heet, is dat regulerende instanties zoals de Amerikaanse Food and Drug Administration volledig afstand nemen van de verantwoordelijkheid. Toen Motrin nog maar net bestond, beschikte de FDA over een bureau dat geheel was gewijd aan het navorsen van fraude in de testmethoden van geneesmiddelen. Tegenwoordig is er geen spoor meer van die waakhond-functie te bekennen, doordat de FDA, en ook haar tegenhanger in het Verenigd Koninkrijk, steeds dikkere maatjes zijn geworden met Big Pharma en steeds makkelijker doen over het verkopen van geneesmiddelen direct aan de klant.
De bewijslast is totaal verschoven: vroeger werd een geneesmiddel – en de personen die het aan het onderzoeken en testen waren – beschouwd als gevaarlijk tot het tegendeel bewezen was. Tegenwoordig is het enige criterium nog het marktaandeel.
 

Lynne McTaggart

 

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...