15-02-2022

De waarheid over alcohol en gezondheid

We krijgen gemengde berichten en tegenstrijdige adviezen over alcohol en dat zou volgens Tony Edwards weleens te maken kunnen hebben met verborgen agenda’s en ingebouwde vooroordelen.

Is alcohol goed voor ons of niet? Hoewel de verdiensten en gevaren van alcohol jarenlang door vele onderzoekers zijn bestudeerd, is er nog steeds geen consensus. Bijna elke week verschijnen er tegenstrijdige krantenkoppen, die de lezer verward en beduusd achterlaten. Afgelopen juli meldde een onderzoek bijvoorbeeld dat zelfs matig alcoholgebruik het risico op kanker verhoogt, en twee weken later concludeerde een ander onderzoek dat een dagelijks glas alcohol juist zorgt voor een afname van het risico op vroegtijdig overlijden. Ze kunnen niet allebei gelijk hebben en toch bestaat dit patroon van tegenstrijdige, verwarrende adviezen en waarschuwingen al jaren.
De meest voor de hand liggende reden is misschien dat achter de verhalen over ‘goed nieuws over drank’ onversneden commerciële belangen schuilgaan. Zo financierde de tabaksindustrie in het verleden bijvoorbeeld stelselmatig wetenschappelijk onderzoek dat de risico’s van roken bagatelliseerde.

Ook de voedingswetenschap werd – en wordt – steeds weer omgekocht door de levensmiddelenindustrie. Levensmiddelenadditieven zijn een goed voorbeeld: bijna alle onderzoeken die de onschadelijkheid ervan aantonen zijn gefinancierd door de additievenindustrie.

Een nog beruchter voorbeeld is suiker. Uit een recent onderzoek bleek dat de suikerindustrie 50 jaar geleden ‘een onderzoeksprogramma financierde dat met succes twijfels zaaide over de gevaren van sucrose, terwijl vet uit voeding naar voren werd geschoven als de boosdoener die hartziekten veroorzaakt’, met rampzalige gevolgen voor de wereldgezondheid.1
Is het corrumperen van de wetenschap door de voedingsindustrie gekopieerd door de alcoholindustrie? Het lijkt van niet. Het klopt dat de industrie enkele meta-analyses (samenvoegingen van het bestaande bewijsmateriaal) financiert, maar de uitkomsten lijken niet vertekend te zijn.2

De Britse medische autoriteiten oefenden druk uit om gegevens te manipuleren, de gezondheidsrisico’s van alcohol te overdrijven en de voordelen ervan te minimaliseren

Nog belangrijker is dat de alcohol-industrie meestal geen oorspronkelijk onderzoek financiert. Een recente poging om geld van de industrie te werven voor een groot nieuw onderzoek leidde tot zoveel protest dat het voorstel nooit van de grond kwam.3

Hoewel er elk jaar letterlijk honderden onderzoeken naar ‘alcohol en gezondheid’ worden gepubliceerd, worden ze bijna allemaal gefinancierd door overheidsgestuurde gezondheidsinstanties.
Maar als het gaat om alcohol-consumptie komen vooringenomenheid en corruptie zowel voor bij voorstanders als tegenstanders ervan; het is geen eenrichtingsverkeer. We weten allemaal dat drank ernstige verslaving kan veroorzaken, met tal van schadelijke gevolgen, van huiselijk geweld tot vroegtijdig overlijden.

Hoewel de meeste drinkers aan dit lot weten te ontsnappen, zijn er zoveel ‘probleemdrinkers’ en alcoholisten dat overheden overgaan tot oprichting van onderzoeksinstanties om het probleem aan te pakken. Omdat dergelijke instanties de taak hebben om het drinken te ontmoedigen, is hun openbare berichtgeving vaak bot: geen als, en of maar: alcohol is slecht voor je gezondheid, net als tabak.

Voordelen en vooringenomenheid

Het bewijs is echter vaak in hun nadeel. De afgelopen vijftig jaar wijzen onderzoeken herhaaldelijk uit dat matige drinkers langer leven dan niet-drinkers, voornamelijk vanwege een verminderd risico op hartaandoeningen.4

Er zijn door ontkenners verschillende pogingen gedaan om dat bewijs te ontkrachten, maar zij kunnen niet om twee overduidelijke bevindingen heen: uit klinische onderzoeken blijkt dat alcohol een gunstige invloed heeft op biomarkers die verband houden met hartaandoeningen,5 en matige drinkers hebben minder atherosclerose (dichtgeslibde slagaders) dan niet-drinkers.6

Andere onderzoekers hebben gepoogd die bevindingen te weerleggen. Een van de vele voorbeelden is een onderzoek uit 2016 van het Center for Addictions Research van de Universiteit van Victoria in Canada, met daarin een meta-analyse van de sterftecijfers van matige drinkers. Destijds bestonden er al zo’n 2.662 epidemiologische onderzoeken over het onderwerp, maar de auteurs van dit onderzoek beoordeelden er slechts 6. Het zal niet verbazen dat het gevonden bewijs voor de gezondheidsvoordelen van alcohol zo zwak bleek, dat ze er niet anders dan ‘sceptisch’ tegenover konden staan.7

Iets vergelijkbaars werd in 2019 gedaan in een onderzoek met als ondertitel: ‘Hoeveel sigaretten zitten er in een fles wijn?’ Twee van de seniorauteurs zijn bekende anti-alcoholactivisten die lobbyen voor verhoging van de alcoholaccijns naar die van tabak.

Net als de Canadese studie was dit geen originele studie, maar een beoordeling van het bestaande bewijsmateriaal over alcohol en kanker. Ondanks de onheilspellende ondertitel van het artikel, citeerden de auteurs echter geen van de meer dan 10.000 afzonderlijke onderzoeken naar wijn en het risico op kanker.

Pinot en pils in de praktijk

Volgens een onderzoek onder meer dan 300.000 alcoholdrinkers uit de UK Biobank-database, werd bij degenen die voornamelijk tijdens de maaltijden alcohol dronken, zelfs in vrij grote hoeveelheden, een significante afname gezien van het risico op kanker, hartaandoeningen en algeheel overlijdensrisico. Mensen in deze categorie dronken voornamelijk wijn of bier, in hoeveelheden variërend van 50 tot 300 gram per week. Die bovengrens van 300 gram staat gelijk aan meer dan een halve fles wijn of twee pinten bier (ca. twee halve liters) per dag. Ze hadden ongeveer 20 procent minder kans op kanker of hartaandoeningen of op overlijden door welke oorzaak dan ook.

 

Al met al komt er een onduidelijk beeld naar voren uit de onderzoeken, waarbij sommige zelfs een verlaagd risico laten zien bij wijndrinkers, zoals bij longkanker.8

Het kan zijn dat studies zoals deze het proces van collegiale toetsing (peer review) doorstaan ​​– ontworpen om pseudowetenschap eruit te filteren – omdat het idee dat alle alcohol slecht voor ons is goed in de tijdgeest past. In de richtlijnen voor veilig drinken in het VK uit 2016 zijn de eerder aanbevolen maximumlimieten uit 1995 meer dan gehalveerd, ondanks dat er in de afgelopen 21 jaar geen significante veranderingen waren in het gezondheidsbewijs.

We weten nu dat die limieten verdacht zijn, dankzij enig graafwerk van de Britse journalist Christopher Snowdon. Hij ontdekte dat de Britse medische autoriteiten druk uitoefenden op hun academische adviseurs om de epidemiologische gegevens te manipuleren, de gezondheidsrisico’s van alcohol te overdrijven en de voordelen ervan te minimaliseren.

Als gevolg hiervan is de maximale veilige limiet van het VK van twee ‘eenheden’ alcohol per dag (een pint licht bier met ca. 3,5 procent alcohol of een glas wijn met ca. 12 procent alcohol) nu een van de strengste ter wereld.9 Het Voedingscentrum adviseert in Nederland overigens om niet meer dan 1 alcoholisch drankje per dag te drinken. Matig alcoholgebruik van 1 glas per dag heeft positieve en negatieve gezondheidseffecten. Meer alcohol drinken heeft alleen maar negatieve effecten, aldus het Voedingscentrum.10

Sinds 2016 schaart een groot deel van de Britse academische wereld zich achter de officiële anti-alcohollijn. Zo publiceerde een onderzoeksgroep van Universiteit van Cambridge in 2018 de resultaten van een onderzoek naar de gezondheid van bijna 600.000 drinkers.11 Het persbericht bij de publicatie in The Lancet verkondigde dat de studie ‘een betwisting’ was van 50 jaar aan bewijsvoering voor het gunstige effect van alcohol op hartziekten.

Maar hier werd een verkeerde voorstelling van zaken gegeven. Data-speurders ontdekten al snel de waarheid: verborgen in de omvangrijke bijlagen bij de Lancet-studie stonden de ruwe cijfers, die ondubbelzinnig de klassieke ‘J-curve’ van gezondheidseffecten lieten zien: een afnemend risico op hart- en vaatziekten bij matige alcoholinname, maar een geleidelijk toenemend risico bij een hogere inname.

Verklaart dit soort verdoezeling de tegenstrijdige krantenkoppen? Niet noodzakelijk. Het ging in dit geval om twee verschillende onderzoeken: de ene ging over kanker,12 de andere over langlevendheid13 en zelfs met kanker kun je lang leven.

Niettemin is in beide vooringe-nomenheid te bespeuren. De meest voor de hand liggende kritiek op de kankerstudie is de grofheid ervan. Het was gewoon een theoretische oefening, waarbij gegevens van over de hele wereld werden verzameld, met als doel aan te tonen dat hoe hoger het alcoholgebruik van een land is, hoe hoger het kankerpercentage is.

Ontwerpfouten

De gebreken in het onderzoeksontwerp zijn echter legio. Dit zijn er slechts drie: één, een verband vinden betekent nog niet dat het een oorzakelijk verband is – de klassieke fout. Twee, er zijn meerdere oorzaken voor kanker, het is niet noodzakelijk alcoholgerelateerd. Ten derde zeggen de ruwe gegevens niets over het aantal drinkers of hun individuele inname. En toch beweerde de studie verfijnd genoeg te zijn om te stellen dat zelfs matige drinkers een verhoogd risico op kanker hadden.

De onderzoekers hadden een theoretische ‘Monte Carlo-achtige benadering’ gebruikt – een obscure methode die door de connotatie met gokken geen vertrouwen wekt. Bovendien verzuimde de studie een meta-analyse uit 2018 te noemen waaruit bleek dat matig drinken de algehele kankersterfte niet significant verhoogt.14

De andere studie, die beweerde dat drinken je gezondheid verbetert, was een diepgaande analyse van hart- en vaatziektepatiënten (HVZ) uit de half miljoen deelnemers tellende UK Biobank, waarbij werd vastgesteld dat de gezondheidsresultaten van mensen die bleven drinken na een HVZ-diagnose beter waren dan die van degenen die de aanbevelingen van de dokter opvolgden om de drank te laten staan.

Het bewijs was opzienbarend: bijna elke hoeveelheid alcohol voldeed om het risico op overlijden aan HVZ – of zelfs aan iets anders – te verminderen.

Maar die positieve boodschap werd gebagatelliseerd door de onderzoekers, die tegen journalisten zeiden: ‘Alcohol wordt in verband gebracht met een verhoogd risico op het ontwikkelen van andere ziekten, zoals kanker. Mensen met hart- en vaatziekten die niet drinken, moeten niet worden aangemoedigd dat wel te gaan doen.’15

Binnen een paar dagen verscheen echter een andere studie, die de eerdere opnieuw tegensprak. Een negen jaar durend onderzoek onder meer dan 300.000 drinkers wees uit dat mensen die voornamelijk alcohol dronken bij de maaltijden (d.w.z. wijn of bier) tijdens de onderzoeksduur ongeveer 20 procent minder kans liepen op kanker, hartaandoeningen of overlijden. Deze gezondheidsvoordelen werden gevonden bij mensen die aanzienlijke hoeveelheden alcohol dronken. Het hoogste cijfer kwam overeen met meer dan een halve fles wijn of twee pinten (halve liters) licht bier per dag.16

Die totaal andere boodschap van het onderzoek van de dag ervoor wordt nog gekker als je bedenkt dat beide onderzoeken gebruikmaakten van dezelfde database: de UK Biobank. Het is genoeg om je aan de drank te krijgen – wat, met mate, nog goed voor je kan zijn ook.

Bronnen
1 Am J Clin Nutr, 2018; 107: 484–94
2 Adv Nutr, 2020; 11: 1384–91
3 The New York Times, Jun 18, 2018. “It was supposed to be an unbiased study of drinking. They wanted to call it ‘Cheers.’”
4 Alcohol, 2002; 37: 409–15
5 BMJ, 1999: 319: 1523–8
6 Eur J Nutr, 2021; 60: 123–34
7 J Stud Alcohol Drugs, 2016; 77: 185–98
8 Cancer Epidemiol Biomarkers Prev, 2007; 16: 2436–47
9 The Sunday Times, Oct 28, 2017. “Cut in drink limit ignored advice”
10 https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/alcohol.aspx#blokwat-is-het-advies-over-het-drinken-van-alcohol?
11 Lancet, 2018; 391(10129): 1513–23
12 Lancet Oncol, 2021; 22: 1071–80
13 BMC Med, 2021; 19: 167
14 Cancer Res Treat, 2018; 50: 474–87
15 The Telegraph, July 27, 2021
16 Mayo Clin Proc, 2021; 96: 1758–69

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Uitgelezen; Wie ben ik als niemand kijkt

Liesbeth Woertman onderzoekt in dit boek het leven van vrouwen in vooral de derde levensfase (na de pensionering) en de laatste vierde levensfase (vanaf ongeveer 75 jaar). Wat betekent het voor hen om een ouder lichaam te hebben in een tijd van geseksualiseerde,...

Basisrecept voor elke dag

Heb jij dat ook aan het begin van een nieuw jaar? Ik sta altijd een beetje te trappelen van ongeduld. Wat zal het nieuwe jaar aan bijzondere ontmoetingen en ontwikkelingen met zich meebrengen? Voor wat voor uitdagingen komen we te staan? Hoe zullen de seizoenen...

Innerlijke reis; ik blijf me verwonderen

Een tante gaf Kor Koetje een boek uit de boedel van een boer, en dat bracht hem in zijn tienerjaren op het pad van de natuurgeneeskunde. Het was Homeopathie in de praktijk van dr. J. Voorhoeve uit de jaren 20 van de vorige eeuw. Koetjes’ schoonzus was zijn eerste...

Boezemfibrileren vaak niet opgemerkt

Atriumfibrilleren, of boezemfibrilleren, is een veelvoorkomende volksziekte bij mensen op hogere leeftijd. Het wordt niet altijd opgemerkt door de arts of de patiënt. Boezemfibrilleren is goed behandelbaar, maar onbeschermd is er een sterk verhoogde kans op...