De geheime oorzaak van depressie en verslaving

[Dossier: Depressie]

De geheime oorzaak van depressie en verslaving

Bryan Hubbard, uitgever van ons Britse moederblad What Doctors Don’t Tell You, leed jarenlang aan depressies. In dit artikel doet hij uit de doeken wat hij ontdekte over een van de oorzaken van dit probleem.

Door Bryan Hubbard

Ik ben mijn chronische depressie te boven gekomen doordat ik inzag wat er aan de hand was en waarom ik er tien jaar lang met tussenpozen aan had geleden. Tegelijkertijd besefte ik dat de oorzaak van mijn depressie – en die van talloze anderen – vaak niet herkend wordt.
Depressie en verslaving zijn twee van de meest voorkomende aandoeningen, en toch weten we er maar heel weinig over. Miljoenen mensen slikken antidepressiva om de dag door te komen, en nog meer mensen hebben een verslaving, bijvoorbeeld aan alcohol, roken, drugs, gokken of porno. Toch weten we vaak niet hoe we aan deze problemen komen.
De gangbare opvatting is dat ze een lichamelijke oorsprong hebben: de hersenen zijn chemisch uit evenwicht of er gaat iets ‘mis’ in de communicatie tussen bepaalde hersendelen. Bij depressie zijn er bovendien sociale factoren zoals verlies en verdriet, die een depressieve periode kunnen uitlokken, en bij verslaving spelen chemische factoren een rol.
Hoewel dit ongetwijfeld allemaal klopt, verklaart het nog niet wat er precies gebeurt. Hoe kan een gedachte of herinnering – na het overlijden van een geliefde – gevoelens van depressie oproepen? Blijkbaar zijn het niet ‘alleen maar’ gedachtes of herinneringen, maar hebben ze ook het vermogen om u en uw stemming te veranderen. En bij een verslaving kun je je afvragen waarom iemand eigenlijk verslaafd is geworden.

Spirituele crisis
Ik ben ervan overtuigd dat aan veel depressies en verslavingen vaak dezelfde oorzaak ten grondslag ligt: het diepgewortelde geloof dat het leven beter kan – en zou moeten – zijn dan het is. Deze ontevredenheid heeft een metafysisch aspect, en daarom zijn depressie en verslaving eigenlijk uitingen van een spirituele crisis.
Om zich ontevreden te kunnen voelen, moet de verslaafde of depressieve persoon eerst een tijd hebben meegemaakt waarin hij zich geweldig voelde, in extase was: een gevoel van eenheid met de wereld, een overweldigend gevoel van vreugde, verrukking of geluk. Psychologen noemen dit het ‘oceaangevoel’.
Deze gevoelens hebben we vaker als we heel jong zijn, en steeds minder vaak naarmate we ouder worden en door wereldse zaken in beslag worden genomen.
De meesten van ons kunnen accepteren dat de wereld niet altijd volmaakt is, maar iemand die verslaafd of depressief is, heeft te heftige gevoelens. Hij of zij vindt het moeilijk zich aan te passen aan het leven van alledag. De verslaafde zoekt verlichting door drugs of alcohol te gebruiken, terwijl iemand die depressief is, vermorzeld wordt door zijn of haar eentonige bestaan.
Mijn depressie had geen duidelijke oorzaak, althans niet volgens de gangbare medische opvattingen. Objectief gezien was mijn leven goed, maar ik werd desondanks altijd omhuld door een grijze mist. Ik zag de zin van het leven niet meer in – het had geen betekenis of waarde – en ik had nergens plezier in.

Wie is er depressief?
Op een dag besloot ik dat het genoeg was. Als afgestudeerd filosoof zou ik mijn depressie bestrijden door op zoek te gaan naar mijn identiteit.
Ik begon me af te vragen: wie ben ik, wat in mij is er depressief? Het is een vraag die filosofen al meer dan tweeduizend jaar bezighoudt, en hun antwoorden liggen altijd ergens tussen twee extremen in: het hebben van een ziel en ‘Wij zijn ons brein’.
De moderne neurowetenschap en biologie neigen naar dat laatste antwoord. In wezen beweren ze daarmee dat ik slechts een verzameling gedachtes en herinneringen ben die voor altijd verdwijnt als mijn lichaam dood is. Maar ik had het gevoel dat dat niet klopte; dat we iets rijkers bezitten, dat gemaskeerd wordt door onze stortvloed aan gedachtes.
Want als ik alleen maar een verzameling gedachtes ben, wie is er dan depressief? Dat doet me denken aan het grapje van een oude man die aan zijn zenmeester vraagt: ‘Als ik niet besta, wie heeft er dan rugpijn?’
Ik had het gevoel dat er iets ontbrak aan deze ‘breintheorie’; iets wat voorbijging aan de rijkdom en complexiteit van ons leven. Ik had het gevoel dat ik meer was dan niets. Volgens de breintheorie was mijn chronische depressie te wijten aan chemische processen, maar dat bagatelliseerde wat er met me gebeurde. Mijn depressie – en ik denk die van vele anderen – had een existentieel karakter. Het was een protest tegen het leven dat ik leidde, dat op de een of andere manier beter moest kunnen – en er was geen pil die daarvoor zou gaan zorgen.

Het verleden bepaalt het heden
Als we de spirituele aard van depressie en verslaving willen begrijpen, moeten we allereerst inzien dat ons verleden niet voorbij is: het leeft elke dag in ons verder totdat het ons leven en al onze gevoelens van verwondering overschaduwt. Op een zeker moment hebben we veel gezien en voelen we het gewicht van alle verdriet, teleurstellingen en pijn die we hebben geleden. Uiteindelijk wordt het verleden voor de meesten van ons iets wat ons neerdrukt; het wordt zo zwaar dat we het niet langer kunnen dragen.

Wonden uit onze jeugd
Deze persoonlijke observatie is de afgelopen jaren door onderzoek bevestigd. Onderzoekers van de Centers for Disease Control and Prevention, de Amerikaanse overheidsinstelling voor ziektepreventie en -bestrijding, onderzochten welke invloed de schade uit onze jeugd op volwassen leeftijd nog heeft. Ze trokken een opzienbarende conclusie: hoe meer wij als kind mishandeld zijn – en daaronder schaarden ze alle soorten emotionele en lichamelijke mishandeling – hoe korter we leven. De manier waarop onze ouders met ons omgingen toen we klein waren, bepaalt hoe oud we worden.
Het onderzoeksteam stelde een lijst samen met 18 manieren van mishandeling, die ze ‘negatieve jeugdervaringen’ (adverse childhood experiences, ACE) noemden:

1. Een ouder schold tegen het kind of vernederde het.
2. Een ouder handelde op zo’n manier dat het kind zich fysiek bedreigd voelde.
3. Een ouder sloeg het kind vaak, duwde het of greep het vast.
4. Een ouder sloeg het kind vaak zo hard dat het er sporen of letsel aan overhield.
5. Een ouder streelde of betastte het kind.
6. Een ouder wilde dat het kind hem of haar op een seksuele manier aanraakte.
7. Een ouder probeerde een bepaalde vorm van seksuele gemeenschap met het kind te hebben.
8. Een ouder slaagde erin seksuele gemeenschap met het kind te hebben.
9. Een ouder had een drank- of drugsprobleem.
10. Een ouder gebruikte harddrugs.
11. Een ouder was depressief of psychisch ziek.
12. Een ouder deed een zelfmoordpoging.
13. De moeder werd geduwd of beetgepakt.
14. De moeder werd geschopt, gebeten of met iets hards geslagen.
15. De moeder werd herhaaldelijk geslagen.
16. De moeder werd met een mes of vuurwapen bedreigd.
17. Een ouder zat in de gevangenis.
18. De ouders waren gescheiden of woonden apart.

Van de meer dan 17.000 deelnemers hadden er ongeveer 12.000 minstens één ACE meegemaakt. Dat geldt waarschijnlijk voor ieder van ons. Hoe vaak scholden u ouders tegen u toen u klein was? Hoe vaak hebben ze u vernederd of verteld dat u niet goed genoeg was?
Deze wonden dragen we de rest van ons leven met ons mee en kunnen ons zelfs het leven kosten. Zo ontdekten de onderzoekers dat de deelnemers die zes of meer ACE’s hadden meegemaakt, twintig jaar eerder stierven dan degenen die geen enkele ACE hadden ervaren. David Brown, die het onderzoek leidde, zegt hierover: ‘Het is belangrijk om te weten dat de gevolgen van jeugdtrauma’s zich over iemands hele leven kunnen uitstrekken.’1

Chronisch ziek door jeugdtrauma
Andere onderzoekers, van de Duke Universiteit in Noord-Carolina, kwamen tot dezelfde conclusie. Ze volgden meer dan duizend kinderen uit Nieuw-Zeeland vanaf hun geboorte in 1972 of 1973 tot hun 32e levensjaar. In de eerste tien levensjaren noteerden de onderzoekers alle negatieve ervaringen van de deelnemers, zoals armoede, mishandeling en sociaal isolement.
De deelnemers die drie van dit soort jeugdervaringen hadden meegemaakt, hadden op latere leeftijd vaker een depressie of ontstekingziekte, of een hoge bloeddruk, overgewicht of een te hoog cholesterol. Het onderzoeksteam vermoedt zelfs dat 31 procent van alle depressies en 32 procent van alle gevallen van hoge bloeddruk of cholesterol, een direct gevolg is van een ongelukkige jeugd.2
In weer een ander onderzoek werd ontdekt dat mensen die als kind lichamelijk zijn mishandeld, een veel grotere kans op artrose hebben dan kinderen die een gelukkige jeugd hebben gehad. Esmé Fuller-Thomson, die dit onderzoek aan de Universiteit van Toronto leidde, zegt: ‘Hieruit blijkt opnieuw de noodzaak om onderzoek te doen naar de mogelijke rol van kindermishandeling in de ontwikkeling van chronische ziekten.’3

U bent het verleden
Als het verleden volop aanwezig is en meer is dan alleen een reeks onschuldige gedachtes, spreekt het voor zich dat het u, uw gedachtes, uw gezondheid, uw omgeving en zelfs uw leven kan beïnvloeden.
Ik wil zelfs verder gaan. Uw verleden is u en uw gedachtes. Een van de belangrijkste paradoxen van mijn theorie is: de gedachte denkt de denker. Het is niet zo dat u depressief of verslaafd bent, alsof er een soort ruimte of verschil is tussen u en uw depressie. Nee, de depressie uit zich via u en in dat proces wordt u als het ware gecreëerd.
Het is een vicieuze cirkel. Het verleden blijft groeien als u steeds nieuwe ervaringen hebt die uw negatieve ‘wereldbeeld’ bevestigen. Uiteindelijk wordt u ‘zwaar van de tijd’, zoals ik dat noem; iets wat talloze mensen hebben ervaren die aan depressies lijden of verslaafd worden. Elk gevoel van welbehagen of vreugde wordt tenietgedaan door het verleden, dat alles overschaduwt.

Genezing
Dus hoe ontsnapt u aan deze vicieuze cirkel? We moeten voorzichtig te werk gaan, want de volgende vraag is net zo belangrijk: wie stelt die vraag? De wens om van de depressie of verslaving af te komen, komt bij de depressie of verslaving zelf vandaan en is dus een voortzetting van het probleem. Natuurlijk kan er enige verbetering worden bereikt door therapie, maar het onderliggende probleem − het verleden dat alsmaar bevestigd wordt − blijft bestaan. Hoe vaak zien we mensen niet de verslavingskliniek in- en uitgaan, of jarenlang therapeuten bezoeken zonder volledig van hun probleem af te komen?
Onze sterkste bondgenoot is ons bewustzijn, die stille maar altijd aanwezige getuige van onze gedachtes, de ziener achter ons zicht en de luisteraar achter ons gehoor. Ons bewustzijn is een intelligente waarnemer die de denkprocessen uit het verleden gadeslaat. In mijn boek beschrijf ik 21 dagelijkse oefeningen om uw bewustzijn te trainen, waarvan u er twee in de kaderteksten vindt. Deze oefeningen helpen u op een pure manier waar te nemen en de impact van uw verslaving of depressie te laten verdwijnen. Wat overblijft, bent u: een authentiek, natuurlijk individu, bevrijd van depressie of verslaving; een spiritueel wezen.

1 Am J Prev Med, 2009; 37: 389-96
2 Arch Pediatr Adolesc Med, 2009; 163: 1135-43
3 Arthritis Rheum, 2009; 61: 1554-62

Het nieuwe boek van Bryan Hubbard heet The untrue story of you. U leest hierin hoe u het verleden kunt loslaten en helemaal in het heden kunt leven.

[Kadertekst:] Oefening: alleen kijken
Niemand van ons kijkt echt. We kijken bij het oversteken, of lezen onze e-mails, of bekijken een menukaart, maar dat zijn slechts oppervlakkige manieren van kijken. Sinds uw kindertijd hebt u waarschijnlijk niet meer écht gekeken, uit pure fascinatie of nieuwsgierigheid.
Met echt kijken bedoel ik helemaal opgaan in iets anders, zonder te denken aan wat het oplevert. Echt kijken is onvervalst waarnemen, zonder te interpreteren of ideeën aan iets te koppelen. Zodra u probeert te begrijpen of definiëren wat u ziet, stopt u met kijken. Als u naar een bloem kijkt en niet meteen concludeert ‘Het is een bloem’, maar echt blijft kijken, ziet u het waarachtige mysterie ervan.
Maak vandaag tijd om naar één bloem te kijken en bestudeer die nauwkeurig. Neem er de tijd voor, neem haar visueel in u op, laat haar op u inwerken totdat de ruimte tussen u en de bloem verdwijnt.
In dat ogenblik, waarin de tijd lijkt stil te staan, kunnen er kleine wonderen gebeuren. Uw ‘ik’ kan bijvoorbeeld tijdelijk in de bloem verdwijnen, en op dat moment is die bloem even het enige wat er in het hele universum bestaat.
En wat nog mooier is: gedachtes aan uw werk of andere beslommeringen verdwijnen, en u zult zien dat u volkomen rustig bent in dat ogenblik van volledige aandacht. U ziet alles heel helder, niet gefilterd. Als u naar die bloem kijkt, verdwijnt niet alleen de ruimte tussen de bloem en u, maar ook de mogelijkheid om u ongelukkig of verdrietig te voelen.

[Kadertekst:] Oefening: gedachtes observeren
Om gedachtes te begrijpen – waar ze vandaan komen en wat het zijn – moeten we heel stil zijn. Die stilte is er als u aandachtig bent. Maar stilte is net een spier: u moet er regelmatig mee oefenen, anders valt u terug in een minder bewuste toestand en verliest u uw aandacht.
Als u stil en kalm bent, schrijf dan elke gedachte en elk gevoel op waarvan u zich bewust bent. Dat bewustzijn ontstaat pas ná de gedachte of het gevoel: op het moment dat u denkt, is er geen ‘u’ om die gedachte waar te nemen! U hebt heel veel gedachtes en gevoelens op een dag, variërend van ‘Ik heb honger’ tot ‘Ik heb een hekel aan hem’. Maakt u zich geen zorgen: uw papier zal niet vol raken, want u zult niet voortdurend genoeg aandacht hebben om elke gedachte en elk gevoel te noteren.
Dit is een zeer subtiele oefening. Het is belangrijk dat u niet oordeelt of veroordeelt – ook dat zijn weer gedachtes. U hoeft geen onderscheid te maken tussen uw gedachtes. Een gedachte aan God is niet beter dan een gedachte aan een auto; het is gewoon een andere gedachte.
Neem het papier mee naar bed. Vlak voordat u gaat slapen is een goed moment om uw gedachtes en gevoelens op te schrijven. Leg papier en pen naast uw bed voor het geval u wakker wordt en iets wilt opschrijven. Hoe vaker u dit doet, hoe vaker dat zal gebeuren.

[Streamers:]
Blijkbaar hebben gedachtes of herinneringen het vermogen u en uw stemming te veranderen.
Als ik alleen maar een verzameling gedachtes ben, wie is er dan depressief?
Mijn depressie was een protest tegen het leven dat ik leidde, dat op de een of andere manier beter moest kunnen.
Uiteindelijk wordt het verleden voor de meesten van ons iets wat ons neerdrukt.
Hoe meer wij als kind mishandeld zijn, hoe korter we leven.
Ons bewustzijn is een intelligente waarnemer die de denkprocessen uit het verleden gadeslaat.

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere artikelen van Bryan Hubbard

De medicijnen zijn heerlijk

Het Laatste woord: De illusie van de goochelaar

Het laatste woord; Is het beter om niets te voelen?

Het laatste woord

Artsen weten wel beter

Column dr. Wendy Lin; Handzenuw in de knel

Anderhalf jaar geleden kwam een man in mijn praktijk. Hij was net gepensioneerd. Zijn hele leven was hij internationaal correspondent geweest, dus hij had veel tijd achter zijn toetsenbord doorgebracht. Tuinieren was de hobby waarin hij altijd zijn rust had gevonden....

Bryan Hubbard avatar

Over de auteur

Bryan Hubbard studeerde filosofie aan de universiteit van Londen. Hij is de echtgenoot van Lynne McTaggart en samen zijn zij directeur van twee uitgeverijen, WDDTY Publishing Ltd en New Age Publishing Ltd. Hij is uitgever van het maandblad What Doctors Don’t Tell You. ( Het moederblad van Medisch Dossier)
Lees meer artikelen van Bryan Hubbard