Maart 2020. De eerste coronagolf. Woest trappend onder een staalblauwe hemel fietste ik van de huisartsenpost naar huis. De uren daarvoor had ik ingepakt gezeten in een schort, masker, spatbril en haarnetje. Thuis pende ik mijn ervaring op. Is dit geneeskunde? Als een onherkenbaar marsmannetje angstige patiënten te woord staan? Het werd het begin van het boek dat ik al langer wilde schrijven. Ik greep de coronacrisis aan om uit te leggen hoe de gezondheidszorg functioneert. Met 38 jaar werkervaring als huisarts op de eerste lijn schreef ik Bodemloos – zorg voor de zorg.
Door: Michael Smulders

Michael Smulders
Augustus 1982. Samen met een collega startte ik met een zogenaamde vrije vestiging. Wij deelden de interesse in homeopathie én werken vanuit een kleinschalige praktijk. Waarbij we niet schuwden om kritisch te kijken naar de universitaire geneeskunde en het complementaire veld.
Na een zomer lang timmeren, behangen en verven was de praktijkruimte klaar. Een praktijk met nul patiënten. De eerste die belde vroeg: ‘Kan ik nog patiënt worden?’
Deze vraag – die natuurlijk met schaterend ‘ja’ werd beantwoord – zou de jaren daarop nog vaak worden gesteld, want de belangstelling voor een homeopathisch huisarts – met een andere aanpak dan die men gewend was van de reguliere zorg – was groot.
Op een huisartsendag werd eens de vraag gesteld: ‘Zou je kinderen aanraden om huisarts te worden?’ Het meest gegeven antwoord was: ‘Hoewel ik het een geweldig beroep vindt, zou ik ze het niet aanraden.’
En als ik zie hoe de gezondheidszorg vergaand is geprotocolleerd, zou ik dat zelf ook niet doen. Maar toch heb ik me daar nooit veel van aangetrokken. Je moet je beroep zelf leuk maken. En dat heb ik gedaan, samen met mijn patiënten.
Gezondheid komt niet van de zorg maar van ons zelf
Wat maakt het beroep huisarts nu leuker? Integraal werken. De hoofdlijnen leer je van je collega’s, maar de details leer je van patiënten, is mijn overtuiging. Je beroep wordt zoveel interessanter als je langs protocollen heen de mens ziet die op je spreekuur komt. Ik bood mijn patiënten een luisterend oor en een onconventionele aanpak en leerde iedere dag van hen.
Gezondheid komt niet van de gezondheidszorg, maar van ons zelf. Preventie is geen medische interventie, maar een naar binnen gerichte aandacht, waardoor ik patiënten steeds vaker aanspoorde hun (medische) levensgeschiedenis uit te schrijven.
Van daaruit start een zoektocht die je met elkaar aangaat. Daarbij worden geen oplossingen bij voorbaat uitgesloten. Soms is de ervaring van de arts met de juiste expertise daarbij behulpzaam, maar evenzo kan de oplossing die de patiënt kiest belangrijk want ‘passend’ zijn.
In de coronatijd probeerde de overheid mensen te beïnvloeden met de leus ‘Alleen samen krijgen we corona onder controle’. Die leus wil ik graag vervangen door: ‘Alleen met een integraal model kunnen we gezondheids(zorg)problemen oplossen.’ ●
Meer informatie: michael-smulders.nl
