17-08-2008

Chelatietherapie

Of u de huisarts laat behandelen of doe-het-zelver bent, Chelatie is een nuttige, zij het kostbare manier om giftige stoffen uit het lichaam te verwijderen.Chelatietherapie valt in het gebied tussen de conventionele en de alternatieve geneeskunde. Voorstanders vinden dit tragisch omdat chelatie duizenden levens heeft gered – een bewering die door tegenstanders op grote schaal wordt verworpen.

De term ‘chelatie’ komt van het Griekse woord voor ‘klauw’. Chelatie is een proces waarbij de ene substantie een chemische verbinding aangaat met de andere – in dit geval om de giftige werking ervan te beperken. Chelatie werd vijftig jaar geleden ontwikkeld om vergiftiging door ongelukken met giftige metalen als lood of kwik te behandelen.

EDTA

De eerste chemische stof die voor chelatie werd gebruikt was EDTA, een afkorting voor ethyleendiaminotetra-acetaat, een synthetisch aminozuur dat zich chemisch vasthecht aan allerlei metalen. EDTA wordt in de bloedbaan gespoten, waar het metaaldeeltjes in bloed en weefsels ‘grijpt’, deze in een ander soort molecule verandert en uit het lichaam afvoert.

Gewoonlijk rekent het lichaam met gifstoffen af door ze te neutraliseren in de lever. De lever absorbeert gif uit het bloed, verandert de chemische samenstelling, maakt het in water oplosbaar en scheidt het via de gal en de ontlasting uit. Maar is er te veel gif in het lichaam, zoals metalen, dan is de lever soms niet in staat de boosdoener snel genoeg te ontgiften – vandaar de noodzaak van chelatietherapie.

Toen artsen werknemers in batterijfabrieken en schildersbedrijven met EDTA behandelden voor hun loodvergiftiging, ontdekten ze voor het eerst dat sommige oudere werknemers met atherosclerose (dichtgeslibde aderen) ook niet meer klaagden over aandoeningen als angina.

Dit bracht de mogelijkheid naar voren dat EDTA op een of andere wijze de vetafzetting op de aderwanden, samen met het lood in de bloedbaan, wegspoelde, wellicht door een verbinding aan te gaan met het calcium in de verkalkte laag.

In de Verenigde Staten pasten sommige artsen chelatie op hartpatiënten toe. Al snel deden ze verslag van spectaculaire verbeteringen van de bloedbaan, bloedstolling, hoge bloeddruk, angina en perifere vaatziekten. Om de bloedbaan nog gezonder te maken voegden ze andere ingrediënten aan de EDTA toe, zoals vitamine B en C en magnesium.

Tegenstanders

Omstreeks de jaren tachtig waren duizenden cardiovasculaire patiënten over de hele wereld behandeld met chelatie. In 1988 bleek uit een retrospectieve analyse van bijna 3000 Zuid-Amerikaanse patiënten dat bijna 80 procent een ‘uitgesproken’ verbetering vertoonde voor ischemiesymptomen (verminderde bloedtoevoer)1.

In deze periode groeide het verzet tegen de techniek, hoofdzakelijk vanuit de hoek van de reguliere cardiologen en chirurgen. Aangezien geen van de patiënten op een degelijk klinische manier was onderzocht, werden openlijk beschuldigingen geuit dat de werking ‘niet bewezen’ was.

Nadat een placebo-gecontroleerd experiment met 152 patiënten geen enkel voordeel kon aantonen, mondde het verzet al snel uit in aanklachten van ‘kwakzalverij’.2

Voorstanders van chelatie brachten daartegenin dat het experiment slordig was uitgevoerd, en zij zetten een nog groter onderzoek op – deze keer met meer dan 23.000 patiënten van wie naar men beweerde 87 procent ‘klinische verbeteringen had laten zien na objectief onderzoek’.3

De critici reageerden met nog een dubbelblind onderzoek waarin 32 cardiovasculaire patiënten met claudicatio intermittens (‘etalagebenen’; te wijten aan geblokkeerde beenaderen) willekeurig chelatie of een placebo met intraveneuze zoutoplossing kregen ingespoten.

Het resultaat was dat 60 procent van de patiënten in beide groepen ‘een verbetering vertoonde in de afgelegde loopafstand’4. Tegenstanders trokken onmiddellijk de voor de hand liggende conclusie: chelatie werkt alleen maar dankzij het placebo-effect.

Voorstanders

Tot op heden heeft van de vijf dubbelblind placebo-gecontroleerde experimenten met chelatietherapie bij cardiovasculaire ziekten slechts één kleinschalig onderzoek enig voordeel aangetoond.5 Niettemin raakt de behandeling maar niet in de vergetelheid.

Critici menen dat dit komt doordat chelatie een gemakkelijke manier is om lichtgelovige patiënten het vel over de oren te halen, maar de beoefenaars blijven volhouden dat de therapie werkt. ‘Ik heb genoeg voorbeelden gezien van chelatie die werkte en ben ervan overtuigd dat het in moeilijke gevallen nut kan hebben,’zegt dr. Rajendra Sharma van The Diagnostic Clinic in Londen.

Sommige chelatietherapeuten wijzen op een mogelijk conflict tussen chelatie en machtige belangengroepen. ‘Het meeste medisch onderzoek wordt ondersteund en opgezet door de farmaceutische industrie en leveranciers van medische apparatuur.

EDTA-chelatie zou weleens gevaar kunnen opleveren voor de verkoop van hun medicijnen en instrumenten,’zegt dr. Roger Jones van de Londense Regent Clinic. ‘Veel negatieve experimenten zijn door mensen uitgevoerd die bevooroordeeld waren tegen chelatie, soms om hun eigen markt te beschermen,’voegt dr. Wayne Perry van de Arterial Disease Clinic in Londen daaraan toe, ‘en bovendien is het moeilijk om een werkelijk dubbelblinde procedure uit te voeren.’

Dr. Perry is nu halverwege zijn eigen experiment, waarbij hij gebruikmaakt van een nieuw systeem met computerbeelden om de bloedstroom door de aderen op een niet-invasieve manier te meten. ‘Het objectieve klinische bewijs van een verbeterde bloeddoorstroming spreekt voor zich,’ zegt hij.

Perry voelt zich aangemoedigd door onderzoeken met Dopplerechografie die tien jaar geleden in de Verenigde Staten werden uitgevoerd en die aantoonden dat aderen na chelatie gemiddeld 28 procent wijder waren – en in sommige gevallen zelfs volledig vrij van atherosclerose.6 Vorig jaar is er een andere objectieve graadmeter opgedoken: homocysteïne.

Dit natuurlijke aminozuur is een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten; sommigen beweren zelfs dat het er de hoofdoorzaak van is. Perry heeft aangetoond dat het homocysteïnegehalte na chelatie soms gehalveerd is.

‘Jarenlang hebben we intraveneuze voedingsstoffen aan EDTA toegevoegd en het nut ervan gezien, zonder precies te begrijpen waarom,’zegt hij. ‘We kunnen het nu in elk geval gedeeltelijk verklaren door de vitamine B in de chelatiecocktail die homocysteïne afbreekt.’

Doelgroep en bijwerkingen

In Nederland is chelatietherapie niet zo populair als in Amerika, waar meer dan een half miljoen mensen behandeld werden. Aangezien chelatietherapie giftige stoffen via de nieren afbreekt, kunnen mensen met een nieraandoening zich er beter niet aan wagen.

Mensen met congestief hartfalen lopen ook een risico, omdat intraveneuze toediening van vloeistoffen een teveel aan vocht kan veroorzaken. Er werden ook een paar gevallen van allergische reacties gemeld.

Andere zeldzame bijwerkingen zijn koorts, te lage bloeddruk, abnormaal laag calciumgehalte in het bloed, hoofdpijn, misselijkheid, braken en beenmergdepressie. Ironisch genoeg is de belangrijkste bijwerking van EDTA dat metalen verwijderd worden – niet alleen giftige, maar ook essentiële mineralen zoals zink, calcium en ijzer.

Patiënten dienen tijdens de behandeling dus nauwlettend in de gaten te worden gehouden en hun mineraalgehaltes moeten na de behandeling aangevuld worden.

Verder dan EDTA

Vervolgens deed DMSA (dimercaptosuccinylzuur) zijn intrede, een ander chelatisch aminozuur. DMSA heeft weinig effect op mineralen, behalve op lood en kwik. Het is gebruikt voor kinderen die aan hoge loodgehaltes in het milieu werden blootgesteld (voornamelijk door benzinedampen en waterleidingen) en voor volwassenen van wie vermoed werd dat ze kwikvergiftiging hadden (voornamelijk door de amalgaamvullingen in hun kiezen). Anders dan EDTA wordt dit zuur meestal oraal ingenomen.

Omdat DMSA specifiek op lood en kwik inwerkt, veronderstelt men dat het veiliger is dan EDTA.7 Het wordt ook gebruikt als test om na te gaan of er een kwikvergiftiging is. Als er na inname van DMSA veel kwik in de urine wordt aangetroffen, wijst dat mogelijk op te veel kwik.

DMPS (dimercapto-1-propaansulfonaat) is ook een chelatiestof, die meestal via een infuus wordt toegediend. Een onderzoek toonde echter aan – bij ratten, dus niet per se op mensen van toepassing – dat het minder efficiënt was dan DMSA voor de afbraak van lood8 en minder goed werkte dan DMSA bij het elimineren van cadmium9. Ook zijn er anekdotische meldingen gedaan van bijwerkingen.

Natuurlijke alternatieven

Wat de verdiensten van deze drie chemische chelatieproducten ook zijn, ze hebben elk ook hun nadelen – een daarvan is de prijs, een ander de verkrijgbaarheid. In Nederland wordt EDTA het meest gebruikt, DMSA en DMPS zijn nog omstreden. In de VS is DMPS nog niet goedgekeurd door de FDA. Goedkopere doe-het-zelfalternatieven zijn er wel, maar waarschijnlijk duurt het langer voor deze werken.

Voor u een chelatietherapie gaat doen is het belangrijk u af te vragen waarom u wilt ontgiften. Voor veel mensen zijn giftige metalen, met name kwik, een reden tot zorg. Blootstelling aan kwik komt door tandheelkundige vullingen en tonijn; aan aluminium door kookgerei; aan lood door uitlaatgassen van auto’s en door waterleidingen (een risico dat kleiner wordt); en aan cadmium door dieselmotoren en sigarettenrook.

Zoals gewoonlijk kan de wetgeving dom zijn. De wetgeving rond kwik is daarvan een goed voorbeeld. Zo zijn amalgaamvullingen in Oostenrijk verboden, wordt er in Duitsland officieel tegen gewaarschuwd en komt er in Zweden binnenkort een verbod op. Elders in Europa zijn de autoriteiten er nog steeds niet van overtuigd dat kwikzilvervullingen in de mond problemen kunnen geven voor mensen die gevoelig zijn voor bepaalde stoffen in de omgeving of mensen met een beschadigd immuunsysteem.

Toch heeft de EU kwikthermometers in de ban gedaan, ook al is er geen enkel bewijs dat deze ooit iemand schade hebben toegebracht (hoewel ze een mogelijk gevaar opleveren voor het milieu). En ook staat de EU toe dat de industrie elk jaar het milieu belast met tonnen aan giftig kwikafval.

Wat de experts ervan zeggen

Omdat het lichaam zijn eigen natuurlijke chelatiesysteem heeft (voornamelijk via lever en nieren) zal elke oraal ingenomen doe-het-zelfchelatie Moeder Natuur een handje helpen. Aangezien een paar klinische onderzoeken vaststelden waaruit een optimaal pakket moet bestaan, kunnen deskundigen vaak hun eigen therapie samenstellen.

Zo gebruikt dr. Sharma van The Diagnostic Clinic een cocktail van knoflook, NAC (N-acetylcysteïne) aminozuren zoals methionine, antioxidanten (vitamine C en seleen) en een homeopathische combinatietherapie die Amalex heet.

Deze combinatie van lever-oppeppende en ontgiftende stoffen kan het lichaam helpen zich geleidelijk van lichte metaalvergiftiging te ontdoen.Voor cardiovasculaire ziekten gebruikt dr. Sharma hoge doses antioxidanten, plus de oude Tibetaanse kruidentherapie, Padma-28.

Dit heeft uitstekende resultaten opgeleverd voor claudicatio intermittens (‘etalagebenen’). Twee keer daags een dosis van 340 mg tabletten bleek tijdens goed opgezette klinische experimenten de loopafstand te verdubbelen.10

Een andere manier om te ontgiften is om te beginnen uzelf niet vrijwillig te vergiftigen. Voedingsdeskundige Patrick Holford adviseert om ‘giftige’ drankjes en voeding te laten staan, zoals koffie, alcohol, suiker, wit brood en dierlijke vetten, en glucosinolzuurrijke (zoals broccoli, witlof, (boeren)kool, bloemkool en andere koolsoorten) en zwavelrijke (uien en knoflook) alternatieven te kiezen. Bovendien adviseert Holford vitamine A, C en E-supplementen aan en het kruid melkdistel.

Anderen bevelen supplementen aan met hoge doses vitamine A, B-complex en C, seleen, magnesium en zink als een goede basis voor ontgiften. Dit kan worden aangevuld met druivenpitextract, mariadistelzaadextract, geelwortelextract en/of artisjokbladerenextract – waarvan bekend is dat ze het glutathiontransferase doen toenemen, een natuurlijk eiwit dat giftige samenstellingen bindt en ze uit het lichaam wegspoelt.

Maar voordat u met een van deze extracten begint, dient u zeker te weten dat u echt aan metaalvergiftiging lijdt. Het probleem met een zelfdiagnose is dat de symptomen nogal uiteenlopen – van hoofdpijn, spierpijn, trillerigheid, duizeligheid en depressie tot ernstige neurologische problemen zoals schizofrenie, multiple sclerose, Parkinson en chronisch vermoeidheidssyndroom. De veiligste diagnose is dus via het laboratorium.

Tony Edwards

BRONNEN:
1 Med Hypoth, 1988; 27: 41-9
2 Am J Surg, 1991; 162: 122-5
3 J Adv Med, 1993; 6: 139
4 Circulation, 1994; 90: 1194-9
5 J Nat Med Assoc, 1990; vol 82
6 Townsend Lett Docs, 1992; 106: 382-3
7 Altern Med Rev, 1998; 3: 199-207
8 Chem Res Toxicol, 1994; 7: 585-9
9 J Toxicol Environ Health, 1996; 47: 173-82
10 Ugeskr Laeger, 1994; 156: 6207-9.


Testen op giftigheid

De meesten van ons weten niet bij wie ze voor betrouwbaar onderzoek moeten zijn. Als u cardiovasculaire symptomen heeft, kunt u cardiovasculaire testen zoals cholesterolgehalten en Dopplerechografie meestal na verwijzing door de huisarts verkrijgen. Testen op metaalvergiftiging (haaranalyse, urineonderzoek op kwik, bloedonderzoek) dienen meestal op eigen initiatief te worden uitgevoerd. De kosten per onderzoek liggen rond de 150 euro. De volgende centra kunnen u helpen:
– de Amsterdam Kliniek in Amsterdam (020 6975361);
– Instituut voor Functionele Geneeskunde in Malden (024 3572545).
De meeste aanbieders van chelatietherapie (http://www.natuurlijk-welzijn.org/Adressen/ADR(CG).html) kunnen u doorverwijzen voor onderzoek.


 Centra die chelatietherapie aanbieden

Chelatietherapie wordt slechts door enkele ziektekostenverzekeraars vergoed. De meeste verzekeraars vergoeden alleen het eerste consult en het onderzoek, omdat dit ook door de reguliere arts kan worden verricht. Soms worden de kosten gedeeltelijk vergoedt. Maar als dit alles voor u niet opgaat, kunt u deze therapie op eigen kosten ondergaan. De meeste praktijken bieden chelatie aan voor 100-150 euro per sessie. Een volledige behandeling bestaat uit 15-25 sessies van drie uur. Adressen van aanbieders van chelatietherapie kunt u verkrijgen via de Stichting Natuurlijk Welzijn in Epe (tel 0578 612853 of www.natuurlijk-welzijn.org).

Wilt u dit artikel lezen?

Als abonnee kunt u dit artikel gratis lezen door in te loggen op uw account. Nog geen abonnee? Sluit nu een abonnement af.

Andere archief artikelen

Systeemdenken in de geneeskunde

Een chronische aandoening kun je vaak beter oplossen als je naar de film van het leven kijkt, in plaats van naar een foto van het huidige moment. Dan wordt duidelijk welke factoren een rol speelden in het ontstaan van het ziektebeeld. En ook hoe genezing kan worden...

Leververvetting: Een stille epidemie

Zonder het te weten heeft een vijfde van de Nederlanders te maken met een leveraandoening. Door een voeding rijk aan slechte suikers en vetten slaat de lever op hol en produceert hij grote hoeveelheden vet. Dit vet wordt opgeslagen in de lever waardoor deze vervet en...

Geld staat bovenaan, gezondheid onderaan

De industriële lobby verandert de berichtgeving over de volksgezondheid Dat je tegenwoordig niemand meer kunt vertrouwen, is voor scherpzinnige lezers van Medisch Dossier allang duidelijk. We moeten de adviezen die we krijgen van onze gezondheidsautoriteiten met veel...

Nieuws van Juglen: Acrylamide. Liever niet!

De Europese voedselwaakhond SAFE heeft recent ontdekt dat de hoeveelheid acrylamide in sommige voedingsmiddelen vier tot vijf keer hoger is dan wettelijk toegestaan. Op hun website, www.foodnavigator.com, staat hierover een uitgebreid artikel. Niet alleen in voeding...

Psychedelica als medicijn van de toekomst

Psychedelica worden steeds vaker gebruikt als medicijn. De laatste jaren is er een toename van ceremonies met zogenoemde plantmedicijnen als truffels en ayahuasca. Waar staat de wetenschap en wat kunnen bepaalde middelen doen? Medisch Dossier stelt een aantal vragen...