Afslankprogramma overheid moet aangepakt worden

Categorieën: Maatschappij

Het nieuwe afslankprogramma dat de overheid heeft bedacht wordt veelal niet aangeboden door huisartsen. Vaak weten huisartsen niet, naar welke partijen zij patiënten kunnen doorverwijzen. Om de zogenoemde gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) goed op te zetten is bovendien te weinig geld beschikbaar, volgens de artsen.

Dat bleek zaterdag uit onderzoek van het televisieprogramma De Monitor van KRO-NCRV. De Monitor deed een telefonische rondgang langs tachtig zorggroepen. Zeker de helft daarvan stelde de GLI niet te zullen aanbieden in januari.

3,5 miljoen mensen

Staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid bedacht een nieuw tweejarig leefstijlprogramma dat in de basisverzekering zit. Mensen kunnen hiermee kosteloos gezonder leren leven. Het programma is onderdeel van het Nationale Preventieakkoord van de Rijksoverheid die 1 januari van start is gegaan. Het gaat om 3,5 miljoen mensen die in aanmerking komen voor het afslankprogramma.

Woordvoerder Luuk Elzenga van de Huisartsenvereniging liet aan De Monitor weten dat het programma nog regionaal moet worden gecommuniceerd. Dan weten artsen pas naar wie kan worden doorverwezen, volgens Elzenga. ‘Het is aan de zorgverzekeraars, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en de aanbieders om het leefstijlprogramma beschikbaar te maken en het aanbod duidelijk te communiceren.’

Blokhuis geeft toe in een reactie aan het onderzoeksjournalistieke programma dat de GLI nog niet goed loopt. ‘Het gebeurt vaker dat dat dan niet gelijk heel erg hard gaat. Er is nog werk aan de winkel en die verantwoordelijkheid neem ik ook op me’, aldus de staatssecretaris.

Budgetplafond

Volgens het tv-programma vinden artsen het landelijke budget bovendien te beperkt, waardoor weinig mensen kunnen worden geholpen. Ook is het onduidelijk wat er gebeurt als het budget wordt overschreden. Het budgetplafond mag echter geen struikelblok zijn. Blokhuis zegt daarover tegen De Monitor: ‘Als blijkt dat dit een succes wordt en blijkt dat we daar meer geld voor moeten reserveren, dan gaan we dat gesprek aan.’

Bron: De Monitor