Bloedafwijkingen door allerlei medicijnen mogelijk

Agranulocytose is een ziekte waarbij het lichaam te weinig witte bloedcellen maakt, waardoor de patiënt veel sneller een infectieziekte oploopt. Deze aandoening treedt vaak op als bijwerking bij chemotherapie. Maar dat is bepaald niet de enige boosdoener. Uit een recent onderzoek zijn maar liefst 125 andere geneesmiddelen naar voren gekomen die tot deze afwijking kunnen leiden.
Sinds 1966 zijn er 980 gevallen geweest van agranulocytose door een geneesmiddel dat niet chemotherapeutisch was. Voorbeelden zijn carbimazol (voor de schildklier), clozapine (voor psychoses), dapson (voor lepra en bepaalde huidafwijkingen), penicilline en het monoclonale antilichaam rituximab (voor bepaalde vormen van kanker en reuma). De monoclonale antilichamen zijn een groep die voor meer dan de helft van alle gevallen verantwoordelijk is.
Van alle gerapporteerde gevallen was 6 procent- ofwel 58 in aantallen- fataal.
5Ann Intern Med, 2007; 146: 657-665
 

Trefwoorden
te weinig witte bloedcellen, infectie, biwerking chemotherapie