Depressie: therapie is beter dan medicijnen, maar niet voor iedereen

Depressies worden wel ‘het griepje van de psychiatrie’ genoemd. Massa’s mensen hebben er last van, het is niet al te ernstig en het komt vanzelf wel weer goed of anders is het gemakkelijk te behandelen.
Jammer genoeg kloppen deze uitspraken geen van alle, behalve de eerste. Zeker 15 procent van alle volwassenen heeft weleens een klinische depressie. Twintig procent van hen komt er nooit meer helemaal bovenop en 80 procent van degenen die wel herstellen, krijgt daarna opnieuw een depressieve periode.
Hoewel geneesmiddelen zoals antidepressiva royaal worden uitgedeeld, kreeg slechts 4 procent van de mensen met angst of een depressie het afgelopen jaar therapie aangeboden, zo blijkt uit een nieuw onderzoek. De populairste vorm is cognitieve gedragstherapie, waarbij de patiënten leren vraagtekens te zetten bij hun negatieve gedachten en een positieve strategie te volgen. Uit studies is gebleken dat een wekelijkse cognitieve gedragstherapie even effectief is als antidepressiva: in beide gevallen heeft ongeveer de helft van de patiënten zich na vier maanden van zijn depressie bevrijd4.
4 BMJ, 2006; 32: 1030-1032
 

Trefwoorden
deppressie, antidepressiva cognitieve gedragstherapie