Waarom ik vitamine C gebruik

Maak er een gewoonte van om veel vitamine C te slikken, bij allerlei soorten infecties, zegt Sarah Myhill.

Veel chronische ziekten beginnen met een acute infectie. Daarom kunt u maar beter weten hoe u die moet behandelen. Het is belangrijk om die infecties serieus te nemen en bij de eerste tekenen en symptomen met een behandeling te starten. Op die manier kunnen we voorkomen dat de infectie zich tot een chronische ziekte ontwikkelt, waar u niet zomaar van afkomt.

Het merendeel van de infecties in ons lichaam komen binnen via de neus en mond, en 90 procent van het immuunsysteem bevindt zich in de darmen.

Eén van mijn grote ergernissen zijn maagzuurremmers, zoals protonpompremmers (PPI’s). Een zure maag is van cruciaal belang om ons tegen infecties te beschermen. Ook tegen micro-organismen die we inademen en die aan het slijmvlies van onze luchtwegen blijven plakken, waarna we ze ophoesten en doorslikken. In het zuurbad van de maag overleven ze niet. PPI’s vernietigen deze zure bescherming en vormen zo een uitnodiging voor allerlei infecties.

Het epsteinbarrvirus (EBV) wordt bijvoorbeeld verspreid via het maag-darmkanaal. We kennen dit virus vooral als oorzaak van de ziekte van Pfeiffer, maar het is ook betrokken bij allerlei soorten kanker, minstens 33 auto-immuunziekten. Verder is het de belangrijkste oorzaak van het postvirale vermoeidheidssyndroom of myalgische encefalomyelitis.

Zuurremmers zetten de deur open voor EBV, waarna het – net als alle andere herpesvirussen – de rest van ons leven in de hersenen en het immuunsysteem aanwezig is. Deze ‘ongenode virale gasten’ kunnen we maar beter buiten de deur houden, en een van de beste manieren om dat te doen is door vitamine C te gebruiken.

Fred Klenner, een van de eerste en meest uitgesproken voorstanders van vitamine C-supplementen, zei: ‘Patiënten met allerlei ziektebeelden moeten vast een hoge dosering vitamine C krijgen, terwijl de arts nadenkt over de diagnose.’

Ook Linus Pauling, die twee Nobelprijzen won, keek naar de mogelijkheden van vitamine C. Hij erkende al snel de enorme impact ervan op onze gezondheid. Bij contact met vitamine C leggen alle micro-organismen het loodje: virussen, bacteriën, schimmels... het hele zootje! U moet alleen zorgen dat er voldoende vitamine C in de buurt van de micro-organismen komt. U moet elke indringer hard en snel treffen, voordat hij zich in uw comfortabele, warme en lekkere lichaam nestelt.

Alle zoogdieren kunnen zelf vitamine C aanmaken, behalve mensen, vleerhonden en cavia’s. Vandaar dat mijn hond, hoewel ze alleen maar vlees eet, toch geen scheurbuik krijgt. Van geiten, schapen en koeien weten we dat hun vitamine C-productie bij een infectie enorm stijgt. Mensen missen dit aangeboren verdedigingswapen, dus wij moeten vitamine C via voeding of supplementen zien binnen te halen.

De dosering is van groot belang. Die is voor iedereen anders en verandert door leeftijd, dieet en ziekte. Pauling berekende dat de dosis voor een optimale gezondheid (dus niet net genoeg om scheurbuik te voorkomen) tussen de 4 en 14 gram per dag ligt: dus 4.000-14.000 mg. Voer de dosis op tot ‘darmtolerantie’: de hoeveelheid waarbij u net geen diarree krijgt. Het mooie is dat bij acute ziekte de darmtolerantie enorm toeneemt. Dat is logisch: het lichaam verbruikt meer vitamine C als het micro-organismen moet doden.

Dus wat moet u doen? Zorg dat u een flinke ammunitievoorraad aan vitamine C in huis hebt. Zoek dan uw darmtolerantie op door uw dagelijkse dosis vitamine C elke dag met 1 gram te verhogen (verdeeld over minimaal twee doses per 24 uur).

Tot mijn schrik bleek mijn darmtolerantie bij 30 gram te liggen: een indicatie dat ik heel wat micro-organismen onder de leden had. Maar mijn darmtolerantie daalde binnen enkele dagen en is nu 8 gram: een dagdosering die ik van plan ben mijn hele leven te blijven slikken.

Bij de eerste tekenen van een infectie neem ik meteen 10 gram ineens. Als ik binnen een uur geen diarree heb, neem ik nog eens 10 gram, enzovoorts. Meestal ligt mijn darmtolerantie bij een acute infectie ergens tussen de 30-60 gram.

Deze strategie helpt me al 35 jaar om alle infecties, hoest en verkoudheid en griep voor te zijn, en dat terwijl ik daar als arts dagelijks aan wordt blootgesteld. Ik heb me nooit ziek hoeven melden, behalve een paar dagen vanwege de val van een paard.

Paul Marik van de Eastern Virginia Medical School gaf zijn IC-patiënten die een gevorderde sepsis of septische shock hadden, niet alleen antibiotica maar ook vitamine C in hun infuus. Voordat hij daarmee begon was het sterftecijfer onder deze patiënten 40 procent, maar nu is het nog geen 1 procent. Als het een nieuw antibioticum was geweest, had het een heleboel geld opgebracht!

Marik zegt er het volgende over: ‘In de doseringen die ik gebruik is vitamine C volkomen veilig. Geen complicaties, bijwerkingen of voorzorgsmaatregelen. Er zijn kankerpatiënten die probleemloos doseringen tot wel 150 gram hebben gehad: honderd keer zoveel als wij onze patiënten geven. Bij patiënten met nierinsufficiëntie meten we de oxalaatwaarden [oxaalzuur is een bijproduct van vitamine C]: die bleven allemaal binnen de veilige marge. Bij elke patiënt die wij met dit protocol behandeld hebben, verbeterde de nierfunctie.’ ...

Lees het hele artikel:

Bestel dit nummer of    log in als u abonnnee bent.