Een paar koppen groene thee verminderen het risico op dementie

Iedere dag veel groene thee drinken – idealiter twee of meer koppen – vermindert het risico op cognitieve achteruitgang en dementie.

Bij mensen die regelmatig groene thee drinken, minstens twee koppen per dag, neemt de kans dat ze dementie of andere cognitieve stoornissen krijgen met ongeveer 30 procent af. Maar het risico neemt slechts met 6 procent af bij mensen die per dag slechts één kop groene thee of minder drinken. Een soortgelijk beschermend effect werd niet waargenomen bij het drinken van zwarte thee.

Hoewel al enige tijd verondersteld werd dat groene thee helpt om de cognitieve vermogens te behouden, keken onderzoekers van de Tianjin Universiteit in China opnieuw naar de resultaten van 17 studies met betrekking tot de cognitieve vermogens van 48.435 mensen. Bij de theedrinkers was sprake van een significante vermindering van het risico op cognitieve beperkingen, cognitieve achteruitgang en dementie.

Hoewel we niet precies weten waarom groene thee een beschermend effect heeft, is wel bekend dat groene thee flavonoïden bevat. Dit is gunstig voor de gezondheid van de bloedvaten die de hersenen ‘voeden’. Daarnaast bevat groene thee ook cafeïne wat de mentale alertheid bevordert, en L-theanine. Hiervan wordt gedacht dat het een rustgevend effect heeft.

In een andere studie werd vastgesteld dat zwarte thee – die minder rijk is aan flavonoïden – idealiter twee minuten moet trekken. Dat was voldoende om de flavonoïden vrij te geven. Twee minuten langer laten trekken maakte niet veel verschil uit.

Bron: Oncotarget, 2017; 8: 43306–21 (studie m.b.t. groene thee); J AOAC Int, 2017; 100: 1694–9 (studie m.b.t. tot de tijd die thee moet trekken)